Officiële brief/kennisgeving.
Origineel
Officiële brief/kennisgeving. 14 december 1940. Marktwezen Amsterdam, Jan van Galenstraat 14. Den Heer M. Grootkerk, Nwe. Kerkstraat 77 I, Amsterdam-Centrum (Wijk 10). [Logo: Wapenschild van Amsterdam met drie kruisen, geflankeerd door twee gestileerde figuren]
MARKTWEZEN
AMSTERDAM
[Handgeschreven: Verzonden 14/12]
[Gestempeld: HG.]
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 25/256/2 M.
BIJLAGE _
ONDERWERP: _
AMSTERDAM (W.) 14 December 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN den Heer M.Grootkerk,
Nwe.Kerkstraat 77 I,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 10.
Op grond van het feit, dat U geen geregeld gebruik van de U verleende voorkeurskaart voor de markt Alb.Cuypstraat heeft gemaakt, behoort de inschrijving op de sollicitantenlijst voor bovengenoemde markt, ingevolge artikel 10 van het Reglement op de Markten, te worden geschrapt.
Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op 16 Dec. om 10 uur of op 18 Dec.tusschen 10-12 uur v.m. te komen bij den Inspecteur van mijn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West.
De Directeur,
[Onderaan links:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-9-'39-526. Deze brief is een officiële waarschuwing van de Dienst Marktwezen van de gemeente Amsterdam aan de heer M. Grootkerk. De kern van de boodschap is dat de heer Grootkerk dreigt zijn inschrijving op de sollicitantenlijst voor de Albert Cuypmarkt te verliezen. De reden hiervoor is dat hij zijn 'voorkeurskaart' niet regelmatig zou hebben gebruikt, wat in strijd is met Artikel 10 van het marktreglement.
De brief heeft een formeel-juridisch karakter, maar biedt de geadresseerde nog wel de mogelijkheid tot verweer tijdens een gesprek met een inspecteur op het kantoor aan de Jan van Galenstraat. De korte termijn voor deze oproep (slechts twee tot vier dagen na de datering van de brief) valt op. De datum van deze brief, 14 december 1940, plaatst het document in een beladen historische context: de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve aangelegenheid lijkt, is de achtergrond van de ontvanger van groot belang. De achternaam 'Grootkerk' is een bekende joodse naam in Amsterdam, en het adres (Nieuwe Kerkstraat) lag in het hart van de toenmalige joodse buurt.
In de tweede helft van 1940 begonnen de Duitse bezetters en de collaborerende overheid met het systematisch uitsluiten van joden uit het openbare leven. In de maanden rondom de datum van deze brief werden diverse anti-joodse maatregelen van kracht. Het niet 'geregeld gebruiken' van een marktkaart door een joodse koopman in deze periode kan direct te maken hebben gehad met de toenemende pesterijen, beperkingen of de algemene angst en onzekerheid waarin de joodse gemeenschap verkeerde. Slechts enkele maanden later, in het voorjaar van 1941, zouden joodse marktkooplieden definitief van de algemene markten worden verbannen en werden er speciale 'joodse markten' ingesteld. Dit document kan dus worden gezien als een voorbode van de volledige uitsluiting die spoedig zou volgen. M. Grootkerk Gemeente Amsterdam Marktwezen