Getypte notulen/verslag van een vergadering.
Origineel
Getypte notulen/verslag van een vergadering. -2-
der Ventcommissie, die reeds zoo vele malen heeft be-
wezen in staat te zyn zyn adviezen te geven principieel
en objectief. Mede namens de leden der Ventcommissie
wenscht de Voorzitter den Algemeenen Ventersbond een
lang en voorspoedig leven.
De heer Presser antwoordt met enkele woorden op dezen gelukwensch.
Vervolgens gaat de Voorzitter over tot het aan de orde
stellen van punt 1 der agenda:
Goedkeuring notulen van de 65ste vergadering d.d. 6
Februari jl.
Deze worden ongewyzigd goedgekeurd.
Hierna stelt de Voorzitter punt 2 der agenda aan de
orde:
Mededeelingen en ingekomen stukken.
Spreker deelt mede, dat de Wethouder voor de Levensmid-
delen zich met het advies van de Commissie, om voortaan,
behoudens een enkele uitzondering, geen standplaats-
vergunningen meer te verleenen aan personen, die reeds
in het bezit van een dergelyke vergunning zyn, heeft
kunnen vereenigen.
De Commissie neemt deze mededeeling voor kennisgeving
aan.
Vervolgens stelt de Voorzitter punt 3 der agenda aan de
orde:
Brief van den Wethouder voor de Levensmiddelen d.d. 3
Maart jl. No. 62/412 L.M. 1938 inzake bystand aan venters
(den leden in afschrift gezonden).
Deze brief luidt als volgt:
GEMEENTE AMSTERDAM.
AFD.L.M. AMSTERDAM, 3 Maart 1939.
No. 62/412 -1938-
Aan de Permanente Commissie van
Advies inzake ventvergunningen.
De venter N. Lymer, geboren 13 Januari 1899, wonen-
de Vrolikstraat 46 I, die in het bezit is van een vent- Dit document is de tweede pagina van de notulen van een vergadering van de "Permanente Commissie van Advies inzake ventvergunningen" in Amsterdam.
De tekst behandelt drie agendapunten:
1. Gelukwensen: De afsluiting van een eerbetoon aan de Algemeenen Ventersbond, beantwoord door de heer Presser.
2. Notulen: De goedkeuring van de verslaglegging van de vorige (65ste) vergadering.
3. Beleidsmededeling: De Wethouder voor de Levensmiddelen stemt in met een advies van de commissie om het bezit van meerdere standplaatsvergunningen door één persoon te beperken. Dit wijst op een beleid van spreiding en het tegengaan van monopolievorming in de straathandel.
4. Individueel dossier: De start van de behandeling van een brief over "bystand aan venters", specifiek met betrekking tot ene N. Lymer, woonachtig in de Vrolikstraat.
Het taalgebruik is formeel en hanteert de toenmalige spelling (bijv. "zyn" voor "zijn", "mededeelingen", "vreeenigen"). De datum, maart 1939, plaatst dit document in de late periode van het interbellum, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd van economische schaarste was straathandel (venten) voor velen een essentiële bron van inkomst, maar ook een streng gereguleerde sector.
De vermelding van de Vrolikstraat 46 I is saillant; deze straat in de Amsterdamse Oosterparkbuurt had destijds een grote Joodse populatie. Veel Joodse Amsterdammers waren werkzaam in de ambulante handel (als venter). De heer Presser, die namens de bond spreekt, is mogelijk de bekende historicus Jacques Presser of een familielid, aangezien deze familie nauwe banden had met de Amsterdamse Joodse gemeenschap en de handel. De commissie fungeerde als een intermediair tussen de beroepsgroep van de venters en het gemeentebestuur.