Archief 745
Inventaris 745-318
Pagina 294
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële brief/beschikking.

7 januari 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Aan: Mevr. J.M. Drechsler-de Wit, Albert Cuypstraat 122, Amsterdam-Zuid.

Origineel

Officiële brief/beschikking. 7 januari 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Mevr. J.M. Drechsler-de Wit, Albert Cuypstraat 122, Amsterdam-Zuid. extra [handgeschreven]

D/HG.

Mw.J.M.Drechsler-de Wit,
Albert Cuypstraat 122,
Amsterdam-Zuid.

Wijk 14.

25/258/2 M.
7 Januari 1941.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 17 December jl. ver-
leen ik U hierbij tot wederopzegging toestemming zich op Uw
plaats op de markt Albert Cuypstraat te doen assisteeren en voor
zooveel noodig te doen vervangen door Uw broer Leendert de Wit.

De Directeur, In deze brief reageert de directeur van een Amsterdamse gemeentedienst op een verzoek van mevrouw J.M. Drechsler-de Wit. Zij had op 17 december 1940 gevraagd of zij hulp mocht krijgen bij haar marktkraam of zich mocht laten vervangen.

De directeur verleent deze toestemming "tot wederopzegging". Dit betekent dat de toestemming tijdelijk is en op elk moment kan worden ingetrokken. De persoon die haar mag assisteren of vervangen is haar broer, Leendert de Wit. De marktlocatie is de Albert Cuypstraat, een van de belangrijkste markten van Amsterdam. Dit document stamt uit januari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden de regels voor markthandelaren in Amsterdam steeds strenger, mede door de anti-Joodse maatregelen van de bezetter.

Hoewel de brief op zichzelf een routineuze administratieve handeling lijkt, krijgt het een beladen betekenis wanneer we kijken naar de personen. De namen Drechsler en De Wit kwamen veel voor in de Joodse gemeenschap rond de Albert Cuypstraat. Leendert de Wit (geboren in 1904), de broer die in de brief genoemd wordt, was een Joodse Amsterdammer die in 1942 in Auschwitz is vermoord.

Slechts enkele maanden na het schrijven van deze brief, in het voorjaar van 1941, werden Joodse kooplieden volledig verbannen van de reguliere markten en gedwongen naar speciale "Joodse markten". De clausule "tot wederopzegging" in de brief bleek in de praktijk de opmaat naar de totale uitsluiting van Joodse ondernemers uit het openbare economische leven. Dit type documentatie vormt een belangrijk onderdeel van de administratieve sporen van de Holocaust in Nederland.

Samenvatting

In deze brief reageert de directeur van een Amsterdamse gemeentedienst op een verzoek van mevrouw J.M. Drechsler-de Wit. Zij had op 17 december 1940 gevraagd of zij hulp mocht krijgen bij haar marktkraam of zich mocht laten vervangen.

De directeur verleent deze toestemming "tot wederopzegging". Dit betekent dat de toestemming tijdelijk is en op elk moment kan worden ingetrokken. De persoon die haar mag assisteren of vervangen is haar broer, Leendert de Wit. De marktlocatie is de Albert Cuypstraat, een van de belangrijkste markten van Amsterdam.

Historische Context

Dit document stamt uit januari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden de regels voor markthandelaren in Amsterdam steeds strenger, mede door de anti-Joodse maatregelen van de bezetter.

Hoewel de brief op zichzelf een routineuze administratieve handeling lijkt, krijgt het een beladen betekenis wanneer we kijken naar de personen. De namen Drechsler en De Wit kwamen veel voor in de Joodse gemeenschap rond de Albert Cuypstraat. Leendert de Wit (geboren in 1904), de broer die in de brief genoemd wordt, was een Joodse Amsterdammer die in 1942 in Auschwitz is vermoord.

Slechts enkele maanden na het schrijven van deze brief, in het voorjaar van 1941, werden Joodse kooplieden volledig verbannen van de reguliere markten en gedwongen naar speciale "Joodse markten". De clausule "tot wederopzegging" in de brief bleek in de praktijk de opmaat naar de totale uitsluiting van Joodse ondernemers uit het openbare economische leven. Dit type documentatie vormt een belangrijk onderdeel van de administratieve sporen van de Holocaust in Nederland.

Gerelateerde Documenten 3