Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Origineel
Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. Vrijdag 23 februari 1940. № 37/30/6 (handgeschreven, paars)
№ 208 (gestempeld/getypt)
L.M. 1940 8/3 (stempel, paars)
Markten. (handgeschreven)
Persbericht over de Centrale Markt.
M. 1940 13/3 (stempel, paars)
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Vrijdag, 23 Februari 1940.
[Handgeschreven paraaf/notitie rechtsboven, mogelijk "Opb. P.W."]
De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen brengt ter tafel een schrijven van den Directeur van het Marktwezen, waarin deze toezendt een exemplaar van "Het Nationale Dagblad" van 18 Januari j.l., bevattende een artikel, genaamd "De Lijdensweg bij de Amsterdamsche Markthallen". In dit artikel worden de Directeur, Dr. A. van der Laan, en de ambtenaren van dien dienst, Mr. A. van Praag en J. Broerse, op lasterlijke wijze beschuldigd, zoo mogelijk "iederen nationaal-socialist broodeloos te maken en van de Markt te verwijderen", welke "terreur" zij zouden uitoefenen, ten einde "eigen onkunde en ongeschiktheid" te verbergen.
Mr. Van Praag wenscht dit artikel onder de aandacht van het Parket te brengen, dat ter zake waarschijnlijk een vervolging zal instellen.
De vergadering neemt deze mededeelingen voor kennisgeving aan.
Afschrift hiervan zal worden gegeven aan de afdeeling Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (2 stuks).
Voor eensluidend extract,
de Secretaris,
(get.) VAN LIER.
37 (handgeschreven, rechtsonder) Dit document betreft een formele vastlegging van een besluit (of mededeling) binnen het college van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De kern van de zaak is een klacht over een artikel in Het Nationale Dagblad, de officiële krant van de NSB (Nationaal-Socialistische Beweging).
In het artikel werden de directeur en twee ambtenaren van het Marktwezen ervan beschuldigd NSB-leden systematisch te benadelen en te ontslaan ("broodeloos te maken"). Dit werd door de krant getypeerd als "terreur" om eigen incompetentie te maskeren. De genoemde ambtenaar, Mr. A. van Praag, geeft aan juridische stappen te willen ondernemen via het Parket (het Openbaar Ministerie) wegens laster.
Het document illustreert de felle politieke strijd en de gespannen verhoudingen tussen de NSB en het Amsterdamse ambtenarenapparaat in de maanden voorafgaand aan de Duitse bezetting. De datum van het document, 23 februari 1940, is saillant: het is minder dan drie maanden voor de Duitse inval op 10 mei 1940. Op dat moment genoot de NSB nog geen politieke macht, maar voerde zij een agressieve propagandaoorlog tegen de gevestigde orde, die zij als "anti-nationaal" beschouwde.
De vermelding van Mr. A. van Praag is historisch tragisch. Maurits Abraham van Praag was een Joodse ambtenaar bij de gemeente Amsterdam. De aanvallen van de NSB op hem hadden een sterke antisemitische ondertoon. Na de inval en het begin van de bezetting zouden veel van de ambtenaren die door de NSB werden aangevallen, worden ontslagen of erger. Mr. Van Praag zelf is tijdens de oorlog weggevoerd en in 1943 in Sobibor vermoord. Dit document vormt daarmee een vroege getuigenis van de wijze waarop de NSB individuele ambtenaren als doelwit koos voordat zij de steun van de bezetter kregen.