Archief 745
Inventaris 745-327
Pagina 379
Dossier 2C
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief of circulaire (L.S. - Lectori Salutem).

Origineel

Getypte brief of circulaire (L.S. - Lectori Salutem). L.S.

                   Reeds herhaaldelyk is onder de tuinders, die
in de omgeving van Amsterdam hun bedryf uitoefenen, de
wensch naar voren gekomen, om te kunnen beschikken over
gronden, waar zy zich voor onafzienbaren tyd kunnen ves-
tigen en ongestoord hun bedryven tot ontwikkeling kunnen
brengen, zonder dat zulks met bezwarende offers aan hu-
ren, pachten, dan wel aankoop gepaard gaat.

                   De geregelde uitbreiding van de bebouwde kom
der stad Amsterdam, en dikwyls ook andere omstandigheden,
zyn oorzaak, dat tuinders hun gronden moeten verlaten en
er veelal slechts met moeite in slagen elders geschikte
gelegenheid tot vestiging te vinden.

                   De vraag naar blyvende mogelykheid tot vesti-
ging zal vermoedelyk in de toekomst nog sterker worden,
omdat de Amsterdamsche tuinder er op bedacht zal moeten
zyn, met het oog op de concurrentie zyn werkmethoden
voortdurend te verbeteren, de productiviteit van zyn
grond op te voeren, de technische inrichting van zyn be-
dryf op een hooger plan te brengen en in het kort al
datgene te doen, wat zyn concurrentiekracht kan verhoo-
gen.

                   Hiervoor is niet alleen een blyvende vestiging
op zoo gunstig mogelyk gelegen goede tuinbouwgronden, op
zichzelf reeds, een vereischte, maar ook zal moeten wor-
den getracht door een credietverleening op zoo gunstig
mogelyke voorwaarden den tuinder in staat te stellen het
noodige te doen tot verbetering van den grond en van de
inrichting van zyn bedryf; de blyvende vestiging is een
der belyngrykste voorwaarden voor een goede crediet-
voorziening.

                   Doordat de Gemeente Amsterdam in haar uitbrei-
dingsplan aaneengesloten complexen terreinen, te samen
omvattende eenige honderden H.A. goede en goed gelegen
tuinbouwgronden, als zoodanig heeft bestemd, is nu de
/aan          mogelykheid geschapen, dat/het reizen en trekken van den
eenen grond naar den anderen een einde kan worden ge-
maakt. Dit wil dus zeggen, dat voor den tuinbouw thans
blyvende gelegenheid tot vestiging zal kunnen worden ge-
maakt.

                   Het zal voor de tuinders zaak zyn, dat ze
trachten, op eenigerlei wyze, op bedoelde terreinen be-
slag te leggen.

                   Teneinde de terreinen goed te kunnen exploitee-
ren, zullen land- en waterwegen moeten worden aangelegd,
nadat eerst een hoofdverkaveling is vastgesteld. Ook
zullen bruggen moeten worden gebouwd en andere werken De tekst kaart een cruciaal probleem aan voor de Amsterdamse tuinbouwsector van de vroege 20e eeuw: de rechtsonzekerheid en de noodzaak tot modernisering. Door de snelle groei van de stad ("de bebouwde kom") werden tuinders steeds verder verdreven, wat investeringen in hun bedrijf (zoals technische installaties of grondverbetering) riskant maakte.

