Archief 745
Inventaris 745-342
Pagina 292
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag), gemarkeerd als 'VERTROUWELIJK'.

13 september 1941. Van: Onbekend (waarschijnlijk een werkgeversorganisatie of ambtelijke instantie, afkorting VD/HG).

Origineel

Getypte brief (doorslag), gemarkeerd als 'VERTROUWELIJK'. 13 september 1941. Onbekend (waarschijnlijk een werkgeversorganisatie of ambtelijke instantie, afkorting VD/HG). VD/HG. [handgeschreven: extra]

2A/11/2 M.

13 September 1941.

VERTROUWELIJK.

het College van
Rijksbemiddelaars,
Bezuidenhout 87,
's-Gravenhage.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 1 dezer No. 20 - 86/39 / Q heb ik de eer U het volgende te berichten.

Omtrent de onderhavige arbeidsovereenkomst heeft Uw college reeds meermalen bemoeienissen gehad. Ik moge wat dit betreft verwijzen naar mijn brief van 14 Februari 1940 No. 2A/4/2 M. aan Uwen Heer Mr. S. de Vries Czn. Zooals U derhalve bekend zal zijn, staan de werkgevers reeds jarenlang op het standpunt, welk standpunt ik volkomen onderschrijf, dat de bestaande C.A.O. moet worden gewijzigd in dier voege, dat daaruit het tariefstelsel moet vervallen en dat de werknemers (aardappellossers) in vasten loondienst van de aardappelgrossiers moeten treden. De groote moeilijkheid is echter steeds geweest, dat er voor alle aardappellossers (een honderdtal) in normale tijden geen voldoende emplooi op de Centrale Markt aanwezig is, zoodat een groot gedeelte (ongeveer de helft) in een reserve zou moeten worden geplaatst; het bleek echter niet mogelijk om voor deze reserve een behoorlijk garantieloon te garandeeren. In weerwil van alle pogingen is men hieromtrent tot nu toe niet tot overeenstemming kunnen komen, zoodat het oude tariefstelsel nog steeds is gehandhaafd.

De situatie ten aanzien van den aanvoer en lossing der aardappelen is echter, sedert de oorlogstoestand is ingetreden, belangrijk veranderd. De aardappelen worden thans gedistribueerd, waardoor, bij de huidige bontoewijzing van 3 kg. per hoofd per week, belangrijk meer aardappelen benoodigd zijn dan in normalen tijd. Bedroeg het gemiddeld loon van een aardappellosser in het afgeloopen jaar nog ƒ 36,- per week, zoo is dat loon in de eerste helft van dit jaar reeds gestegen tot gemiddeld ƒ 50,- per week en bedraagt het thans zeker gemiddeld ƒ 60,- per week per persoon. Zoolang het rantsoen aardappelen op 3 kg. per hoofd per week wordt gehandhaafd, zal de aardappellosser dit bedrag stellig blijven verdienen. Het is echter de vraag of dit het geval zal zijn en indien het rantsoen tot 1 ½ kg. zou worden teruggebracht, zooals in het voorjaar het geval is geweest, zouden

--- * Kern van het geschil: De brief beschrijft een langlopend conflict over de aard van de arbeidsbeloning voor aardappellossers. Werkgevers willen af van het stukloon (tariefstelsel) en toe naar vaste dienstverbanden. De bottleneck was voorheen het gebrek aan constant werk, waardoor een 'reserve' van arbeiders ontstond waarvoor geen garantieloon kon worden afgesproken.
* Impact van de bezetting: De oorlogssituatie heeft de marktwerking volledig veranderd. Door het systeem van voedseldistributie (rantsoenering) is de doorvoer van aardappelen via de Centrale Markt enorm toegenomen.
* Economische data: De brief verschaft waardevolle statistische informatie over de stijging van de lonen in deze sector tijdens de vroege oorlogsjaren: van ƒ 36,- (1940) naar ƒ 60,- per week (september 1941). Dit illustreert hoe bepaalde sectoren paradoxaal genoeg 'profiteerden' van de distributiebehoeften van de bezetter.
* Voedselvoorziening: De brief noemt specifieke rantsoenen (3 kg per persoon per week), wat een direct beeld geeft van de voedselvoorziening in Nederland in het najaar van 1941.

--- Dit document is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Het College van Rijksbemiddelaars was een officieel orgaan dat tozag op arbeidsverhoudingen. Hoewel de vakbonden in 1941 al grotendeels onder controle stonden van de bezetter (via het Nederlandsch Arbeidsfront), bleven administratieve processen rondom Collectieve Arbeidsovereenkomsten (C.A.O.'s) doorlopen.

Aardappelen waren het volksvoedsel nummer één; de logistiek hiervan was cruciaal voor de rust in het land. De brief toont aan hoe de bureaucratie probeerde om te gaan met de onvoorspelbaarheid van de oorlogseconomie, waarbij loonhoogtes direct gekoppeld waren aan de grillen van het distributiesysteem en de beschikbare voorraden. De angst voor een halvering van het rantsoen (naar 1,5 kg) geeft de precaire situatie van de voedselvoorraad aan de vooravond van de winter van 1941-1942 weer.

Samenvatting

  • Kern van het geschil: De brief beschrijft een langlopend conflict over de aard van de arbeidsbeloning voor aardappellossers. Werkgevers willen af van het stukloon (tariefstelsel) en toe naar vaste dienstverbanden. De bottleneck was voorheen het gebrek aan constant werk, waardoor een 'reserve' van arbeiders ontstond waarvoor geen garantieloon kon worden afgesproken.
  • Impact van de bezetting: De oorlogssituatie heeft de marktwerking volledig veranderd. Door het systeem van voedseldistributie (rantsoenering) is de doorvoer van aardappelen via de Centrale Markt enorm toegenomen.
  • Economische data: De brief verschaft waardevolle statistische informatie over de stijging van de lonen in deze sector tijdens de vroege oorlogsjaren: van ƒ 36,- (1940) naar ƒ 60,- per week (september 1941). Dit illustreert hoe bepaalde sectoren paradoxaal genoeg 'profiteerden' van de distributiebehoeften van de bezetter.
  • Voedselvoorziening: De brief noemt specifieke rantsoenen (3 kg per persoon per week), wat een direct beeld geeft van de voedselvoorziening in Nederland in het najaar van 1941.

Historische Context

Dit document is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Het College van Rijksbemiddelaars was een officieel orgaan dat tozag op arbeidsverhoudingen. Hoewel de vakbonden in 1941 al grotendeels onder controle stonden van de bezetter (via het Nederlandsch Arbeidsfront), bleven administratieve processen rondom Collectieve Arbeidsovereenkomsten (C.A.O.'s) doorlopen.

Aardappelen waren het volksvoedsel nummer één; de logistiek hiervan was cruciaal voor de rust in het land. De brief toont aan hoe de bureaucratie probeerde om te gaan met de onvoorspelbaarheid van de oorlogseconomie, waarbij loonhoogtes direct gekoppeld waren aan de grillen van het distributiesysteem en de beschikbare voorraden. De angst voor een halvering van het rantsoen (naar 1,5 kg) geeft de precaire situatie van de voedselvoorraad aan de vooravond van de winter van 1941-1942 weer.

Kooplieden in dit dossier 1