Getypte ambtelijke brief/nota.
Origineel
Getypte ambtelijke brief/nota. 17 October 1942. Vermoedelijk de directie van de Centrale Markt of een gerelateerde ambtelijke instantie (ondertekend door "ondergeteekenden", met initialen A.v.D. en Heburgh bovenaan). [Handgeschreven, rechtsboven:] A. v D / Heburgh
[Stempel/Type, rechtsboven:] VD/HB.
[Handgeschreven, midden boven:] Verzonden 19/10
37/118/1 M.
17 October 1942.
Toelating als grossier tot de Centrale Markt.
den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In aansluiting op onzen brief van 15 October j.l. No. 37/101/5 M., inzake het verzoek om toelating als grossier tot de Centrale Markt hebben ondergeteekenden de eer U hierbij van nog eenige dergelijke verzoeken op de hoogte te stellen, [Marge links:] door den eerst-ondergetekende onder mededeeling, dat op geen dezer verzoeken een gunstige beslissing is genomen.
Fa. Bakker & Brouwer, Schoonrewoerd.
Deze firma is in het bezit van een erkenning als groothandelaar van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale. Zij heeft 27 ha. boomgaard in eigen gebruik; de opbrengst daarvan moet zij op de veiling afleveren; verder heeft zij een aantal punten op de veilingen Geldermalsen en Culemborg. Zij treedt voorts op als loonspuiter bij de vruchtboombespring en exploiteert ook een expeditiebedrijf.
De firma was sedert jaren gewend om haar fruit in commissie te zenden aan den op de Centrale Markt gevestigden Joodschen grossier Piller; na de ariseering der Centrale Markt is deze relatie geëindigd en Bakker en Brouwer waren niet langer bereid om hun fruit in commissie te zenden, vandaar dat zij hebben verzocht op de Centrale Markt zelf hun handel te mogen drijven. Het is aan te nemen, dat deze handel thans buiten de Centrale Markt om en wellicht zelfs buiten Amsterdam wordt gedreven, zoodat bij toelating tot de Centrale Markt meer fruit zal worden aangevoerd.
Evenals ten aanzien van het verzoek van Esveld zijn hier zakelijk geen motieven aan te voeren om Bakker en Brouwer den toegang tot de Centrale Markt te weigeren, terwijl, voor zoover ons bekend, ook ten aanzien van de personen niets ten hunnen nadeele kan worden aangevoerd.
Aangezien deze firma echter verschillende functies vervult, waaronder die van teeler-grossier, op welk gebied eveneens binnenkort door de bedrijfsorganisatie regelend zal worden opgetreden, meent de eerste ondergeteekende, onder verwijzing naar de conclusies ten aanzien van het verzoek Esveld, dat in afwachting hiervan niet tot toelating dezer firma moet worden overgegaan.
[Handgeschreven links onderin:] 64/D / 37/49. * Taalgebruik: Formeel-ambtelijk Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (bijv. "ondergeteekenden", "ariseering", "Joodschen").
* Kern van het document: De brief bespreekt het verzoek van de firma Bakker & Brouwer uit Schoonrewoerd om direct op de Centrale Markt in Amsterdam te mogen handelen.
* Economische motivatie: De firma wil niet langer via een tussenpersoon (grossier) werken, maar zelf de handel drijven. Er wordt opgemerkt dat toelating gunstig zou zijn voor de voedselaanvoer naar Amsterdam ("meer fruit zal worden aangevoerd").
* Besluitvorming: Hoewel er geen persoonlijke of zakelijke bezwaren tegen de firma zijn, wordt het verzoek aangehouden (afgewezen voor het moment). De reden is een aanstaande herstructurering van de bedrijfsorganisatie voor "teeler-grossiers". Men wil geen precedent scheppen voordat nieuwe regels van kracht zijn. * Historische context: Het document dateert uit oktober 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland.
* Antisemitisme en 'Ariseering': Een cruciaal detail is de vermelding van de "Joodschen grossier Piller". De term "ariseering" (arisering) verwijst naar het proces waarbij Joodse ondernemers door de nazi-bezetter uit hun bedrijven werden gezet en de bezittingen werden overgedragen aan niet-Joden of de staat.
* Voedselvoorziening: De Centrale Markt was tijdens de oorlog van vitaal belang voor de voedseldistributie. De bureaucratische controle hierop was streng, zoals blijkt uit de verwijzing naar de "Wethouder voor de Levensmiddelen". De brief toont aan hoe de uitsluiting van Joden de bestaande handelsketens verstoorde, waarbij leveranciers (zoals Bakker & Brouwer) weigerden samen te werken met de nieuwe (vaak NSB-georiënteerde) beheerders van de geariseerde bedrijven.