Handgeschreven verzoekschrift.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift. 30 oktober 1941. Een visverkoper met standplaats op het Dapperplein (naam niet op deze pagina vermeld). De Inspecteur van het Marktwezen te Amsterdam. [Bovenaan in stempel/potlood:]
No 46A / 59 / 1 M. 1341 1/11
A/dam 30 Oct. '41
den Heer Inspecteur van het
Marktwezen te Amsterdam
WelEd. Heer!
Hiermede verzoek ik U beleefd
in aanmerking te mogen komen
voor een toewijzing zoetwatervisch
in de Gem. Vishhal te Amsterdam
Ik ben geen onbekende in de
visch en in het bezit van een
ventvergunning Serie 22 No. 63
voor alle soorten visch heb
vaste standplaats Dapperplein
de laatste jaren haring en mosselen
zooals U weet, ~~sta~~ nu met
versche mosselen, maar kan met
3 en 4 baaltjes per dag de kost voor
mijn gezin niet verdienen, reden
om een toewijzing Hopende op * Taal en spelling: Het document is geschreven in het Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (bijv. "visch", "zooals", "versche"). De toon is uiterst beleefd en formeel ("WelEd. Heer", "verzoek ik U beleefd").
* Inhoud: De schrijver verzoekt om een officiële toewijzing om zoetwatervis te mogen inkopen/verkopen in de Gemeentelijke Vishallen. Hij onderbouwt zijn verzoek door aan te tonen dat hij een ervaren handelaar is met de juiste papieren (ventvergunning Serie 22 No. 63).
* Motivatie: De economische noodzaak vormt de kern van het verzoek. De huidige handel in mosselen (3 à 4 baaltjes per dag) levert onvoldoende op om zijn gezin te kunnen onderhouden.
* Schrift: Een vlot, goed leesbaar cursief handschrift in inkt op gelinieerd papier. Er is één kleine correctie zichtbaar (het woord "sta" is doorgehaald en opnieuw geschreven). * Historische periode: De brief dateert uit oktober 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en strikte regulering van de voedselvoorziening.
* Marktwezen: Het Marktwezen in Amsterdam hield streng toezicht op wie wat mocht verkopen. Een "toewijzing" was essentieel om legaal handel te kunnen drijven in schaarse goederen zoals vis.
* Locatie: Het Dapperplein in Amsterdam-Oost was ook toen al een belangrijke marktlocatie. De "Gem. Vishhal" (Gemeentelijke Vishallen) maakte deel uit van het Centrale Markthallen-complex aan de Jan van Galenstraat, waar de groothandel plaatsvond.
* Sociale context: De brief biedt een inkijkje in het dagelijks overleven van kleine zelfstandigen tijdens de oorlogsjaren, waarbij men via officiële weg probeerde het hoofd boven water te houden. Marktwezen
Samenvatting
- Taal en spelling: Het document is geschreven in het Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (bijv. "visch", "zooals", "versche"). De toon is uiterst beleefd en formeel ("WelEd. Heer", "verzoek ik U beleefd").
- Inhoud: De schrijver verzoekt om een officiële toewijzing om zoetwatervis te mogen inkopen/verkopen in de Gemeentelijke Vishallen. Hij onderbouwt zijn verzoek door aan te tonen dat hij een ervaren handelaar is met de juiste papieren (ventvergunning Serie 22 No. 63).
- Motivatie: De economische noodzaak vormt de kern van het verzoek. De huidige handel in mosselen (3 à 4 baaltjes per dag) levert onvoldoende op om zijn gezin te kunnen onderhouden.
- Schrift: Een vlot, goed leesbaar cursief handschrift in inkt op gelinieerd papier. Er is één kleine correctie zichtbaar (het woord "sta" is doorgehaald en opnieuw geschreven).
Historische Context
- Historische periode: De brief dateert uit oktober 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en strikte regulering van de voedselvoorziening.
- Marktwezen: Het Marktwezen in Amsterdam hield streng toezicht op wie wat mocht verkopen. Een "toewijzing" was essentieel om legaal handel te kunnen drijven in schaarse goederen zoals vis.
- Locatie: Het Dapperplein in Amsterdam-Oost was ook toen al een belangrijke marktlocatie. De "Gem. Vishhal" (Gemeentelijke Vishallen) maakte deel uit van het Centrale Markthallen-complex aan de Jan van Galenstraat, waar de groothandel plaatsvond.
- Sociale context: De brief biedt een inkijkje in het dagelijks overleven van kleine zelfstandigen tijdens de oorlogsjaren, waarbij men via officiële weg probeerde het hoofd boven water te houden.