Ambtelijk verslag of memorandum (pagina 2).
Origineel
Ambtelijk verslag of memorandum (pagina 2). Ongedateerd op dit blad, maar de context (Akkerbouwcentrale) plaatst dit in de periode 1940-1945. -2-
Op dit verzoek is echter, zooals my door de besturen van de V.B.N.A. en Centraal Belang (kleinhandel) is medegedeeld, door de Akkerbouwcentrale afwyzend beschikt.
Inmiddels heeft de V.B.N.A. op aandrang van de Akkerbouwcentrale besloten weder een "handelsvoorraad" te vormen en by te houden, voldoende om de bevolking gedurende ca. 14 dagen van aardappelen te voorzien.
De V.B.N.A. stelt zich voor deze voorraad op te slaan in panden, welke zyn gelegen:
1e. Op Wittenburg (3e Wittenburgerdwarsstraat)
2e. Motorkade
3e. Brouwersgracht.
Met het oog op de transportmoeilykheden is het niet mogelyk, dat deze aardappelen telkens van de opslagplaatsen naar de Centrale Markt worden vervoerd om daar aan den kleinhandel te worden afgegeven; zy zouden dus ter plaatse moeten worden afgeleverd.
Bovendien verzoeken thans de V.B.N.A. en Centraal Belang om op de volgende plaatsen in de stad aardappelen per vaartuig te mogen aanvoeren en aldaar af te geven.
1. Plantage Muidergracht
2. Kostverlorenvaart langs de Schinkalkade
3. Prinsengracht (Noordzyde) tusschen Utrechtschestraat en Amstel.
Het ligt niet in de bedoeling van de V.B.N.A. om zich op deze wyze te onttrekken van de betaling van het op de Centrale Markt verschuldigde kadegeld; men verklaarde zich by voorbaat bereid om ook op bovengenoemde plaatsen het kadegeld voor de schepen te betalen.
Gezien de groote afstanden, waarover de aardappelen met dikwyls vry primitieve hulpmiddelen moeten worden vervoerd en de kosten, welke het transport met zich brengt, zoomede als gevolg van een en ander het belangryke tydsverlies, is de wensch van den kleinhandel (Centraal Belang) niet onredelyk.
De groothandel (V.B.N.A.) is, zooals gezegd, bereid aan bovengeschetste regeling mede te werken, hoewel daaraan voor hem groote bezwaren zyn verbonden. Deze zyn:
Men zal moeten zorgen, dat de verschillende soorten aardappelen over de diverse punten in de stad worden verdeeld; op al deze punten moet los personeel aanwezig zyn, ook als het niet druk is met de lossing. Voor een goede werkverdeeling werkt deze regeling dan ook zeer remmend.
Als gevolg van een en ander zullen de schepen langer ligplaats moeten innemen, dan normaal, hetgeen kosten aan liggeld voor de schippers met zich brengt. De V.B.N.A. geeft dan ook verreweg de voorkeur aan een gecentraliseerde uitgifte der aardappelen op de Centrale Markt; wanneer men desondanks medewerkt aan den decentralisatie, beteekent dit een concessie aan den kleinhandel, waartoe men in feite min of meer wordt gedwongen door de Akkerbouwcentrale. Het document beschrijft een logistiek conflict in de voedselvoorziening van Amsterdam. De centrale vraag is hoe een noodvoorraad aardappelen (voor 14 dagen) het meest efficiënt bij de burger terechtkomt.
De groothandel (V.B.N.A.) geeft de voorkeur aan centralisatie op de Centrale Markt voor maximale efficiëntie. De kleinhandel (Centraal Belang) pleit echter voor decentralisatie: het lossen van schepen op diverse plekken in de stad (zoals de Prinsengracht en de Plantage Muidergracht). De reden hiervoor is het gebrek aan transportmiddelen; door de aardappelen dichter bij de winkels te lossen, wordt de noodzaak voor langdurig transport met "primitieve hulpmiddelen" (waarschijnlijk handkarren of paard-en-wagen) beperkt.
De groothandel stemt uiteindelijk morrend in met deze decentralisatie, maar wijst op de nadelen: hogere personeelskosten op meerdere locaties en langer liggeld voor schippers. Opvallend is de bereidheid om toch "kadegeld" te betalen aan de Centrale Markt, ook als daar niet gelost wordt, om bureaucreactische bezwaren weg te nemen. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. De vermelding van de Akkerbouwcentrale (opgericht in 1940) is hierin cruciaal. Deze instantie was verantwoordelijk voor de totale beheersing van de agrarische productie en distributie onder toezicht van de bezetter.
In een tijd van schaarste, brandstoftekorten en vorderingen van voertuigen was de distributie van basisbehoeften zoals aardappelen een enorme uitdaging. De decentralisatie naar grachtenlocaties was een noodgreep om de bevolking te kunnen blijven voeden wanneer het centrale distributiesysteem door transportgebrek vastliep. Het taalgebruik (zoals "primitieve hulpmiddelen") duidt op de verslechterende materiële omstandigheden in de stad naarmate de oorlog vorderde. V.B.N.A. (Vereeniging van Beroeps-Aardappelhandelaren) Centraal Belang (kleinhandel) Akkerbouwcentrale.