Getypte rapportpagina (doorslag of origineel op schrijfmachine).
Origineel
Getypte rapportpagina (doorslag of origineel op schrijfmachine). -27-
Daarnaast is mogelyk een verdeeling in drie afdeelingen, n.l. den lagen Zuidoosthoek (ongeveer tot de dieptelyn van 4,00 m - N.A.P.), den hoogen Westrand (ongeveer de dieptelyn van 3,20 m - N.A.P.) en een haakvormig middengebied, waarop ook de hooge gedeelten van het Enkhuizerzand afwateren (zie bylage 7). De afdeelingen I, II en III krygen dan oppervlakten van respectievelyk 10.150, 24.500 en 22.600 ha met polderpeilen van 4,90 m, 5,70 en 6,30 m - N.A.P.
Thans dient te worden nagegaan, hoe de verschillende afdeelingen bemalen kunnen worden. De studie van de bemaling van den Noordoostelyken polder heeft geleid tot de stichting van 3 gemalen met totaal 8 pompen. Nu is de Zuidwestelyke polder ongeveer 20% grooter, zoodat een dergelyke oplossing, eventueel met 9 pompen, zeker ernstig in aanmerking komt; daarnaast zou echter de bemaling ook wel geconcentreerd kunnen worden in twee gemalen, elk van vier pompen.
In par. 1 is aangetoond, dat de gemalen moeten uitslaan op het middenkanaal of op het Ymeer, dus in dit geval tusschen Edam (E) en den mond van het middenkanaal aan het Ysselmeer. Deze beperking brengt voor de bemaling het onvermydelyke nadeel mede, dat by Zuidelyke winden het water by elk gemaal afwaait. Om dit nadeel te beperken en by verschillende windrichtingen zooveel mogelyk van opwaaiing in den polder profyt te trekken, is het gewenscht, de gemalen over het "geoorloofde" deel van den omtrek zooveel mogelyk te verdeelen. Het Oostelykste gemaal (L) zal in elk geval in de diepste afdeeling zyn gelegen. Nu kan een hoogere afdeeling steeds op een lagere loozen; de lagere gemalen kunnen dus steeds een reserve vormen voor de hooger gelegene. Voor het laagste gemaal is deze reserve echter niet te vinden, zoodat een gemaal (G) by de grens met de volgende afdeeling, dat derhalve twee afdeelingen kan bemalen, gewenscht is. Het middenste gemaal zal dus aan de Westelyke grens van de diepste afdeeling moeten worden gebouwd.
Worden drie polderafdeelingen gemaakt, dan is het aangewezen, het gemaal (E) voor de hoogste afdeeling by Edam te bouwen; het ligt dan ongeveer in het midden der afdeeling en het kan in denzelfden put worden gebouwd als de sluis, welke daar noodig is, hetgeen een belangryk financieel voordeel oplevert.
Wordt besloten tot het maken van twee afdeelingen, dan ryst de vraag of het gemaal E toch zal worden gebouwd of wel de geheele bemaling dier afdeeling in G zal worden geconcentreerd. By de diepe Zuiderzeepolders is het noodig, de bemaling zooveel mogelyk veilig te stellen; eenerzijds is dit tot nu toe bereikt door ervoor te zorgen, dat de gemalen zooveel mogelyk elkanders reserve kunnen zyn, maar anderzijds door de gemalen zooveel mogelyk op verschillende energiebronnen aan te wyzen. Nu zullen, wegens hun geisoleerde ligging, de gemalen G en L als Diesel- c.q. stoomgemalen gebouwd moeten worden en is het gemaal E het eenige, dat electrisch aangedreven zal kunnen worden. Uit dien hoofde verdient dus de bouw van laatstgenoemd gemaal aanbeveling. Wordt dit gemaal niet gebouwd, dan zal by geheele of gedeeltelyke storing van het gemaal G, water uit de eerste polderafdeeling op tweede moeten worden afgelaten, wat in beginsel minder juist is, vooral omdat G ook wel mede voor de bemaling van afdeeling II dienst zal moeten doen. Al deze overwegingen leiden tot de gevolgtrekking, dat het gewenscht is, ook by verdeeling van den polder in twee afdeelingen, de drie gemalen te stichten.
By de noodzakelyke plaats der gemalen zal het Noordoostelyk deel van den polder op grooten afstand van de gemalen zyn gelegen, hetgeen een bezwaar oplevert, dat * Doel van de tekst: De tekst weegt verschillende scenario's af voor de waterhuishouding van een nieuwe polder. Er wordt gekeken naar een verdeling in twee of drie afdelingen en de optimale plaatsing en aandrijving van de gemalen (E, L en G).
* Technische overwegingen:
* Wind: Men houdt rekening met 'afwaaiing' (het wegwaaien van water bij de gemalen door wind), wat pleit voor een spreiding van gemalen.
* Redundantie: Gemalen moeten elkaars reserve kunnen zijn. Een gemaal op een lagere afdeling kan als reserve dienen voor een hogere afdeling.
* Energievoorziening: Er wordt gediscussieerd over de combinatie van Diesel-, stoom- en elektrische aandrijving voor de bedrijfszekerheid. Gemaal E (bij Edam) is de beoogde locatie voor een elektrisch gemaal.
* Kosten: Het combineren van gemaal E met een noodzakelijke sluis in één bouwput wordt als financieel voordelig gezien.
* Conclusie van de pagina: De auteur adviseert om, ongeacht of de polder in twee of drie stukken wordt verdeeld, drie gemalen te bouwen om de veiligheid en efficiëntie van de bemaling te waarborgen. Deze pagina maakt deel uit van de uitgebreide technische planning voor de Zuiderzeewerken, specifiek voor de drooglegging van de polders in het IJsselmeer. De geografische aanduidingen (Edam, Ymeer, Zuidoosthoek) en de beschrijving van de "Zuidwestelyke polder" duiden op de plannen voor wat uiteindelijk Zuidelijk Flevoland zou worden.
De spelling (zoals "mogelyk" en "afdeelingen") en de referentie naar stoomgemalen plaatsen dit document in de midden-20e eeuw (waarschijnlijk de jaren '30 of '40), de periode waarin de ontwerpen voor de latere polders werden gefinaliseerd na de ervaringen met de Wieringermeer en de Noordoostpolder. Het document illustreert de complexiteit van de Nederlandse waterbouw, waarbij techniek, veiligheid, meteorologie en economie hand in hand gaan.