Officiële waarschuwing (getypt).
Origineel
Officiële waarschuwing (getypt). 19 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer H. Polak. extra
HG.
den Heer H.Polak,
Oude IJselstraat 42 III,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 22B.
25/234/4 M. 19 November 1940.
Mij is gerapporteerd, dat U op Donderdag 14 November
jl. de markt aan de Albert Cuypstraat niet op het voorgeschreven
tijdstip met Uw goederen had verlaten.
Ik maan U hierbij aan U ten deze voortaan stipt aan
den vastgestelden tijd te houden.
De Directeur, Dit document is een formele, ambtelijke berisping gericht aan een marktkoopman, de heer H. Polak. De kern van de brief is een waarschuwing vanwege het overtreden van de reglementaire markttijden op de Albert Cuypmarkt op donderdag 14 november 1940. De toon is kortaf en gebiedend ("Ik maan U hierbij aan").
Opvallend zijn de administratieve codes zoals "Wijk 22B" en het dossiernummer, wat duidt op een strikte bureaucratische controle op de marktkooplieden in Amsterdam. De handgeschreven toevoeging "extra" bovenaan suggereert dat dit document mogelijk een kopie is of een speciaal kenmerk kreeg binnen de administratie. De datum van dit document, november 1940, is van cruciaal historisch belang. Nederland was op dat moment ruim een half jaar bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de brief op het eerste gezicht een triviale administratieve kwestie lijkt over markttijden, moet deze gezien worden tegen de achtergrond van de beginnende Jodenvervolging.
De achternaam "Polak" is een veelvoorkomende Joodse naam in Amsterdam. In deze periode van de bezetting begonnen de Duitse autoriteiten, ondersteund door het Nederlandse ambtenarenapparaat, de grip op de Joodse bevolking te verstevigen. Kleine overtredingen door Joodse burgers werden vaak strenger aangepakt of nauwgezetter gedocumenteerd als onderdeel van een proces van uitsluiting. Niet lang na deze brief, in 1941, zouden er specifieke "Joodse markten" worden ingesteld en werd het Joden uiteindelijk verboden om op reguliere markten zoals de Albert Cuyp te staan. Dit document vormt daarmee mogelijk een klein puzzelstukje in de toenemende administratieve druk op Joodse Amsterdammers in het eerste oorlogsjaar. H. Polak Marktwezen