Ambtelijke brief/correspondentie.
Origineel
Ambtelijke brief/correspondentie. 16 april 1941. Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam. GEMEENTE AMSTERDAM
AMSTERDAM, 16 April 1941.
AFD. Bevolkingsregister en Verk.
No. 11-47
BIJLAGEN: 6.
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.
[Paars stempel:] Nº 1/29/1 M. 1941 18/4
[Handgeschreven in rood/zwart potlood:] nu die opplakken
Onder toezending van bijgaande Openbare Kennisgeving, waarvan de publicatie verplichtend is gesteld bij artikel 112 van het besluit bevolkingsboekhouding, staatsblad 1936, No. 342, verzoek ik U beleefd deze in de ruimte bestemd voor het publiek van Uw bureau te doen ophangen of opplakken.
Met dank voor Uwe bereidwilligheid,
De Administrateur, Chef der Afdeeling
Bevolkingsregister en Verkiezingen,
[Handtekening: onleesbaar]
[Handgeschreven links onder:]
Gedistribueerd
en
opgehangen 22/4-'41 [initialen]
Aan den Heer Directeur van het Marktwezen,
Jan van Galenstraat 14.
A m s t e r d a m . W.
Model G.A. 6
25.000—5—’36 Het document is een formele instructie van de afdeling Bevolkingsregister van de gemeente Amsterdam aan de directeur van het Marktwezen. De kern van de brief is het verzoek (of de opdracht) om een bijgevoegde "Openbare Kennisgeving" op een voor het publiek zichtbare plaats op te hangen.
Opvallende elementen:
* Wettelijke basis: Er wordt verwezen naar artikel 112 van het besluit bevolkingsboekhouding (1936). Dit duidt op een standaard administratieve procedure.
* Annotaties: De handgeschreven tekst "Gedistribueerd en opgehangen 22/4-'41" dient als bewijs van uitvoering van de opdracht door de ontvangende partij.
* Locatie: De Jan van Galenstraat 14 was het adres van de Centrale Markthallen in Amsterdam, een plek waar dagelijks zeer veel mensen samenkwamen, wat het een strategische plek maakte voor publieke mededelingen. De datum van het document, 16 april 1941, is cruciaal voor de historische context. Nederland was op dat moment bijna een jaar bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de brief een routineuze, ambtelijke toon voert, vonden in deze periode via het Bevolkingsregister ingrijpende registraties plaats.
In de eerste maanden van 1941 voerde de bezetter de registratie van Joodse burgers in (Verordening 6/41). Hoewel de exacte inhoud van de "bijgaande Openbare Kennisgeving" hier ontbreekt, werden dergelijke publicaties in die tijd vaak gebruikt om nieuwe beperkende maatregelen, registratieplichten of verboden aan de bevolking bekend te maken. De efficiënte werking van de Amsterdamse ambtenarij, zoals blijkt uit de snelle bevestiging van het "ophangen", speelde een belangrijke rol in de uitvoering van het beleid van de bezetter, ongeacht of de specifieke kennisgeving van die dag een routinekwestie of een dwingende oorlogsmaatregel betrof. W. Gemeente Amsterdam Marktwezen