Archief 745
Inventaris 745-345
Pagina 1
Dossier 100
Jaar 1941
Stadsarchief

Archiefdocument

6 januari 1941.

Origineel

6 januari 1941. No 8A/10/1 M. 1941 7/4

GEMEENTE AMSTERDAM

No 1960 a Arb. 1940
AMSTERDAM, 6 Januari 1941.

Hierby breng ik te Uwer kennis, dat het Centraal Distributiekantoor de volgende regeling heeft getroffen voor het verstrekken van extra-rantsoenen levensmiddelen aan arbeiders, die langdurigen of nachtarbeid verrichten.

Uitsluitend aan arbeiders in fabrieken of werkplaatsen, bedoeld in art. 2 van de Arbeidswet-1919, die gedurende ten minste één maand onafgebroken elken werkdag lichamelyken arbeid verrichten en die ten gevolge van den grooten afstand van hun woonplaats naar en van hun werk en/of ten gevolge van een langdurigen arbeidsdag 12 of meer uren per dag van hun woning afwezig zyn, kunnen extra rantsoenen worden verstrekt.

Deze zelfde extra rantsoenen kunnen eveneens worden toegekend voor nachtarbeid, doch uitsluitend aan die arbeiders, die by het drie-ploegenstelsel in fabrieken en werkplaatsen als bovenomschreven, gedurende minstens één week uit elke drie weken onafgebroken in de nachtploeg lichamelyken arbeid verrichten. De arbeiders, die in verband met hun werkzaamheden tot de bovenomschreven categorieën (langdurige of nachtarbeid) behooren en die reeds uit anderen hoofde extra rantsoenen levensmiddelen ontvangen (zware of zeer zware lichamelyke arbeid) komen niet voor deze extra rantsoenen in aanmerking. Evenmin komen hiervoor in aanmerking zy, die langdurigen of nachtarbeid verrichten, wanneer die arbeid geen lichamelyke is.

De extra-rantsoenen zyn de volgende:
Brood: 5 rantsoenen per week
Boter of vet: 1 rantsoen per kwartaal
Vleesch of vleeschwaren: 1 rantsoen per week.

Ter verkryging van deze extra rantsoenen dient de werkgever zich tot den plaatselyken distributiedienst te wenden met een lyst in tweevoud, waarop voorkomen de nummers van de distributiestamkaarten en de namen van de arbeiders, waarvoor extra-rantsoenen worden aangevraagd, alsmede de redenen (voor elken arbeider afzonderlyk te vermelden), waarom de werkgever extra rantsoenen levensmiddelen aanvraagt. Aan de werkgevers worden vervolgens voor de arbeiders, die onder deze categorieën vallen, losse bonnen uitgereikt en wel voor boter of vet, brood en vleesch of vleeschwaren voor een periode van 13 weken.

Ten einde contrôle te kunnen uitoefenen, of de werkgever werkelyk de extra bonnen aan de by hem te werk gestelde arbeiders, waarvoor extra aanvrage is verzocht, uitreikt, dienen de betrokken arbeiders by het in ontvangst nemen van de extra bonnen een ontvangstbewys te teekenen. Hierop dienen zy te verklaren, hoeveel bonnen zy van hun werkgever hebben ontvangen en op welken datum. Deze ontvangstbewyzen dient de werkgever zorgvuldig te bewaren en by het afhalen van de extra bonnen voor een volgende periode by den distributiedienst in te leveren.

Aan Heeren Hoofden van Administratiën, Diensten en Bedrijven. * Inhoud: Het document beschrijft de specifieke voorwaarden waaronder handarbeiders in de industrie in aanmerking komen voor extra rantsoenbonnen voor brood, vet en vlees. De regeling is streng: men moet minimaal 12 uur van huis zijn (inclusief reistijd) of in een drieploegendienst werken.
* Administratieve controle: Er is sprake van een strikte bureaucratische controle. De werkgever moet niet alleen gedetailleerde lijsten aanleveren (met stamkaartnummers), maar ook getekende ontvangstbewijzen van de arbeiders bewaren. Dit diende om fraude of handel in bonnen door werkgevers te voorkomen.
* Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (bijv. "lichamelyken", "vleesch", "contrôle") en een formele, ambtelijke toon.
* Uitsluitingen: Opvallend is dat kantoorpersoneel (niet-lichamelijke arbeid) en arbeiders die al extra rantsoenen kregen voor 'zware arbeid' expliciet worden uitgesloten van deze specifieke regeling. * Tijdsbeeld: Dit schrijven dateert van januari 1941, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Distributiestelsel: De schaarste aan goederen dwong de overheid (onder toezicht van de bezetter) tot een streng distributiesysteem. Het "Centraal Distributiekantoor" was de centrale instantie die de toewijzing van voedselbonnen regelde.
* Arbeidsomstandigheden: Het document illustreert de zware omstandigheden voor de werkende klasse tijdens de oorlog; lange werkdagen en reistijden werden fysiek slopend door het groeiende voedseltekort. De extra rantsoenen waren noodzakelijk om de industriële productie op peil te houden.

Samenvatting

  • Inhoud: Het document beschrijft de specifieke voorwaarden waaronder handarbeiders in de industrie in aanmerking komen voor extra rantsoenbonnen voor brood, vet en vlees. De regeling is streng: men moet minimaal 12 uur van huis zijn (inclusief reistijd) of in een drieploegendienst werken.
  • Administratieve controle: Er is sprake van een strikte bureaucratische controle. De werkgever moet niet alleen gedetailleerde lijsten aanleveren (met stamkaartnummers), maar ook getekende ontvangstbewijzen van de arbeiders bewaren. Dit diende om fraude of handel in bonnen door werkgevers te voorkomen.
  • Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (bijv. "lichamelyken", "vleesch", "contrôle") en een formele, ambtelijke toon.
  • Uitsluitingen: Opvallend is dat kantoorpersoneel (niet-lichamelijke arbeid) en arbeiders die al extra rantsoenen kregen voor 'zware arbeid' expliciet worden uitgesloten van deze specifieke regeling.

Historische Context

  • Tijdsbeeld: Dit schrijven dateert van januari 1941, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
  • Distributiestelsel: De schaarste aan goederen dwong de overheid (onder toezicht van de bezetter) tot een streng distributiesysteem. Het "Centraal Distributiekantoor" was de centrale instantie die de toewijzing van voedselbonnen regelde.
  • Arbeidsomstandigheden: Het document illustreert de zware omstandigheden voor de werkende klasse tijdens de oorlog; lange werkdagen en reistijden werden fysiek slopend door het groeiende voedseltekort. De extra rantsoenen waren noodzakelijk om de industriële productie op peil te houden.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Donkers Uilenburg V
A. Kaas Uilenburg V
A. Kerkhoff Uilenburg V
A. Klaassen Uilenburg
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
B. Velthuis Uilenburg
C. Blom Uilenburg
C.W. Egberts Uilenburg Augustus 1941
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6