Dienstverslag / Rapport
Origineel
Dienstverslag / Rapport 6 augustus 1942 B. Felthuis, Controleur bij de gemeente Amsterdam R A P P O R T
Op 21 Juli 1942,is door mij,ondergeteekende controleur B.Felthuis,
rapport opgemaakt contra A.Kramer,terzake het uitoefenen van groot-
handel in groenten en fruit in een perceel Rozenstraat hoek Lijn-
baansgracht.Op Woensdag 5 Augustus 1942,werd mij door grossier P.
Maasen huurder van pakhuis E.10 medegedeeld,dat hij had geconsta-
teerd,dat door Kramer op de Centrale Markt groenten zou zijn gelever-
aan kleinhandelaren.Welke datum dit precies geweest was kan Maarsen
mij niet meer met zekerheid verklaren,doch zou dit op of omstreeks
28 Juli geweest zijn.Aan welke koopers Kramer geleverd had wist Maar-
sen mij evenmin met zekerheid te vertellen,zoodat een en ander moei-
lijk is na te gaan en alleen op de verklaring van Maarsen moet worden
aangenomen.Bij onderzoek is mij wel gebleken,dat door schipper
Meeuwissen reeds eenige malen groenten voor Kramer is aangevoerd aan
de Centrale Markt,welke dan door grossier P.van Saane,huurder van
pakhuis E.18 aan kleinhandelaren is verkocht.Zoo is ook heden morgen
voor Kramer aangevoerd en door van Saane verkocht 88 stuks bloemko-
len en 16 bakken bloemkolen afkomstig van de veiling te Delft en
20 kisten appelen en 19 kisten spercieboonen afkomstig van de veiling
te Oud Beijerland.
Kramer verklaarde mij voorts nog,dat hij toewijzingen heeft van
de volgende veilingen:Delft--Oud Beijerland--Capelle Biezelingen en
Beverwijk.
Amsterdam 6 Augustus 1942
Controleur,
[Handtekening: B. Felthuis]
Den Heer Bedrijfschef
van het Marktwezen.
[Handtekening: onleesbaar] In dit rapport doet controleur Felthuis verslag van een onderzoek naar de handelswijze van A. Kramer. Kramer wordt ervan verdacht als groothandelaar op te treden buiten de daarvoor bestemde kanalen of locaties.
De bewijsvoering steunt op twee pijlers:
1. Getuigenverklaring: Grossier Maarsen meldt dat Kramer direct aan kleinhandelaren zou hebben geleverd, hoewel hij geen specifieke data of namen van kopers kan noemen.
2. Feitelijke constatering: De controleur stelt vast dat Kramer via een schipper (Meeuwissen) goederen laat aanvoeren die vervolgens door een andere grossier (P. van Saane) op de Centrale Markt worden verkocht. Dit betreft concrete partijen bloemkool, appelen en sperziebonen van veilingen uit Delft en Oud Beijerland.
Kramer verweert zich door te stellen dat hij officiële toewijzingen heeft van diverse veilingen in Nederland (Delft, Oud-Beijerland, Kapelle-Biezelinge en Beverwijk), wat suggereert dat hij meent rechtmatig te handelen. Dit document stamt uit augustus 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de handel in levensmiddelen extreem streng gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse distributie-instanties om zwarte handel te bestrijden en de voedselvoorziening te controleren.
De Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Jan van Galenstraat) was het knooppunt voor de voedseldistributie in de stad. Handelaren moesten strikt binnen hun toegewezen vergunningen en locaties werken. Het Marktwezen hield nauwgezet toezicht op 'sluikhandel' of het omzeilen van de officiële distributieketen. Rapporten zoals deze boden de juridische basis voor sancties of verdere vervolging van handelaren die de distributieregels overtraden.