Concept-brief / Adviesnota (met handgeschreven correcties en doorhalingen).
Origineel
Concept-brief / Adviesnota (met handgeschreven correcties en doorhalingen). 25 april 1939 (linksboven vermeld). (Opmerking: Doorgehaalde tekst is aangegeven met [doorgehaald], toevoegingen in de kantlijn zijn gemarkeerd.)
[Linksboven in de kantlijn]
Stichting van een gecentraliseerd
tuinbouwbedrijf binnen de
Gemeente Amsterdam.
Thans schrijven
d.d. 25 April 1939
Nº 351 L.M. 1939
[Midden boven]
37/83/3
9/5 '39
Wbh. LM.
[Hoofdtekst]
Onder toezending van het mij met Uw [toevoeging: F]
[doorgehaald: schrijven] van den d.d. 16 April j.l.
Nº 37/10 p
om advies toegezonden stuk heb ik
de eer U het volgende te berichten:
Het onderhavige voorstel der
Commissie-T is niet zonder mijn
voorkennis tot stand gekomen. Over
deze aangelegenheid zijn door mijn
dienst [doorgehaald: reeds herhaalde malen besprekingen] don mijn
[doorgehaald: met de betrokkenen gevoerd,
waarbij die besprekingen toonden,
dat op een dergelijke stichting de]
Blijvende vestiging van [toevoeging: een]
gecentraliseerd tuinbouwbedrijf [toevoeging: F]
[doorgehaald: als in het schrijven van de Commissie]
beoogd, acht ik n.l. in het belang van
de ontwikkeling van de Centrale markt
omdat zij de sterk kan bevorderen de
verbetering van de organisatie van het
tuinbouwbedrijf rondom de stad, dat
voor zijn afzet deels in Amsterdam en
eventueel naar elders, van de Centrale
markt en de outillage daarvan,
gebruik moet maken. Uiteraard
mag van de verbetering van die
organisatie ook een verbetering van
de voorziening der Amsterdamsche
bevolking worden verwacht.
[Omkaderd en met groot kruis doorgehaald]
[doorgehaald: de verwachting waaraan
werd uitgesproken, dat tuinders, welke zich
in de loop der tijden naar de omgeving
van Amsterdam hadden verplaatst,
van de geboden gelegenheid zouden willen
gebruik maken, om zich weer in de
omgeving van Amsterdam te vestigen.]
[Kantlijn midden links, gemarkeerd met 'F']
F op daarvoor
gereserveerde
gronden binnen
de Gemeente Amsterdam
acht ik zoowel voor
de Centrale
markt als voor
de voorziening van
de bevolking van
groot belang.
[Onderaan links in de kantlijn]
Centralisatie
maakt uiteraard
belangrijke
verbetering mogelijk
door gezamenlijke
toepassing van
verbeterde
teeltmethoden,
techniek
(bodemverwarming),
aansluiting op het
waterleidingsnet.
--- * Vorm en Genese: Het document is een werkconcept met talrijke redactionele wijzigingen. De schrijver worstelt met de formulering van de argumentatie voor de vestiging van een centraal tuinbouwgebied. Een groot tekstblok onderaan is volledig geschrapt, waarschijnlijk omdat de aanname dat tuinders massaal uit de omliggende gemeenten zouden terugkeren naar Amsterdam te onzeker werd geacht.
* Inhoudelijke Kern: Het hoofddoel is de modernisering van de tuinbouw ten behoeve van de voedselvoorziening van Amsterdam. Er wordt een directe link gelegd tussen de productie (het tuinbouwbedrijf) en de distributie (de Centrale Markt).
* Technologische Context: Interessant is de vermelding in de kantlijn van moderne technieken voor die tijd: "bodemverwarming" en aansluiting op het "waterleidingsnet". Dit duidt op een verschuiving van traditionele vollegrondsteelt naar een meer geïndustrialiseerde vorm van tuinbouw (glastuinbouw-elementen).
--- Dit document stamt uit de periode vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd breidde Amsterdam zich snel uit (Algemeen Uitbreidingsplan van 1934). Door de groei van de stad moesten veel tuinders die voorheen aan de randen van de stad werkten (zoals in de Sloterpolder), wijken voor woningbouw.
De discussie over een "gecentraliseerd tuinbouwbedrijf" had tot doel de versnipperde teelt te concentreren op speciaal daarvoor aangewezen gronden binnen de gemeentegrenzen. De genoemde "Centrale Markt" (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) speelde hierin de centrale rol als logistiek knooppunt voor de versproducten voor de Amsterdamse bevolking. De brief toont de bemoeienis van de gemeentelijke diensten om de voedselketen te rationaliseren en te moderniseren.