Archief 745
Inventaris 745-342
Pagina 279
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (afschrift).

21 augustus 1941. Van: Stedelijk Bureau Amsterdam van de Stichting "Winterhulp Nederland", bij monde van Stedelijk Directeur H.W.T. Tijdeman. Aan: Den Weled.Gestr.Heer Mr. F.P. Guépin, Stadhuis, Amsterdam.

Origineel

Getypte brief (afschrift). 21 augustus 1941. Stedelijk Bureau Amsterdam van de Stichting "Winterhulp Nederland", bij monde van Stedelijk Directeur H.W.T. Tijdeman. Den Weled.Gestr.Heer Mr. F.P. Guépin, Stadhuis, Amsterdam. No.2A/10/1 M.1941 25/8 AFSCHRIFT.

No.801 L.M.1941
WINTERHULP NEDERLAND.

Amsterdam, 21 Augustus 1941.

Den Weled.Gestr.Heer Mr.F.P.Guépin,
Stadhuis,
Amsterdam.

Naar aanleiding van ons onderhoud van hedenmorgen laat ik hieronder de vragen volgen omtrent varkensmesterijen en inkuilen van aardappelen.

Inkuilen van aardappelen.

  1. voor welke steden in Uw Provincie zou inkuilen van aardappelen noodig zijn? (25.000 inwoners en meer)
  2. welke hoeveelheid zou hiervoor moeten worden ingekuild?
  3. Bestaat de mogelijkheid om in de nabijheid van de de steden tot inkuilen over te gaan?
  4. indien dit niet het geval is, op welke andere wijze zou dan de bevoorrading der aardappelen kunnen geschieden?
  5. hoe hoog zullen volgens Uw oordeel de kosten dezer maatregel zijn? (transportkosten van plaats van aankomst tot de opslagplaats en kosten van het opslaan).
  6. zijn er in Uw Stad nog andere plannen voor de bevoorrading van aardappelen der groote steden en zoo ja, door welke instanties worden deze naar voren gebracht?

Hoogachtend,
Stedelijk Bureau Amsterdam
v.d.Stichting "Winterhulp Nederland"
de Stedelijke Directeur,

get.H.W.T.Tijdeman. Deze brief is een formeel administratief schrijven uit de vroege jaren van de Duitse bezetting van Nederland. Het document betreft een "afschrift" (kopie) van een correspondentie tussen het Amsterdamse bureau van de Winterhulp Nederland en Mr. F.P. Guépin, die destijds een belangrijke ambtelijke functie vervulde in het Amsterdamse stadsbestuur.

De kern van de brief is een lijst met zes vragen die gericht zijn op de logistiek van de voedselvoorziening voor de komende winter. Specifiek wordt er gevraagd naar de haalbaarheid van het "inkuilen" van aardappelen – een traditionele methode om aardappelen buiten in met grond en stro bedekte kuilen te bewaren tegen de vorst. De vragen tonen een grote bezorgdheid over de kosten, de locaties en de benodigde hoeveelheden voor steden met meer dan 25.000 inwoners.

Opvallend is de vermelding van "varkensmesterijen" in de inleiding, wat erop wijst dat men probeerde de voedselketen in de stad onder controle te houden door zowel plantaardige als dierlijke productie te reguleren. De brief dateert van augustus 1941, ruim een jaar na het begin van de bezetting. In deze periode nam de schaarste aan voedsel en brandstof in Nederland toe, en begon de bezetter steeds meer grip te krijgen op de distributie en organisatie van de samenleving.

Winterhulp Nederland (WHN), opgericht in oktober 1940, was een nationaalsocialistische hulporganisatie gemodelleerd naar het Duitse Winterhilfswerk. Hoewel de WHN officieel bedoeld was voor maatschappelijk hulpbetoon, werd de organisatie door de Nederlandse bevolking grotendeels gewantrouwd en geboycot, omdat men wist dat het een instrument was van de bezetter en de NSB om de traditionele, vaak religieuze, liefdadigheidsinstellingen te vervangen.

De geadresseerde, Mr. F.P. Guépin, was een prominent bestuurder die later carrière zou maken bij Shell, maar tijdens de oorlog diverse rollen in de voedselvoorziening en het stadsbestuur vervulde. De brief illustreert de bureaucratische werkelijkheid van de bezettingstijd: ambtenaren moesten samenwerken met door de nazi's geïnstalleerde organen zoals de Winterhulp om de basale behoeften van de bevolking, zoals de aardappelvoorraad, veilig te stellen.

Samenvatting

Deze brief is een formeel administratief schrijven uit de vroege jaren van de Duitse bezetting van Nederland. Het document betreft een "afschrift" (kopie) van een correspondentie tussen het Amsterdamse bureau van de Winterhulp Nederland en Mr. F.P. Guépin, die destijds een belangrijke ambtelijke functie vervulde in het Amsterdamse stadsbestuur.

De kern van de brief is een lijst met zes vragen die gericht zijn op de logistiek van de voedselvoorziening voor de komende winter. Specifiek wordt er gevraagd naar de haalbaarheid van het "inkuilen" van aardappelen – een traditionele methode om aardappelen buiten in met grond en stro bedekte kuilen te bewaren tegen de vorst. De vragen tonen een grote bezorgdheid over de kosten, de locaties en de benodigde hoeveelheden voor steden met meer dan 25.000 inwoners.

Opvallend is de vermelding van "varkensmesterijen" in de inleiding, wat erop wijst dat men probeerde de voedselketen in de stad onder controle te houden door zowel plantaardige als dierlijke productie te reguleren.

Historische Context

De brief dateert van augustus 1941, ruim een jaar na het begin van de bezetting. In deze periode nam de schaarste aan voedsel en brandstof in Nederland toe, en begon de bezetter steeds meer grip te krijgen op de distributie en organisatie van de samenleving.

Winterhulp Nederland (WHN), opgericht in oktober 1940, was een nationaalsocialistische hulporganisatie gemodelleerd naar het Duitse Winterhilfswerk. Hoewel de WHN officieel bedoeld was voor maatschappelijk hulpbetoon, werd de organisatie door de Nederlandse bevolking grotendeels gewantrouwd en geboycot, omdat men wist dat het een instrument was van de bezetter en de NSB om de traditionele, vaak religieuze, liefdadigheidsinstellingen te vervangen.

De geadresseerde, Mr. F.P. Guépin, was een prominent bestuurder die later carrière zou maken bij Shell, maar tijdens de oorlog diverse rollen in de voedselvoorziening en het stadsbestuur vervulde. De brief illustreert de bureaucratische werkelijkheid van de bezettingstijd: ambtenaren moesten samenwerken met door de nazi's geïnstalleerde organen zoals de Winterhulp om de basale behoeften van de bevolking, zoals de aardappelvoorraad, veilig te stellen.

Kooplieden in dit dossier 1