Archief 745
Inventaris 745-318
Pagina 171
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtsbrief / Officiële kennisgeving.

29 november 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam).

Origineel

Ambtsbrief / Officiële kennisgeving. 29 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). [Handgeschreven bovenin]: Verzonden 29/11
[Handgeschreven rechtsboven]: zo en ... [onleesbaar]

den Heer A. van Velzen,
Jodenbreestraat 19 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.

25/240/2 M. 29 November 1940.

Mij is gerapporteerd, dat U op Zaterdag 23 November jl.
de markt aan de Albert Cuypstraat niet op het voorgeschreven tijd-
stip met Uw goederen had verlaten. U heeft daarmede de voorwaarde
overtreden, die was verbonden aan de U voorwaardelijk opgelegde
straf, waarvan U met mijn brief d.d. 20 November jl. (No.25/234/21
M.) mededeeling is gedaan. De bedoelde straf, zijnde ontneming van
het recht om op de markten hier ter stede een plaats in te nemen
voor den tijd van één dag, wordt thans ten uitvoer gelegd. Boven-
dien straf ik U, op grond van de overtreding van 23 November jl.
met ontneming van het recht om op de markten hier ter stede een
plaats in te nemen, eveneens voor den tijd van één dag; beide straf
fen worden ten uitvoer gelegd op Dinsdag 3 en Woensdag 4 December
a.s.

De Directeur,

--- In deze brief wordt de heer A. van Velzen op de hoogte gesteld van een strafmaatregel. De kern van de zaak is een dubbele sanctie:
1. Herroeping van een voorwaardelijke straf: Omdat de heer Van Velzen op 23 november 1940 de markt aan de Albert Cuypstraat niet op tijd verliet, heeft hij de voorwaarden van een eerdere waarschuwing/straf (van 20 november) geschonden. De eerdere straf (één dag marktverbod) wordt nu effectief.
2. Nieuwe straf: Voor de nieuwe overtreding op 23 november krijgt hij nogmaals één dag marktverbod.

Het resultaat is dat hij op dinsdag 3 en woensdag 4 december 1940 geen standplaats mag innemen op de Amsterdamse markten. De toon is zakelijk en strikt administratief.

--- Dit document stamt uit november 1940, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de brief een standaard gemeentelijke aangelegenheid lijkt (marktregulering), is de context van die tijd van belang:
* Locatie: De Albert Cuypmarkt was en is een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De Jodenbreestraat, waar de geadresseerde woonde, lag in het hart van de historische Joodse buurt.
* Bezetting: In deze periode begonnen de Duitse autoriteiten en de door hen gecontroleerde Nederlandse bureaucreatie de regels voor Joodse burgers steeds strikter aan te scherpen. Hoewel deze specifieke brief over een algemene marktovertreding gaat (het niet tijdig verlaten van de markt), werden dergelijke voorschriften in de loop van de bezetting vaak als instrument gebruikt om Joodse marktkooplieden te weren of te bemoeilijken.
* Handhaving: Het document toont de rigide bureaucratische handhaving van stedelijke regels die zelfs in oorlogstijd onverminderd doorging.

Samenvatting

In deze brief wordt de heer A. van Velzen op de hoogte gesteld van een strafmaatregel. De kern van de zaak is een dubbele sanctie:
1. Herroeping van een voorwaardelijke straf: Omdat de heer Van Velzen op 23 november 1940 de markt aan de Albert Cuypstraat niet op tijd verliet, heeft hij de voorwaarden van een eerdere waarschuwing/straf (van 20 november) geschonden. De eerdere straf (één dag marktverbod) wordt nu effectief.
2. Nieuwe straf: Voor de nieuwe overtreding op 23 november krijgt hij nogmaals één dag marktverbod.

Het resultaat is dat hij op dinsdag 3 en woensdag 4 december 1940 geen standplaats mag innemen op de Amsterdamse markten. De toon is zakelijk en strikt administratief.


Historische Context

Dit document stamt uit november 1940, de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de brief een standaard gemeentelijke aangelegenheid lijkt (marktregulering), is de context van die tijd van belang:
* Locatie: De Albert Cuypmarkt was en is een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De Jodenbreestraat, waar de geadresseerde woonde, lag in het hart van de historische Joodse buurt.
* Bezetting: In deze periode begonnen de Duitse autoriteiten en de door hen gecontroleerde Nederlandse bureaucreatie de regels voor Joodse burgers steeds strikter aan te scherpen. Hoewel deze specifieke brief over een algemene marktovertreding gaat (het niet tijdig verlaten van de markt), werden dergelijke voorschriften in de loop van de bezetting vaak als instrument gebruikt om Joodse marktkooplieden te weren of te bemoeilijken.
* Handhaving: Het document toont de rigide bureaucratische handhaving van stedelijke regels die zelfs in oorlogstijd onverminderd doorging.

Locaties

De Albert Cuypmarkt was en is een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De Jodenbreestraat waar de geadresseerde woonde lag in het hart van de historische Joodse buurt.

Gerelateerde Documenten 3