Getypte notulen van een vergadering (pagina 4).
Origineel
Getypte notulen van een vergadering (pagina 4). -4-
De Secretaris wijst er op, dat, indien een rooster voor den Zondagsdienst op Uilenburg wordt vastgesteld, men moet billijken, dat geen verlof of vacantie kan worden verleend op een dienst-Zondag, tenzij onderling de diensten geruild worden.
Na eenige discussie constateert de Voorzitter dat de leden accoord gaan met de samenstelling van een rooster voor marktdienst op de Zondagsmarkt Uilenburg, waarbij iedere contrôleur hoogstens 15 Zondagen per jaar dienst heeft te verrichten. Iedere extra-dienst, b.v. wegens ziekte of anderszins, welke buiten den rooster valt, behoort dan te worden vergoed. Spreker zal dit principe aan het Gemeentebestuur ter goedkeuring voorleggen; wordt deze goedkeuring verleend, dan kan een rooster, waarin dit principe is verwerkt, worden opgesteld en in een volgende vergadering nog pro forma worden goedgekeurd.
Vervolgens brengt de Voorzitter de contrôle-diensten op Zondagen ter sprake.
De heer Van Burg is van meening, dat daarvoor de overwerkvergoeding betaald behoort te worden.
De Secretaris beschouwt ook de contrôle-diensten als normale diensten, die in een rooster behooren te worden geregeld. De diensten op de markt Uilenburg omvatten geen volledige dagtaak, doch slechts 6 uur. De dagtaak behoort 8 uren te zijn; voor de dienst-Zondagen dient men nu te overwegen deze 8 uren volledig te benutten, bijv. door invoering van een raam van 12 uren, zooals ook voor de Zaterdagsroosters bestaat. Behalve 6 uren dienst op de Zondagsmarkt (namelijk van 8 uur v.m. tot 2 uur n.m.) behoort elke ambtenaar dus nog 2 uren ventcontrôle te doen, zóódanig dat zijn dienst uiterlijk om 8 uur n.m. eindigt.
De heer Felthuis doet het voorstel, de door den secretaris bedoelde resteerende uren van den dienst op de Zondagsmarkt Uilenburg, zijnde per jaar en per man ± 15 maal 2 uren = 30 uren, te verdeelen over 7 Zondagen, waarop dan 4 uren ventcontrôle-dienst binnen den rooster kan worden gedaan. In totaal zal dan per jaar per man dus, behalve hoogstens 15 Zondagen dienst op Uilenburg, 7 Zondagen gedurende 4 uren ventcontrôle moeten worden verricht. De Zondags-diensten, die meer verricht moeten worden, dienen voor een overwerkvergoeding in aanmerking te komen. Het beschikbare aantal van 7 vent-contrôle-Zondagen mag, zooals tot nu toe, over de weekroosters worden verdeeld, naar behoefte, die o.a. door de weersomstandigheden wordt bepaald. De vergadering vereenigt zich eenstemmig met dit voorstel, waarna de Voorzitter meedeelt, dienovereenkomstig het Gemeentebestuur te zullen rapporteeren.
Aangezien geen der leden bij de
Rondvraag het woord verlangt, sluit de Voorzitter hierna de vergadering. In dit document wordt verslag gedaan van een ambtelijk overleg over de arbeidsvoorwaarden van marktpersoneel. De kern van de discussie draait om het efficiënt inplannen van de wettelijke 8-urige werkdag binnen de specifieke tijden van de Zondagsmarkt.
Omdat de markt zelf slechts 6 uur duurt (8:00u tot 14:00u), ontstaat er een tekort van 2 uur per gewerkte zondag ten opzichte van de volledige dagtaak. De secretaris stelt voor om deze uren op te vullen met "ventcontrôle" (toezicht op straatverkopers). De heer Felthuis stelt een pragmatische oplossing voor: in plaats van elke zondag 2 uur extra te werken, worden deze resterende uren gebundeld in 7 extra diensten van 4 uur. Alles wat boven dit vastgestelde rooster valt, moet als overwerk worden uitbetaald. Dit getuigt van een toenemende bureaucratisering en regulering van overheidstaken in die periode. De locatie van handeling is Uilenburg, een historisch eiland in het centrum van Amsterdam. Vanwege de grote Joodse populatie in deze buurt was de Zondagsmarkt hier van groot economisch belang; voor Joodse handelaren was de zondag de vervangende werkdag voor de zaterdag (Sjabbat).
De discussie over de 8-urige werkdag plaatst het document waarschijnlijk kort na de invoering van de Arbeidswet van 1919 (de wet-Aalberse), die de werkweek en werkdag strikt reguleerde. Het document illustreert hoe de lokale overheid worstelde met de praktische uitvoering van deze nieuwe sociale wetgeving in combinatie met specifieke lokale tradities zoals de zondagsmarkt.