Archief 745
Inventaris 745-322
Pagina 110
Dossier 28
Jaar 1940
Stadsarchief

Brief (handgeschreven op briefpapier).

24 mei 1940. Van: A. Cohen (namens zijn echtgenote E. Cohen-Saroons), kantoorhoudend aan de St. Ant. Breestraat 32, Amsterdam. Aan: De WelEd. Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam.

Origineel

Brief (handgeschreven op briefpapier). 24 mei 1940. A. Cohen (namens zijn echtgenote E. Cohen-Saroons), kantoorhoudend aan de St. Ant. Breestraat 32, Amsterdam. De WelEd. Heer Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. A. COHEN
VERT. N.V. ZEEPFABRIEK „BILTHOVEN”
ST. ANT. BREESTRAAT 32
AMSTERDAM C.

Amsterdam 24 Mei 1940
№ 29 / 5 / 1 M. 1940 27/5

Aan den WelEd. Heer Directeur van het Marktwezen
Amsterdam
uithosp. [?]

WelEd. Heer,
Met deze neem ik de vrijheid het volgende onder Uw
aandacht te brengen
Mijn Vrouw. E. Cohen. Saroons heeft de afgelopen week een
plaats ingenomen gehad op de Nieuwmarkt zonder Concurrentie,
een koopvrouw Kleerkoper. Goodeveld stond daar tegenover met
lapjes zijden en stof Coupons, doch niet iets wat mijn Vrouw te koop had.
Daar zij bemerkten dat mijn Vrouw iets verkocht, is
genoemde 2 á 3 stukjes goed gaan kopen en is reeds toen bij
de marktmeester gaan beklagen over concurrentie dus na de
4e dag.
In hoofd komt het hier op neer dat mijn vrouw geen bezwaar
heeft wat genoemde te koop heeft of neemt, maar dat een
dergelijk verweer van genoemde niet op zijn plaats is want dan kan
zij wel iedereen verjagen
Mijn vrouw die al jaren de Nieuwmarkt bezoekt is geen
Saisom [Saison] koopvrouw en houdt zich met dergelijke practijken niet op
Beleefd verzoek ik UEd dat mijn Vrouw weer de zelfde
plaats mag innemen en zie met belangstelling Uw
uitspraak tegemoet.

Hoogachtend
A. Cohen. Saroons

P.S.
overal waar men verder komt te staan
komt men wel in de concurrentie.
a. b. [?] In deze brief beklaagt A. Cohen zich bij de directeur van het Marktwezen over een conflict op de Amsterdamse Nieuwmarkt. Zijn echtgenote, E. Cohen-Saroons, heeft daar een standplaats. Een concurrerende koopvrouw (Kleerkoper-Goodeveld) zou volgens de schrijver op oneerlijke wijze hebben geprobeerd mevrouw Cohen van haar plek te krijgen.

De kern van de klacht is dat de concurrente pas ná vier dagen – en nadat zij zag dat mevrouw Cohen goede zaken deed – opzettelijk vergelijkbare handelswaar (stoffen/coupons) heeft ingekocht om vervolgens bij de marktmeester te kunnen klagen over "ongeoorloofde concurrentie". Cohen voert aan dat zijn vrouw een ervaren markthandelaar is en geen "seizoenskoopvrouw", en vraagt de directeur om haar haar oorspronkelijke plek terug te geven. Hij sluit af met de nuchtere observatie dat concurrentie nu eenmaal overal voorkomt waar men staat. De datum van de brief, 24 mei 1940, is zeer markant: dit is slechts tien dagen na het bombardement op Rotterdam en de Nederlandse capitulatie. Terwijl Nederland zich aanpast aan de prille Duitse bezetting, gaat het dagelijks leven en de bijbehorende bureaucratie in Amsterdam schijnbaar onverstoord door.

De namen in de brief (Cohen, Kleerkoper, Saroons) en de locatie van het kantoor (Sint Antoniesbreestraat) duiden op een correspondentie binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam, die op dat moment nog volop deelnam aan het economische leven, kort voordat de bezetter de eerste anti-Joodse maatregelen en uitsluiting van markten zou invoeren. Dit document vormt daarmee een micro-geschiedenis van de handel op de Nieuwmarkt aan de vooravond van een dramatische omslag. A. Cohen C. Marktwezen

Samenvatting

In deze brief beklaagt A. Cohen zich bij de directeur van het Marktwezen over een conflict op de Amsterdamse Nieuwmarkt. Zijn echtgenote, E. Cohen-Saroons, heeft daar een standplaats. Een concurrerende koopvrouw (Kleerkoper-Goodeveld) zou volgens de schrijver op oneerlijke wijze hebben geprobeerd mevrouw Cohen van haar plek te krijgen.

De kern van de klacht is dat de concurrente pas ná vier dagen – en nadat zij zag dat mevrouw Cohen goede zaken deed – opzettelijk vergelijkbare handelswaar (stoffen/coupons) heeft ingekocht om vervolgens bij de marktmeester te kunnen klagen over "ongeoorloofde concurrentie". Cohen voert aan dat zijn vrouw een ervaren markthandelaar is en geen "seizoenskoopvrouw", en vraagt de directeur om haar haar oorspronkelijke plek terug te geven. Hij sluit af met de nuchtere observatie dat concurrentie nu eenmaal overal voorkomt waar men staat.

Historische Context

De datum van de brief, 24 mei 1940, is zeer markant: dit is slechts tien dagen na het bombardement op Rotterdam en de Nederlandse capitulatie. Terwijl Nederland zich aanpast aan de prille Duitse bezetting, gaat het dagelijks leven en de bijbehorende bureaucratie in Amsterdam schijnbaar onverstoord door.

De namen in de brief (Cohen, Kleerkoper, Saroons) en de locatie van het kantoor (Sint Antoniesbreestraat) duiden op een correspondentie binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam, die op dat moment nog volop deelnam aan het economische leven, kort voordat de bezetter de eerste anti-Joodse maatregelen en uitsluiting van markten zou invoeren. Dit document vormt daarmee een micro-geschiedenis van de handel op de Nieuwmarkt aan de vooravond van een dramatische omslag.

Genoemde Personen 2

Locaties

Nieuwmarkt

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Zeep Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 3