Handgeschreven brief (op gelinieerd papier).
Origineel
Handgeschreven brief (op gelinieerd papier). 14 maart 1941. S. Stodel (Salomon Stodel), woonachtig aan de Rapenburgerstraat 79-I te Amsterdam. A. dam 14/3 '41
m. insp.
Weledele Heer.
Hiermede bericht ik u dat
mijn zoon zich sedert 27 Feb.
in een concentratiekamp
zit en zodoende mijn vaste
plaats op het Waterlooplein
en Mosveld niet meer be-
trekken kan. Gelieve mijn
plaats bij zijn terugkeer
weer in mijn bezit te kun-
nen nemen.
Zijn naam is A. Stodel
Adres. Rapenburgerstr 79 I
Bij voorbaat
mijn dank.
S. Stodel
[Stempel/Aantekening onderaan:]
N° 30/15/1 M. 1941 1 1/2 / 3. 30/90 * Toon en Inhoud: De brief is geschreven in een zakelijke, bijna berustende toon, wat wrang contrasteert met de verschrikkelijke reden van de mededeling. De vader (Salomon Stodel) probeert de marktvergunning ("mijn vaste plaats") veilig te stellen voor het moment dat zijn zoon (Aaron Stodel) zou terugkeren. Dit getuigt van de hoop – of de noodzaak om die hoop te veinzen – die veel families in het begin van de bezetting nog hadden.
* Taalgebruik: "Betrekken" van een marktplaats is een vakterm binnen het marktwezen. Het gebruik van "mijn vaste plaats" suggereert dat de vergunning op naam van de vader stond, maar dat de zoon de feitelijke exploitant was.
* Historische waarde: Dit document is een direct bewijs van de administratieve neerslag van de Holocaust. Het toont hoe de bureaucratie van het dagelijks leven (marktvergunningen) pijnlijk botste met de gewelddadige realiteit van de Jodenvervolging. * De Razzia's van februari 1941: De datum "27 Feb." in de brief is cruciaal. Op 22 en 23 februari 1941 vonden in de Amsterdamse Jodenbuurt de eerste grote razzia's plaats als vergelding voor opstootjes tussen de Weerbaarheidsafdeling (WA) van de NSB en Joodse knokploegen. Dit leidde tot de Februaristaking op 25 en 26 februari. Als reactie hierop werden honderden Joodse mannen opgepakt en weggevoerd.
* De persoon A. Stodel: Aaron Stodel (geboren in 1914) was een van de 425 Joodse mannen die tijdens deze razzia's werden opgepakt. Zij werden eerst naar kamp Schoorl gebracht en later gedeporteerd naar Buchenwald en Mauthausen. Uit archieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat Aaron Stodel in september 1941 in Mauthausen is vermoord.
* Locaties: Het Waterlooplein was het hart van de Joodse markt in Amsterdam. Het Mosveld in Amsterdam-Noord was eveneens een belangrijke marktlocatie. De Rapenburgerstraat, waar de familie Stodel woonde, lag midden in de Joodse wijk; vrijwel de gehele straat werd tijdens de oorlog gedeporteerd.