Technische kaart / bodemkaart.
Origineel
Technische kaart / bodemkaart. Rechtsboven:
BLAD IV
Rechtsonder (Titelblok):
ZUIDELIJKE POLDERS.
GRONDSOORTEN EN DIEPTELIJNEN.
SCHAAL 1:400.000
Legenda (Rechts):
VERKLARING
[Arcering verticale lijnen]: ZWARE ZAVEL
[Arcering horizontale lijnen]: LICHTE ZAVEL
[Arcering diagonale lijnen ]: KLEIHOUDEND ZAND
[Stippeling]: KLEIARM ZAND
[Doorgetrokken lijn]: DIEPTELIJN VAN 2.00 m - NAP
[Streepjeslijn - - -]: " 3.00 m - "
[Stip-streep lijn - . -]: " 4.00 m - "
[Dubbele stip-streep lijn - .. -]: " 5.00 m - "
Coördinatenstelsel (Assen):
Verticale as (links): +40.000, +30.000, +20.000, +10.000, -10.000, -20.000, -30.000
Horizontale as (onder): +60.000, +50.000, +40.000, +30.000, +20.000
Tekst in de kaart:
Diverse getallen bij de hoogtelijnen (o.a. 300, 400, 500), corresponderend met de diepte in centimeters t.o.v. NAP.
Spiegelbeeldige tekst (doorslag van linkerpagina):
OVERZICHT VAN DE BOUWPLANNEN
SCHAAL 1:200.000
STAATSCOMMISSIE 1925
LEEMANS 1935
WORTMAN 192.. Dit document is een wetenschappelijke en cartografische weergave van de bodemgesteldheid en de diepte van de Zuiderzeebodem in het gebied dat bestemd was voor de 'Zuidelijke Polders' (het huidige Flevoland). De kaart is cruciaal voor de civieltechnische planning van de Zuiderzeewerken.
De kaart onderscheidt vijf bodemtypen, variërend van zware klei tot kleiarm zand. Deze informatie was essentieel om te bepalen welke gebieden het meest geschikt waren voor landbouw en waar de fundering voor dijken het best geplaatst kon worden. De dieptelijnen (isobathen) geven het reliëf van de toenmalige zeebodem aan ten opzichte van het Normaal Amsterdams Peil (NAP). De schaal 1:400.000 duidt op een overzichtskaart van het gehele projectgebied van de zuidelijke IJsselmeerpolders. De kaart maakt deel uit van de uitgebreide voorbereidende studies voor de uitvoering van de Zuiderzeewerken, het grootschalige waterbouwkundige project onder leiding van de Dienst der Zuiderzeewerken.
De spiegelbeeldige teksten op de linkerpagina bieden belangrijke historische context:
1. Staatscommissie 1925: Verwijst naar de commissie (vaak de Commissie-Lovink of gerelateerde technische adviesraden) die de plannen voor de inkpoldering toetste.
2. Leemans 1935: Verwijst naar W.F. Leemans, een prominente ingenieur en directeur-generaal van Rijkswaterstaat.
3. Wortman: Verwijst naar Hendrik Wortman, die een sleutelrol speelde als opvolger van Cornelis Lely en directeur van de Dienst der Zuiderzeewerken tussen 1919 en 1929.
De aanwezigheid van deze namen en jaartallen suggereert dat dit blad deel uitmaakt van een verzamelwerk of rapport uit de late jaren '30, waarin verschillende evoluties van de polderplannen (van 1925 tot 1935) naast elkaar werden gepresenteerd om de voortgang en wijzigingen in het ontwerp te documenteren. W.F. Leemans