Kernpunten uit de tekst:
* Behoefte aan zekerheid: De tuinders willen een "onafzienbaren tyd" op dezelfde plek blijven zonder hoge kosten.
* Professionalisering: De noodzaak om de concurrentiekracht te verhogen door technische inrichting en verhoogde productiviteit.
* De rol van de Gemeente: De gemeente Amsterdam heeft honderden hectares (H.A.) specifiek als tuinbouwgrond aangewezen in het uitbreidingsplan.
* Infrastructuur: Er wordt gesproken over de noodzaak van een "hoofdverkaveling" en de aanleg van wegen, waterwegen en bruggen.
* Financiering: Een "credietverleening" is essentieel, maar dit kan alleen als de tuinder een vaste vestigingsplaats heeft als onderpand of basis. Tijdens de vroege 20e eeuw groeide Amsterdam explosief, wat leidde tot de annexatie van omliggende gemeenten (zoals Sloten, Watergraafsmeer en delen van Nieuwer-Amstel). Tuinders die voorheen aan de rand van de stad zaten, zagen hun land veranderen in woonwijken (zoals Plan Zuid of West).

Dit document lijkt deel uit te maken van de communicatie rondom de totstandkoming van de grote tuinbouwgebieden aan de stadsranden, waarbij de gemeente probeerde de voedselvoorziening te waarborgen door specifieke zones te reserveren. De nadruk op "credietverleening" suggereert de betrokkenheid van een coöperatie of een boerenleenbank die zekerheid zocht alvorens leningen te verstrekken aan de getroffen tuinders.

Samenvatting

De tekst kaart een cruciaal probleem aan voor de Amsterdamse tuinbouwsector van de vroege 20e eeuw: de rechtsonzekerheid en de noodzaak tot modernisering. Door de snelle groei van de stad ("de bebouwde kom") werden tuinders steeds verder verdreven, wat investeringen in hun bedrijf (zoals technische installaties of grondverbetering) riskant maakte.

Kernpunten uit de tekst:
* Behoefte aan zekerheid: De tuinders willen een "onafzienbaren tyd" op dezelfde plek blijven zonder hoge kosten.
* Professionalisering: De noodzaak om de concurrentiekracht te verhogen door technische inrichting en verhoogde productiviteit.
* De rol van de Gemeente: De gemeente Amsterdam heeft honderden hectares (H.A.) specifiek als tuinbouwgrond aangewezen in het uitbreidingsplan.
* Infrastructuur: Er wordt gesproken over de noodzaak van een "hoofdverkaveling" en de aanleg van wegen, waterwegen en bruggen.
* Financiering: Een "credietverleening" is essentieel, maar dit kan alleen als de tuinder een vaste vestigingsplaats heeft als onderpand of basis.

Historische Context

Tijdens de vroege 20e eeuw groeide Amsterdam explosief, wat leidde tot de annexatie van omliggende gemeenten (zoals Sloten, Watergraafsmeer en delen van Nieuwer-Amstel). Tuinders die voorheen aan de rand van de stad zaten, zagen hun land veranderen in woonwijken (zoals Plan Zuid of West).

Dit document lijkt deel uit te maken van de communicatie rondom de totstandkoming van de grote tuinbouwgebieden aan de stadsranden, waarbij de gemeente probeerde de voedselvoorziening te waarborgen door specifieke zones te reserveren. De nadruk op "credietverleening" suggereert de betrokkenheid van een coöperatie of een boerenleenbank die zekerheid zocht alvorens leningen te verstrekken aan de getroffen tuinders.

Kooplieden in dit dossier 100

Aantal *Nombre* 100.—
Aantal *Nombre* 89.7
Aantal Nombre
Aantal Nombre
Aantal Nombre
A. Kooy Pzn.
Alle bedrijven samen¹).. *Ensemble* — 1,2
S. Montezinos *Ensemble.*
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* — 2,0
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 868,5
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 4,35
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* 100
Alle bedrijven te zamen *Ensemble* ..... 25,1
Alle bedrijven te zamen. *Ensemble* 1,17
Alle bedr. te zamen + 109,9
Vriens. 38,9
Amsterdammerpolder, Groote IJ-, Overbraker Binnen- en Buiten-, Spieringhorner Binnen- en Buitenpolder 32 (306.49 ha)
Ander mestvee 80.879
Ander rundvee......... 100
Alle 100 kooplieden →