Archiefdocument
Origineel
geval wordt aan het behoud van Tuinbouw
de voorkeur gegeven omdat de eerste een
meer intensief gebruik van den grond beteekent
dan bij melkveehouderij. Deze laatste kan
veel beter naar elders worden overgebracht
dan tuinbouw. Z. v. R. beaamt dit.
Financiering. Heeft de gemeente fondsen
om aankoop te financieren van de
gronden? Z. J. meent voorloopig niet.
Ir. v. d. K.; Maandag 3 Juni is te
Haarlem vergadering van de provinciale
ontginningsmaatschappij. Hij stelt zich
voor de zaak nader te bestudeeren en
in die vergadering ter sprake te
brengen. Indien de ontginningsmaatschappij
zich achter deze zaak stelt zal de kans op
uitvoering zeker worden bevorderd.
Ir. v. d. K. deelt ten slotte nog mede
dat de kosten van het plan doordat
het werk verruimings-werk betreft laag
zullen worden, en wel belangrijk lager
dan indien uitvoering langs normalen
weg zou plaats vinden.
An: In dat geval verdient het
aanbeveling om ook de wegen aan te
leggen die in het laatste (vereenvoudigde)
plan nog in petto zijn gehouden,
maar op den duur bij uitbreiding
der bebouwing der stad toch aangelegd
zullen worden. (En daarvan komt in het
algemeen uitbreidingsplan van
Amsterdam als hoofdweg voor)
21-5-'40 Dit document verslaat een overleg over ruimtelijke ordening, vermoedelijk binnen het Amsterdamse gemeentebestuur of de provincie Noord-Holland. De kernpunten zijn:
* Landgebruik: Men kiest voor tuinbouw boven veeteelt omdat dit een hogere economische intensiteit per vierkante meter oplevert. Tuinbouw wordt als locatiegebonden gezien, terwijl melkveehouderij makkelijker verplaatst kan worden naar de periferie.
* Financiële belemmeringen: Er is op dat moment geen direct budget bij de gemeente voor de aankoop van de betreffende gronden.
* Rol van de Ontginningsmaatschappij: Er wordt gehoopt op steun van de provinciale ontginningsmaatschappij (waarschijnlijk de Noord-Hollandsche Ontginningsmaatschappij) om het project te realiseren.
* Werkverschaffing: De term "verruimings-werk" (verwijzend naar werkverruiming of werkverschaffing) duidt erop dat men gebruik wil maken van gesubsidieerde arbeid voor werklozen, waardoor de projectkosten aanzienlijk lager uitvallen dan bij een reguliere aanbesteding.
* Stadsplanning: Er wordt geadviseerd om direct de hoofdwegenstructuur aan te leggen die al was voorzien in de uitbreidingsplannen, om voorbereid te zijn op de toekomstige groei van de stad. Het document is gedateerd op 21 mei 1940, slechts een week na de Nederlandse capitulatie aan nazi-Duitsland. Het illustreert dat het civiele bestuur en de planologische voorbereidingen voor de stadsuitbreiding ondanks de oorlogssituatie direct werden voortgezet.
De expliciete verwijzing naar het "algemeen uitbreidingsplan van Amsterdam" duidt op het beroemde AUP uit 1934 van Cornelis van Eesteren. De discussie over het behoud van tuinbouw versus bebouwing was in deze periode cruciaal voor gebieden als de Sloterpolder, die later de Westelijke Tuinsteden zouden worden. De inzet van "verruimingswerk" was een veelgebruikte methode in de crisisjaren en de vroege bezettingstijd om grote infrastructuurprojecten goedkoop te realiseren en tegelijkertijd de werkloosheid te bestrijden.