Archief 745
Inventaris 745-318
Pagina 231
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijke notitie / advies met betrekking tot marktzaken.

December 1940 (notities van 9, 17 en 24 december). Dossier: 14, 25/248/1

Origineel

Ambtelijke notitie / advies met betrekking tot marktzaken. December 1940 (notities van 9, 17 en 24 december). [Linksboven - stempel en rode inkt]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/248/1 1940.
DOORGEZONDEN: 9/12-'40.

24/12/40 [initialen]
25/248/251
5

[Rechtsboven - handgeschreven]
016
H. G. Heeremans, pl 273 Alb. Cuypstraat
(Heeft ook pl. 62 Waterlooplein)
Wegens niet geregeld komen op-
roepen per 9 dec '40.

[Midden - hoofdtekst]
Het verzoek van H.G. Heeremans
om ~~slechts~~ hem toe te staan slechts eenmaal
per week en wel op Zaterdag zijn plaats
op de markt van de Alb. Cuypstraat te
mogen innemen, dient m.i. te worden af-
gewezen.

Aan Heeremans moet worden bericht dat hij
zijn plaats op opgemelde markt minstens
twee dagen per week moet innemen, daar
anders de plaats wordt ingetrokken.

[Rechtsmidden - zijnotitie]
Th. v. Moerkerken
advies
12-'40

[Rechtsonder - datering en ondertekening]
17-12-'40 de Kan

[Linksonder - formulierkenmerk]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016

--- Dit document is een ambtelijk advies en besluit betreffende de marktvergunning van de heer H.G. Heeremans. Heeremans beschikt over staanplaatsen op twee prominente Amsterdamse markten: de Albert Cuypstraat (plaats 273) en het Waterlooplein (plaats 62).

De kern van de zaak is een verzoek van Heeremans om zijn aanwezigheid op de Albert Cuypmarkt te mogen beperken tot alleen de zaterdag. Uit de tekst blijkt dat hij al was opgeroepen wegens "niet geregeld komen". De adviserende ambtenaar (Th. v. Moerkerken) en de beslisser (De Kan) wijzen dit verzoek af. De regelgeving vereist blijkbaar een minimale aanwezigheid van twee dagen per week. Wordt hier niet aan voldaan, dan dreigt intrekking van de staanplaats.

De zakelijke, bijna dwingende toon is kenmerkend voor de ambtelijke communicatie uit die tijd, waarbij strikte handhaving van marktreglementen centraal stond.

--- Het document dateert van december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de bezetter, vaak via het lokale apparaat, de grip op het openbare en economische leven te verstevigen.

De genoemde markten, met name het Waterlooplein, stonden bekend om hun grote aantal Joodse kooplieden. Hoewel uit dit specifieke document niet direct de achtergrond van Heeremans blijkt, valt de datum op: eind 1940 en begin 1941 werden de regels voor marktkramers steeds strenger aangetrokken, wat vaak een opmaat was naar het volledig uitsluiten van Joodse handelaren van de markten. De eis van "minimale aanwezigheid" was een effectief middel om handelaren die door andere beperkingen of omstandigheden hun nering niet volledig konden uitoefenen, hun vergunning te ontnemen.

Johannes de Kan, wiens naam onderaan prijkt, was een belangrijke functionaris binnen het Amsterdamse Marktwezen in deze turbulente periode. G. Heeremans H.G. Heeremans M. No Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies en besluit betreffende de marktvergunning van de heer H.G. Heeremans. Heeremans beschikt over staanplaatsen op twee prominente Amsterdamse markten: de Albert Cuypstraat (plaats 273) en het Waterlooplein (plaats 62).

De kern van de zaak is een verzoek van Heeremans om zijn aanwezigheid op de Albert Cuypmarkt te mogen beperken tot alleen de zaterdag. Uit de tekst blijkt dat hij al was opgeroepen wegens "niet geregeld komen". De adviserende ambtenaar (Th. v. Moerkerken) en de beslisser (De Kan) wijzen dit verzoek af. De regelgeving vereist blijkbaar een minimale aanwezigheid van twee dagen per week. Wordt hier niet aan voldaan, dan dreigt intrekking van de staanplaats.

De zakelijke, bijna dwingende toon is kenmerkend voor de ambtelijke communicatie uit die tijd, waarbij strikte handhaving van marktreglementen centraal stond.


Historische Context

Het document dateert van december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de bezetter, vaak via het lokale apparaat, de grip op het openbare en economische leven te verstevigen.

De genoemde markten, met name het Waterlooplein, stonden bekend om hun grote aantal Joodse kooplieden. Hoewel uit dit specifieke document niet direct de achtergrond van Heeremans blijkt, valt de datum op: eind 1940 en begin 1941 werden de regels voor marktkramers steeds strenger aangetrokken, wat vaak een opmaat was naar het volledig uitsluiten van Joodse handelaren van de markten. De eis van "minimale aanwezigheid" was een effectief middel om handelaren die door andere beperkingen of omstandigheden hun nering niet volledig konden uitoefenen, hun vergunning te ontnemen.

Johannes de Kan, wiens naam onderaan prijkt, was een belangrijke functionaris binnen het Amsterdamse Marktwezen in deze turbulente periode.

Genoemde Personen 3

Locaties

Albert Cuypmarkt Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 3