Officiële aanstellingsbrief / kennisgeving van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële aanstellingsbrief / kennisgeving van de Gemeente Amsterdam. 30 juni 1950. Burgemeester en Wethouders (B&W) van Amsterdam. De Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. [Linksboven - Briefhoofd]
GEMEENTE AMSTERDAM
Raadhuis, O.Z. Voorburgwal
Telefoon 64455 (18 lijnen)
[Middenboven - Stempels]
№ 102/2/1.
M. 1950 7/7.
[Rechtsboven - Handgeschreven]
m.i. Dri.
[Onder het briefhoofd]
Men wordt verzocht, bij het antwoord nauwkeurig de datum, het nummer en de afdeling van deze brief te vermelden.
[Referentieblok]
Afd. P.W. No. 1/3 1949.
Bijlagen
Uw brief:
Datum: 30 Juni 1950.
[Inhoud]
Onderwerp:
Onder verwyzing naar ons besluit van 26 Mei j.l., No 1/3 P.W. 1949, delen wy U mede, dat wy U ambtshalve hebben benoemd tot lid van de door ons ingestelde Gemeentelyke Zuiderzeecommissie.
Deze Commissie heeft tot taak ons College te rapporteren over de belangen, welke voor Amsterdam zyn verbonden aan de totstandkoming van de zuidelyke polders van het Ysselmeer en ons ter zake de nodige voorstellen te doen.
[Ondertekening]
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
[Handtekening/Paraaf]
de Secretaris,
[Handtekening]
[Linksonder - Adressering]
Aan de Heer Directeur van het Marktwezen.
[Stempel "Ingekomen"]
INGEKOMEN
7 JULI 1950
Beantw.
[Handgeschreven: h.]
[Rechtsonder - Drukkerijgegevens en aantekeningen]
Model G.A. 5
Stadsdrukkerij
26967-12-49-25.000
[Handgeschreven: nd mo.] [Paraaf: nk] * Taalgebruik: Het document hanteert een formele, ambtelijke stijl die typerend is voor de naoorlogse periode. Opvallend is het gebruik van de letter "y" in plaats van de "ij" (bijv. "verwyzing", "Gemeentelyke", "zuidelyke"), een vaker voorkomende typografische keuze of gewoonte in die tijd.
* Inhoudelijke kern: De Directeur van het Marktwezen wordt 'ambtshalve' (uit hoofde van zijn functie) benoemd tot lid van een specifieke commissie. Dit duidt op een multidisciplinaire aanpak van de gemeente bij grote ruimtelijke ontwikkelingen.
* Administratieve sporen: De brief is gedateerd op 30 juni, maar pas op 7 juli "ingekomen" bij de betreffende dienst (Marktwezen), zoals blijkt uit de blauwe stempel onderaan. De diverse nummers en stempels bovenin duiden op de centrale registratie binnen het archiefsysteem van het stadhuis. Dit document stamt uit een cruciale periode van de Nederlandse wederopbouw en ruimtelijke ordening. De Zuiderzeewerken waren in 1950 in volle gang. Na de drooglegging van de Wieringermeer (1930) en de Noordoostpolder (1942), verschoof de aandacht naar de 'zuidelijke polders' (het huidige Flevoland: Oostelijk en Zuidelijk Flevoland).
Voor Amsterdam was de inpoldering van het IJsselmeer van enorm strategisch belang. De stad maakte zich zorgen over zaken als de waterhuishouding, de bereikbaarheid over water en de sociaaleconomische impact van nieuw land nabij de stadsgrenzen. De instelling van de Gemeentelyke Zuiderzeecommissie toont aan dat Amsterdam proactief haar belangen wilde verdedigen en vorm wilde geven aan de plannen van het Rijk. Dat de Directeur van het Marktwezen lid werd, suggereert dat men ook keek naar de gevolgen voor de handelsstromen, voedselvoorziening en marktposities van de hoofdstad. O.Z. Voorburgwal P.W. No Gemeente Amsterdam Marktwezen Stadhuis