Administratief dossierblad/notitie van de Gemeente Amsterdam (Marktwezen).
Origineel
Administratief dossierblad/notitie van de Gemeente Amsterdam (Marktwezen). Juni - juli 1941. [Linksboven in kader:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 28/34/1 1941
DOORGEZONDEN: 12/6
[Midden boven, handgeschreven in blauw potlood:]
H.J. Draaijer, pl. 615 Westerstraat 58 II
A. Draaijer-van Stelten pl 203 Lindengracht
28/34/2 N 41 7/3:
3 mnd. uitstel
plaats bezetten.
(d.i. t/m 17-6-41)
[Rechtsboven, blauwe stempel met handtekening:]
Marktambtenaar [w.g. de Wolff]
Contrôleur
om advies/om rapport/ter kennisneming.
18-6-41
[w.g. de Haan]
[Hoofdtekst, midden:]
Aan Draaijer kan m.i. worden
toegestaan de plaatsen op de
markten Lindengracht en Wester-
straat, gedurende drie maanden
niet in te nemen.
Draaijer moet echter zorg dra-
gen dat het ook tijdens zijn afwezig-
heid, verschuldigde marktgeld
wekelijks wordt betaald.
(Zie rapport marktafd.) 12-7-41
[w.g. de Haan]
[Rechts midden, handgeschreven:]
Tegen nog eenigen
tijd uitstel plaats
bezetten bestaat m.i.
geen enkel bezwaar.
20-6-41. [Onleesbare paraaf]
[Rechtsonder, diverse aantekeningen:]
28/34/2 17/7/41 [doorgestreept]
Acc. modelbriefje
3 maanden uitstel.
[paraaf JHD?]
15/7 41
[Linksonder, drukkerijgegevens:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een verzoek van het echtpaar Draaijer om hun marktplaatsen op de Westerstraat en de Lindengracht tijdelijk (voor een periode van drie maanden) niet te hoeven bezetten. In de Amsterdamse marktverordening was (en is) het gebruikelijk dat een toegewezen plek daadwerkelijk ingenomen moet worden, anders vervalt de vergunning.
De ambtenaren (waaronder de heer De Haan en De Wolff) adviseren positief over dit uitstel. De belangrijkste voorwaarde die gesteld wordt, is financieel van aard: het verschuldigde "marktgeld" (de staangeld-belasting) moet ook tijdens de afwezigheid wekelijks worden doorbetaald aan de gemeente. De documentatie toont de bureaucratische gang van zaken: van het eerste verzoek in juni tot de uiteindelijke goedkeuring en het versturen van een "modelbriefje" (formele bevestiging) in juli 1941. Het document dateert uit de zomer van 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De Amsterdamse markten, zoals die op de Westerstraat en Lindengracht in de Jordaan, bleven tijdens de oorlog een vitale rol spelen in de voedselvoorziening, hoewel de schaarste toenam.
Redenen voor dergelijke verzoeken tot "uitstel van bezetting" konden in deze periode divers zijn: ziekte, gebrek aan handelswaar, of de tewerkstelling van de vergunninghouder elders. Opvallend is dat de gemeentelijke bureaucratie, ondanks de oorlogsomstandigheden, strikt de procedures volgde en vooral toe zag op het veiligstellen van de gemeentelijke inkomsten via het wekelijkse marktgeld. De verwijzing naar "Model No. 14" uit 1937 onderaan het formulier geeft aan dat de administratie gebruikmaakte van vooroorlogse standaardformulieren. A. Draaijer H.J. Draaijer M. No Gemeente Amsterdam Marktwezen