Officiële brief (afschrift) van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief (afschrift) van de Gemeente Amsterdam. 17 juni 1935. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Gemeente Amsterdam. GEMEENTE AMSTERDAM
Markth.
Afschrift.-
E.d.M. Nº 18/167 M. 1935 18/6
AMSTERDAM, 17 Juni 1935.
AFD. L.M. 1935.
No. 725
BIJLAGEN
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.
Naar aanleiding van Uw schryven van 12 Juni j.l. deel ik U mede, dat uit Uw daarin vervatte opgave thans is vastgesteld, dat de volgende twee venters by U in dienst zyn:
1. E.J.A. Hoogstraat Jr., ventvergunninghouder Serie 13, No. 63, voorzien van een permanente ventvergunning.
2. J. Blog, in het bezit van een tydelyke consumptieysvergunning Y, No. 39. Het maximum aantal vergunningen voor Uw bedryf is gesteld op 2.
Ik verzoek U onverwyld aan myn afdeeling mededeeling te doen, indien een venter Uw dienst verlaat, opdat mynerzyds zoo noodig maatregelen genomen kunnen worden.
Tenslotte bericht ik U, dat aanvulling van vacatures in de eerste plaats zal moeten geschieden uit personen, die reeds in het bezit van een ventvergunning zyn. Zoo U dit niet mogelyk is, zult U een keuze moeten doen uit de personen die U door myne afdeeling van de lyst van gegadigden voor een ventvergunning worden opgegeven.
De bovenstaande regeling geldt tot 1 October 1935.
De Wethouder voor de Levensmiddelen,
(get.) Kropman.
Aan den heer H.J. Cornelisse,
Utrechtschedwarsstraat 57 en 61.
S t a d (C).-
[Handgeschreven rechtsonder:] gezien [initialen]
Model G.A. 6
25.000-4-’35 Dit document is een administratieve bevestiging betreffende de regulering van straathandel (venten) in Amsterdam tijdens het interbellum. De kernpunten zijn:
- Personeelsregistratie: De gemeente bevestigt de registratie van twee specifieke werknemers van de heer Cornelisse: E.J.A. Hoogstraat Jr. (permanente vergunning) en J. Blog (tijdelijke consumptie-ijsvergunning).
- Controle en Quota: Er wordt expliciet vermeld dat het bedrijf een maximum van twee vergunningen mag exploiteren. Er is een strikte meldingsplicht bij ontslag of vertrek van personeel.
- Gereguleerde Arbeidsmarkt: De brief toont aan dat de gemeente een grote vinger in de pap had bij de personeelsvoorziening. Vacatures moesten bij voorkeur worden ingevuld door mensen die al een vergunning hadden of die op een officiële wachtlijst van de gemeente stonden.
- Termijn: De regeling in de brief heeft een beperkte geldigheid tot 1 oktober 1935, wat duidt op een periodieke herziening van de vergunningen (waarschijnlijk gerelateerd aan het einde van het ijsseizoen). In de jaren '30 (de crisistijd) hanteerde de gemeente Amsterdam een streng beleid wat betreft straathandel. Om wildgroei te voorkomen en de markt te beschermen, werd het aantal "venters" strikt gelimiteerd via een vergunningstelsel. De Afdeeling Levensmiddelen (L.M.) hield hier toezicht op.
De ondertekenaar, J. Kropman (Johannes Kropman, RKSP), was destijds wethouder in Amsterdam. De locatie van het bedrijf, de Utrechtschedwarsstraat 57-61, bevindt zich in de Amsterdamse binnenstad (Sector C). De vermelding van een "consumptieysvergunning" (consumptie-ijs) voor één van de medewerkers suggereert dat de heer Cornelisse een bedrijf voerde in de productie of distributie van ijs of aanverwante levensmiddelen. Het feit dat dit een afschrift is, duidt op het zorgvuldig bewaren van kopieën voor het gemeentelijk archief. E.J.A. Hoogstraat H.J. Cornelisse J. Blog J. Kropman Gemeente Amsterdam