Handgeschreven financiële berekening /メモ.
Origineel
Handgeschreven financiële berekening /メモ. $f 7500 \quad ann \ 318.75 \quad per f 1000 \ ann \quad f 42.50$
$Woning + opstallen \quad f 4000.-$
$Grond (gem.) \quad \underline{\quad 6000.-}$
$\qquad \qquad \qquad \quad f 10000.-$
$in \ ann \ (4 \% \ 40 j) \ per \ j. \ f 446.25$
$woning + opstallen \quad f 6000.-$
$grond (gem.) \quad \underline{\quad 8000.-}$
$\qquad \qquad \qquad \quad f 14000.-$
$in \ ann \ (4 \% \ 40 j) \ per \ j. \ f 595.-$ Het document bevat twee rekenmodellen voor de financiering van onroerend goed (woning plus bijbehorende opstallen en grond).
-
Terminologie:
- ann / in ann: Afkorting voor annuïteit (een vast jaarlijks bedrag voor rente en aflossing).
- opstallen: Gebouwen of constructies op een stuk grond.
- gem.: Waarschijnlijk "gemeente" of "gemene", wijzend op grond die van de gemeente gehuurd of gekocht wordt.
- per j.: Per jaar.
- 4% 40 j: Een rentevoet van 4% over een looptijd van 40 jaar.
-
Berekeningen:
- In het eerste blok wordt een factor van $f 42,50$ per $1000$ gulden genoemd (gebaseerd op een eerdere lening van $f 7500$ met een jaarstoot van $f 318,75$).
- Bij de totaalsom van $f 10.000$ wordt een jaarbedrag van $f 446,25$ berekend.
- Bij de totaalsom van $f 14.000$ komt men uit op $f 595,-$ per jaar. Opvallend is dat $14 \times 42,50$ precies $595$ is, wat aantoont dat de schrijver de factor uit de bovenste regel toepast op de grotere bedragen. Dit type berekening is karakteristiek voor de sociale woningbouw of agrarische vestiging in de periode waarin de Woningwet of vergelijkbare overheidsregelingen financiering boden met lange looptijden (zoals 40 jaar). De verdeling tussen 'woning' en 'grond' suggereert dat er gekeken wordt naar de haalbaarheid van verschillende bouwplannen of locaties, waarbij de jaarlijkse lasten voor de bewoner of eigenaar centraal staan.
Samenvatting
Het document bevat twee rekenmodellen voor de financiering van onroerend goed (woning plus bijbehorende opstallen en grond).
-
Terminologie:
- ann / in ann: Afkorting voor annuïteit (een vast jaarlijks bedrag voor rente en aflossing).
- opstallen: Gebouwen of constructies op een stuk grond.
- gem.: Waarschijnlijk "gemeente" of "gemene", wijzend op grond die van de gemeente gehuurd of gekocht wordt.
- per j.: Per jaar.
- 4% 40 j: Een rentevoet van 4% over een looptijd van 40 jaar.
-
Berekeningen:
- In het eerste blok wordt een factor van $f 42,50$ per $1000$ gulden genoemd (gebaseerd op een eerdere lening van $f 7500$ met een jaarstoot van $f 318,75$).
- Bij de totaalsom van $f 10.000$ wordt een jaarbedrag van $f 446,25$ berekend.
- Bij de totaalsom van $f 14.000$ komt men uit op $f 595,-$ per jaar. Opvallend is dat $14 \times 42,50$ precies $595$ is, wat aantoont dat de schrijver de factor uit de bovenste regel toepast op de grotere bedragen.
Historische Context
Dit type berekening is karakteristiek voor de sociale woningbouw of agrarische vestiging in de periode waarin de Woningwet of vergelijkbare overheidsregelingen financiering boden met lange looptijden (zoals 40 jaar). De verdeling tussen 'woning' en 'grond' suggereert dat er gekeken wordt naar de haalbaarheid van verschillende bouwplannen of locaties, waarbij de jaarlijkse lasten voor de bewoner of eigenaar centraal staan.