Archiefdocument
Origineel
-4-
den te wyzigen in een dieper fundeeringspeil.
De heer BIEMOND zegt zich met deze redactioneele wyzigingen te kunnen vereenigen.
De Commissie besluit zich met de nota te vereenigen.
5. Beschouwingen over natuurschoon, ontspanning en toerisme.
De Commissie kan zich met deze beschouwingen vereenigen.
6. Ontwerp-schryven van den Burgemeester aan den Dienst der Zuiderzeewerken.
De SECRETARIS zegt, dat dit ontwerp-schryven eenige veranderingen behoeft, nu besloten is, de nota van den heer Biemond niet aan de Directie der Zuiderzeewerken toe te zenden. In verband daarmede komt het spreker gewenscht voor tusschen de laatste en de voorlaatste alinea van den brief het volgende in te lasschen:
"Ten aanzien van het in punt 6 van het werkprogramma vermelde onderwerp (Ondergrondsche waterhuishouding) heeft de Commissie kennis genomen van de uitkomsten der hieromtrent uitgevoerd berekeningen, welke ook h.i. voorloopig de meening wettigen, dat de te verwachten verlaging van het grondwaterpeil te Amsterdam als gevolg van den aanleg der Zuidelyke polders geen reden tot bezorgdheid kan zyn."
Spreker acht het voorts gewenscht, er in den brief ook melding van te maken dat een afschrift van dit schryven vertrouwelyk is toegezonden aan den Secretaris-Generaal van het Departement van Waterstaat, aan de Vaste Commissie voor de Uitbreidings- en Streekplannen in Noordholland en aan den Directeur van het Bureau van den Ryksdienst voor het Nationale Plan.
De heer VAN HASSELT vraagt of het geen aanbeveling verdient ook een afschrift te sturen aan de Kamer van Koophandel en Fabrieken te Amsterdam. Spreker en zyn medelid, de heer Key, voelen zich wel eenigszins bezwaard om hetgeen zy hier in deze Commissie hebben vernomen niet te mogen meedeelen aan de Kamer van Koophandel, die hen heeft afgevaardigd. Opportuun is, of de groote scheepvaartmaatschappyen het gewenscht vinden door middel van de Kamer van Koophandel een actie te beginnen tegen het verhoogen van de stroomsnelheid van het Noordzeekanaal.
De VOORZITTER zegt, er geen bezwaar tegen te hebben, den Burgemeester voor te stellen ook een afschrift van de stukken ter vertrouwelyke kennisneming toe te zenden aan de Kamer van Koophandel. Mocht de Kamer het gewenscht vinden in deze aangelegenheid adhaesie te betuigen of wel een actie te beginnen, dan dient, waar de stukken vertrouwelyk worden toegezonden, hierover eerst overleg te worden gepleegd met den Burgemeester.
De heer BOOGERD stelt voor, in de 8e alinea, waar gesproken wordt omtrent de mogelykheid van een vlieghaven in het Ymeer, het woord "mogelykheid" te vervangen door "wenschelykheid en de mogelykheid".
De Commissie besluit zich met den inhoud van het ontwerp-schryven met inachtneming van de daarin aan te brengen wyzigingen en aanvullingen te vereenigen. Evenzoo gaat zy met het ontwerp-schryven aan den Burgemeester met de daarin dienovereenkomstig aangebrachte wyzigingen en aanvullingen accoord.
7. Rondvraag.
De SECRETARIS vraagt de aandacht voor de Beschryving van het Algemeen Plan voor den Zuidwestelyken Polder en in het byzonder voor hetgeen daarin vermeld staat op blz.38, waar er van gesproken wordt, dat in het huidige stadium van voorbereiding van den polder de inrichting binnen de bedyking nog niet aan de orde behoeft te worden gesteld. Voorts wyst spreker op de conclusie, vermeld op blz.27 van het Algemeen Plan, waar staat dat, op grond van de voorgaande overwegingen de conclusie is getrokken, dat er by het maken van de plannen voor de Zuidelyke polders op moet worden gerekend, dat er een ruime waterverbinding noodig zal zyn tusschen Y en Ysselmeer. In deze conclusie wordt echter niet gerept van een ruime waterverbinding tusschen het Ymeer en het Noordzeekanaal.
De heer VAN HEEMSKERCK VAN BEEST vestigt er in verband hiermede nog de aandacht op, dat op diezelfde bladzyde te lezen staat, dat men zich voorstelt de verzouting van het Noordzeekanaal door krachtig spuien by Ymuiden tegen te gaan. M.a.w. als het ter wille van de bemaling der polders niet noodig is om op het Noordzeekanaal te spuien, zal dit toch nog gebeuren ter wille van het tegengaan van de verzouting. Wy hebben ons dus met reden bezorgd gemaakt over het toe-
Dienst P.W.
Amsterdam. * Hydrologische zorgen: Een kernpunt is de bezorgdheid over het verlagen van het grondwaterpeil in Amsterdam als gevolg van de aanleg van de Zuidelijke polders (de huidige Flevopolder/Markenwaard-plannen). Volgens de commissie is deze angst voorlopig ongegrond op basis van berekeningen.
* Ruimtelijke ordening: Er wordt gesproken over de "mogelijkheid" (en na amendement "wenschelijkheid") van een vlieghaven in het IJmeer. Dit toont aan dat men destijds al serieus nadacht over grootschalige infrastructuur in het water ten oosten van Amsterdam.
* Waterkwaliteit: De heer Van Heemskerck van Beest maakt zich zorgen over de verzouting van het Noordzeekanaal en het effect van spuien bij IJmuiden.
* Bestuurlijke processen: De tekst laat de interactie zien tussen verschillende overheidsinstanties (Dienst der Zuiderzeewerken, Departement van Waterstaat, de Gemeente Amsterdam) en belangenorganisaties zoals de Kamer van Koophandel. Dit document is een verslag van een overleg binnen de Dienst Publieke Werken van Amsterdam betreffende de Zuiderzeewerken. Dit was een van de grootste waterbouwkundige projecten van de 20e eeuw in Nederland. De focus ligt hier op de Zuidelijke polders, specifiek de Zuidwestelijke polder (bekend als de nooit voltooide Markerwaard).
De genoemde personen, zoals de heer Biemond (Cornelis Biemond, destijds directeur van het Amsterdamse Waterleidingbedrijf en later van Publieke Werken), waren sleutelfiguren in de naoorlogse opbouw en uitbreiding van Amsterdam. De discussie over een luchthaven in het IJmeer is een interessant historisch detail; dit idee is in de loop der decennia vaker teruggekeerd als alternatief voor de uitbreiding van Schiphol. P.W. Gemeente Amsterdam Kamer van Koophandel Publieke Werken