Archief 745
Inventaris 745-327
Pagina 236
Dossier 4
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële overheidsbekendmaking / Reglement.

Origineel

Officiële overheidsbekendmaking / Reglement. De REGEERINGSCOMMISSARIS VOOR DEN WEDER-
OPBOUW

maakt bekend de navolgende regeling

betreffende het beschikbaarstellen van voorschotten onder
hypotheecair verband voor middenstands- en arbeiderswoning-
bouw (hypotheekregeling 1940).

Inleidende bepalingen.

Art. 1. Van Rijkswege kunnen voorschotten onder verband
van hypotheek worden verstrekt ten behoeve van:
a. herstel of herbouw van door oorlogshandelingen getroffen
woningen;
b. voltooiing van in aanbouw zijnde woningen, indien deze
voltooiing als gevolg van credietmoeilijkheden ernstige belem-
mering ondervindt;
c. bouw van nieuwe woningen;
een en ander met inachtneming van de navolgende voor-
waarden en bepalingen.

Art. 2. Voorschotten worden verleend aan de gemeente,
teneinde deze in staat te stellen, aan belanghebbenden geld-
leeningen te verstrekken onder verband van hypotheek, onder
voorwaarde dat de gemeente zich borg stelt voor de betaling
van de verschuldigde rente en aflossing. Een eventueel verlies
in verband met deze voorschotverlening wordt door het Rijk
en de gemeente in de verhouding 9 : 1 gedragen.
Voorschotten worden verleend zoowel voor arbeiderswoningen
als bescheiden middenstandswoningen, daaronder begrepen
winkelwoningen e. d., tenzij de bedrijfsruimte een overwegend
deel van het perceel uitmaakt. De inhoud per woning mag,
buitenwerks gemeten boven den beganen grondvloer, niet meer
dan 450 m³ bedragen.

Art. 3. Voorschotten worden slechts verstrekt, voor zoover
de beschikbare middelen zulks toelaten, zoomede voor zoover
de voor het herstel, de voltooiing of den bouw benoodigde
materialen kunnen worden verkregen. Dit document bevat de eerste drie artikelen van de "Hypotheekregeling 1940", uitgevaardigd door de Regeringscommissaris voor de Wederopbouw. De kern van de regeling is het faciliteren van financiële middelen voor de woningbouw direct na de verwoestingen aan het begin van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (mei 1940).

Enkele opvallende juridische en administratieve aspecten:
* Indirecte financiering: Het Rijk leent niet direct aan de burger, maar verstrekt voorschotten aan gemeenten. De gemeente fungeert als tussenpersoon en moet zich borg stellen.
* Risicodeling: Er is een duidelijke verdeelsleutel voor financiële verliezen tussen de rijksoverheid en de lokale overheid (90% voor het Rijk, 10% voor de gemeente).
* Sociale focus: De regeling richt zich specifiek op arbeiderswoningen en "bescheiden" middenstandswoningen. Er is een strikte grens gesteld aan de grootte van de woningen (maximaal 450 m³) om luxe bouw uit te sluiten en de schaarse middelen efficiënt te gebruiken.
* Voorbehoud: Artikel 3 benadrukt de schaarste aan kapitaal en bouwmaterialen in oorlogstijd; de verlening van voorschotten is afhankelijk van de feitelijke beschikbaarheid hiervan. Na het bombardement op Rotterdam en andere oorlogshandelingen in mei 1940, werd de wederopbouw van Nederland direct ter hand genomen onder toezicht van de Duitse bezetter, maar uitgevoerd door het bestaande Nederlandse ambtenarenapparaat. De functie van Regeringscommissaris voor de Wederopbouw werd bekleed door dr. ir. J.A. Ringers.

Deze regeling is een tastbaar bewijs van de vroege pogingen om de woningnood, ontstaan door de oorlog, te bezweren. Het document weerspiegelt de bureaucratische continuïteit: hoewel Nederland bezet was, bleven veel bestuursorganen functioneren volgens Nederlandse wetten en procedures, zij het aangepast aan de nieuwe realiteit van materiaaltekorten en een centrale regie op de wederopbouw. De spelling (zoals "regeeringscommissaris") is kenmerkend voor de officiële taal van vóór de spellinghervorming van Marchant die pas na de oorlog breder ingang vond.

Samenvatting

Dit document bevat de eerste drie artikelen van de "Hypotheekregeling 1940", uitgevaardigd door de Regeringscommissaris voor de Wederopbouw. De kern van de regeling is het faciliteren van financiële middelen voor de woningbouw direct na de verwoestingen aan het begin van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (mei 1940).

Enkele opvallende juridische en administratieve aspecten:
* Indirecte financiering: Het Rijk leent niet direct aan de burger, maar verstrekt voorschotten aan gemeenten. De gemeente fungeert als tussenpersoon en moet zich borg stellen.
* Risicodeling: Er is een duidelijke verdeelsleutel voor financiële verliezen tussen de rijksoverheid en de lokale overheid (90% voor het Rijk, 10% voor de gemeente).
* Sociale focus: De regeling richt zich specifiek op arbeiderswoningen en "bescheiden" middenstandswoningen. Er is een strikte grens gesteld aan de grootte van de woningen (maximaal 450 m³) om luxe bouw uit te sluiten en de schaarse middelen efficiënt te gebruiken.
* Voorbehoud: Artikel 3 benadrukt de schaarste aan kapitaal en bouwmaterialen in oorlogstijd; de verlening van voorschotten is afhankelijk van de feitelijke beschikbaarheid hiervan.

Historische Context

Na het bombardement op Rotterdam en andere oorlogshandelingen in mei 1940, werd de wederopbouw van Nederland direct ter hand genomen onder toezicht van de Duitse bezetter, maar uitgevoerd door het bestaande Nederlandse ambtenarenapparaat. De functie van Regeringscommissaris voor de Wederopbouw werd bekleed door dr. ir. J.A. Ringers.

Deze regeling is een tastbaar bewijs van de vroege pogingen om de woningnood, ontstaan door de oorlog, te bezweren. Het document weerspiegelt de bureaucratische continuïteit: hoewel Nederland bezet was, bleven veel bestuursorganen functioneren volgens Nederlandse wetten en procedures, zij het aangepast aan de nieuwe realiteit van materiaaltekorten en een centrale regie op de wederopbouw. De spelling (zoals "regeeringscommissaris") is kenmerkend voor de officiële taal van vóór de spellinghervorming van Marchant die pas na de oorlog breder ingang vond.

Kooplieden in dit dossier 100

Aantal *Nombre* 100.—
Aantal *Nombre* 89.7
Aantal Nombre
Aantal Nombre
Aantal Nombre
A. Kooy Pzn.
Alle bedrijven samen¹).. *Ensemble* — 1,2
S. Montezinos *Ensemble.*
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* — 2,0
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 868,5
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 4,35
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 100
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* ..... 25,1
Alle bedrijven te zamen. *Ensemble* 1,17
Alle bedr. te zamen + 109,9
Vriens. 38,9
Amsterdammerpolder, Groote IJ-, Overbraker Binnen- en Buiten-, Spieringhorner Binnen- en Buitenpolder 32 (306.49 ha)
Ander mestvee 80.879
Ander rundvee......... 100
Alle 100 kooplieden →