Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 52
Dossier 76
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte notulen of verslag van een vergadering.

Origineel

Getypte notulen of verslag van een vergadering. -9-

Voortzetting bespreking Jan Evertsenstraat.

De Voorzitter memoreert, dat het uitgangspunt is geweest de machtiging van den Wethouder om de mogelykheid te onderzoeken meer vaste standplaatsen in de Jan Evertsenstraat te verleenen. Daarna is de quaestie van de verplaatsing der markt naar een der zijstraten in discussie gekomen, waarbij tenslotte het oog is gevallen op de Vespuccistraat. Den leden is een teekening gezonden, waarop de situatie is aangegeven. Spreker stelt eerst de vraag of de leden het markttechnisch mogelyk en gewenscht achten een dagmarkt in de Vespuccistraat te stichten.

De heer Presser stelt voorop, dat de venters natuurlyk liever in de Jan Evertsenstraat blyven, waarby dan, overeenkomstig het voorstel van den heer Seegers, ter plaatse een ventersmarkt kan worden gesticht. Indien dit echter niet mogelyk is, dan lykt spreker de Vespuccistraat de meest geschikte plaats voor de venters uit de Jan Evertsenstraat om er hun handel te dryven. De Jan Evertsenstraat is echter, wat verkoopsgelegenheid betreft, natuurlyk beter.

De heer Van 't Hek wyst erop, dat indien een dagmarkt in de Vespuccistraat zal worden gesticht dit een uitbreiding zal beteekenen van den straathandel, omdat dan iedereen een plaats op deze markt kan krygen. Zoowel voor de venters als voor den middenstand beteekent dit weer een grootere concurrentie en spreker is daarom tegen het voorstel.

De heer Neeter herhaalt zyn bezwaren, aangevoerd in vroegere vergaderingen der Commissie. Spreker is tegen elke uitbreiding van het aantal straatkooplieden. Hy wyst er nog op, dat ook al wordt er een markt in de Vespuccistraat gesticht, dit het aantal venters in West en speciaal naby de Jan Evertsenstraat niet zal verminderen, daar er dan weer andere venters naar toe getrokken worden. De beste oplossing acht spreker om den toestand te laten zooals hy is.

De heeren Van 't Hek en Neeter zyn dus tegen verplaatsing der markt. Het document is een zakelijk verslag van een commissievergadering waarin verschillende standpunten over de ordening van straathandel in Amsterdam-West naar voren komen. De kern van het conflict is de balans tussen het faciliteren van venters (mobiele handelaren) en de belangen van de gevestigde middenstand (winkeliers).

De Voorzitter verkent de optie voor een vaste dagmarkt in de Vespuccistraat. De reacties zijn verdeeld:
* Presser spreekt namens de belangen van de venters; zij verkiezen de commercieel aantrekkelijkere Jan Evertsenstraat, maar zien de Vespuccistraat als een acceptabel alternatief.
* Van 't Hek vreest dat een officiële markt te veel nieuwe handelaren zal aantrekken, wat schadelijk is voor zowel bestaande venters als winkeliers door toegenomen concurrentie.
* Neeter neemt een behoudend standpunt in: hij is tegen elke vorm van groei in de straathandel en adviseert de status quo te handhaven om te voorkomen dat het gebied nog meer handelaren van elders aantrekt. Dit document stamt waarschijnlijk uit de jaren '30 van de 20e eeuw, een periode waarin Amsterdam-West volop in ontwikkeling was. De Jan Evertsenstraat groeide in die tijd uit tot een belangrijke winkelstraat. De discussie weerspiegelt de bredere stedelijke problematiek van die tijd: hoe ga je om met de informele straathandel (venters) in moderniserende stadsdelen?

Vaak probeerde de gemeente venters van de hoofdwegen naar zijstraten te verplaatsen om de doorstroming van het verkeer te bevorderen en de concurrentie voor de winkeliers in de hoofdstraat te reguleren. De "Commissie" waarnaar verwezen wordt, is vermoedelijk de Marktcommissie of een subcommissie van de gemeenteraad belast met publieke markten en straathandel.

Samenvatting

Het document is een zakelijk verslag van een commissievergadering waarin verschillende standpunten over de ordening van straathandel in Amsterdam-West naar voren komen. De kern van het conflict is de balans tussen het faciliteren van venters (mobiele handelaren) en de belangen van de gevestigde middenstand (winkeliers).

De Voorzitter verkent de optie voor een vaste dagmarkt in de Vespuccistraat. De reacties zijn verdeeld:
* Presser spreekt namens de belangen van de venters; zij verkiezen de commercieel aantrekkelijkere Jan Evertsenstraat, maar zien de Vespuccistraat als een acceptabel alternatief.
* Van 't Hek vreest dat een officiële markt te veel nieuwe handelaren zal aantrekken, wat schadelijk is voor zowel bestaande venters als winkeliers door toegenomen concurrentie.
* Neeter neemt een behoudend standpunt in: hij is tegen elke vorm van groei in de straathandel en adviseert de status quo te handhaven om te voorkomen dat het gebied nog meer handelaren van elders aantrekt.

Historische Context

Dit document stamt waarschijnlijk uit de jaren '30 van de 20e eeuw, een periode waarin Amsterdam-West volop in ontwikkeling was. De Jan Evertsenstraat groeide in die tijd uit tot een belangrijke winkelstraat. De discussie weerspiegelt de bredere stedelijke problematiek van die tijd: hoe ga je om met de informele straathandel (venters) in moderniserende stadsdelen?

Vaak probeerde de gemeente venters van de hoofdwegen naar zijstraten te verplaatsen om de doorstroming van het verkeer te bevorderen en de concurrentie voor de winkeliers in de hoofdstraat te reguleren. De "Commissie" waarnaar verwezen wordt, is vermoedelijk de Marktcommissie of een subcommissie van de gemeenteraad belast met publieke markten en straathandel.

Locaties

Amsterdam-West (Jan Evertsenstraat en Vespuccistraat).

Kooplieden in dit dossier 2

Bur.v.Maatsch.Steun Waterlooplein 751
P. Werken Waterlooplein 697

Gerelateerde Documenten 4