Archiefdocument
Origineel
13 januari 1941 H. Colog, Waterlooplein 49, Amsterdam [Bovenaan links:]
Nº 32 / 2 / 1 M. 1941
[Bovenaan rechts:]
A'dam 13 Jan '41
15/I
[Adres:]
den Directeur v/h
Marktwezen
Amsterdam
[Aanhef:]
Weledele Heer,
[Inhoud:]
Ondergetekende vraagt,
beleefd de standplaats (Zaterdagmarkt)
Sumatrastraat, van Hartog Schuitenvoerder,
te mogen behouden, daar zij hier al, den
geheelen zomer reeds staat, en voordien zelf
een nummer aan de overzijde had.
Gaarne een gunstig resultaat,
van UEd. te mogen ontvangen, verblijf ik
in afwachting, hoogachtend,
[Ondertekening:]
Uw Dw
H. Colog
[Onderaan links:]
Adres. H. Colog
Waterlooplein 49
Amsterdam (C)
[Rechtsonder:]
32 De brief is een formeel rekest (verzoekschrift) van een Amsterdamse burger aan de gemeentelijke autoriteiten. De schrijver, H. Colog, verzoekt om de officiële toewijzing of het behoud van een marktplaats op de Sumatrastraat (zaterdagmarkt). De tekst suggereert een overname of voortzetting van een plek die eerder geassocieerd was met ene Hartog Schuitenvoerder. Colog voert als argument voor continuïteit aan dat de standplaats al de gehele voorgaande zomer bezet werd en dat men daarvoor ook al aan de overkant van de straat stond. Het handschrift is een verzorgd en vlot lopend Latijns schrift, typerend voor het midden van de 20e eeuw. De gehanteerde terminologie ("Weledele Heer", "UEd.", "Uw Dw" - Uw Dienstwillige) is kenmerkend voor de toenmalige formele correspondentie met de overheid. Het document is gedateerd op 13 januari 1941, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De historische context is zeer beladen. De afzender woont op het Waterlooplein 49, in het hart van de Amsterdamse Joodse buurt. Ook de namen 'Colog' en 'Schuitenvoerder' zijn Joodse namen die veelvuldig voorkwamen in Amsterdam.
In januari 1941 nam de druk op de Joodse bevolking door de bezetter snel toe. Joodse markthandelaren kregen te maken met steeds meer beperkende regels, wat kort na deze brief (in het voorjaar van 1941) zou leiden tot het verbannen van Joden van de reguliere markten en de instelling van aparte 'Joodse markten'. Dit verzoek om een standplaats te mogen behouden in de Sumatrastraat (Indische Buurt) weerspiegelt de poging van kleine zelfstandigen om in een onzekere en vijandige tijd hun economische bestaansrecht te verdedigen via officiële weg. Uit archieven van de Holocaust (o.a. Joods Monument) blijkt dat veel leden van de familie Schuitenvoerder tijdens de oorlog zijn weggevoerd en vermoord. H. Colog Marktwezen