Brief (doorslag of afschrift).
Origineel
Brief (doorslag of afschrift). 25 november 1941. De Directeur (van een niet nader genoemde instantie, mogelijk een keuringsdienst of gemeentelijke afdeling). De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, Laan Copes van Cattenburgh 62, 's-Gravenhage. [Handgeschreven aantekening in potlood:] Verzonden 25/11
HG.
de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale,
Laan Copes van Cattenburgh 62,
's-Gravenhage.
2B/86/2 M. 3 25 November 1941.
In bijlage dezes heb ik de eer U een aanvrage tot toelating als georganiseerde bij de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale om ingedeeld te worden in de groep handelaren in gewassen van den tuinbouw (Groep E) ten name van Alb.Veldman, wonende Albert Cuypstraat 203 F I, te doen toekomen, alsmede een afschrift van een op deze aanvrage betrekking hebbend rapport van den contrôleur B.Felthuis van mijn dienst.
De Directeur, Deze brief is een formeel administratief schrijven uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De essentie van de brief is het doorsturen van een aanvraagformulier en een inspectierapport betreffende de heer Alb. Veldman, die werkzaam wil zijn als handelaar in tuinbouwproducten (Groep E).
Opvallende details:
* Locatie aanvrager: De Albert Cuypstraat is een bekende marktstraat in Amsterdam, wat suggereert dat de aanvrager daar mogelijk een kraam of winkel had.
* Controle: Er wordt verwezen naar een rapport van een contrôleur (B. Felthuis), wat wijst op een streng toelatingsbeleid en toezicht op de handel.
* Handgeschreven marginalia: De aantekening "Verzonden 25/11" bevestigt de daadwerkelijke verzending van het stuk. "HG." bovenaan kan een paraaf van een ambtenaar zijn of een afkorting voor een afdeling. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de Nederlandse economie door de bezetter strak gereguleerd via een systeem van centrale organisaties (de zogenaamde 'Centrale'). De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale was een van deze organen. Het doel was de controle over de productie, distributie en prijsvorming van voedsel te behouden, mede om de Duitse voedselvoorziening veilig te stellen en de zwarte handel te bestrijden.
Handelaren waren verplicht zich bij deze organisaties aan te sluiten om legaal te mogen opereren ("toelating als georganiseerde"). Zonder deze registratie kreeg men geen toewijzingen van producten en mocht men officieel niet handelen. "Groep E" verwijst naar de specifieke classificatie van handelaren binnen de tuinbouwsector. De bureaucratie in deze periode was enorm, aangezien elke stap in de voedselketen gedocumenteerd en gecontroleerd moest worden. B. Felthuis