Getypte doorslag van een officiële brief (ambtelijk schrijven).
Origineel
Getypte doorslag van een officiële brief (ambtelijk schrijven). 12 september 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Handgeschreven, rechtsboven:] m. de Laer [?]
[Handgeschreven, midden boven:] Verzonden 12/9
[Getypt, rechtsboven:] vP/HG.
den Heer Th. Wagenaar,
1e Oosterparkstraat 59 III,
Amsterdam-Oost.
Wijk 11.
27/67/2 M. 12 September 1940.
Naar aanleiding van Uw briefkaart ingekomen op 26 Augustus jl. bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen. Indien U voortaan niet regelmatig een plaats op de markt Ten Katestraat bezet, zal de U verleende voorkeurskaart worden ingetrokken, overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.
De Directeur, Deze brief betreft een officiële waarschuwing aan een marktkoopman, de heer Th. Wagenaar. Hij heeft op 26 augustus 1940 per briefkaart een verzoek ingediend (de aard van het verzoek wordt niet expliciet vermeld, maar het antwoord suggereert dat het mogelijk om een ontheffing van aanwezigheid ging).
De directeur wijst het verzoek af en stelt een ultimatum: als de heer Wagenaar zijn vaste staanplaats op de Ten Katemarkt niet regelmatig bezet, zal zijn ‘voorkeurskaart’ worden ingetrokken. Een voorkeurskaart gaf een koopman het recht op een vaste, vaak gunstige plek op de markt. Het intrekken hiervan zou betekenen dat hij zijn vaste plek verliest en mogelijk zijn bron van inkomsten. De toon van de brief is formeel, bureaucratisch en onverbiddelijk. De brief is gedateerd op 12 september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve kwestie lijkt over het marktreglement, is de historische context van belang.
De Ten Katemarkt was (en is) een belangrijke markt in Amsterdam-West. In de herfst van 1940 begonnen de eerste anti-Joodse maatregelen door de bezetter en het collaborerende stadsbestuur vorm te krijgen. Hoewel uit deze specifieke brief niet direct blijkt of de heer Wagenaar Joods was, werden dergelijke strikte handhavingen van reglementen in die periode vaak gebruikt als instrument om ‘ongewenste’ personen van de markt te weren. De 1e Oosterparkstraat, waar de geadresseerde woonde, lag in een buurt met een aanzienlijke Joodse populatie. De brief illustreert hoe het ambtelijke apparaat in oorlogstijd onverstoord bleef functioneren volgens strikte regels. Marktwezen