Officiële brief/correspondentie van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief/correspondentie van de Gemeente Amsterdam. 24 april 1941. De Regeeringscommissaris voor Amsterdam (Edward Voûte) en de Gemeente-Secretaris. De Directeur van het Marktwezen. [Stempel linksboven in paars/blauw:] No 102 / 1 / 1 M. 1941 [handgeschreven toevoeging:] 20/4
[Handgeschreven rechtsboven in blauwe inkt:] Beh. [?] hiervan nieuw dossier vormen
[Gedrukte kop:] GEMEENTE AMSTERDAM
AFD. [blanco] AMSTERDAM, 24 April 1941.
No. 128 P.W.1941.
2 BIJLAGEN. [handgeschreven paraaf/teken]
[Kader tekst rechts:] MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER VAN DIT SCHRIJVEN EN DE AFDEELING TE VERMELDEN.
Hierby deel ik U mede, dat ik U by myn besluit van 18 April j.l. heb benoemd tot lid van de Gemeentelyke Commissie, wier taak het zal zyn my te rapporteeren over de belangen, welke voor Amsterdam zyn verbonden aan de totstandkoming der Zuidelyke polders van het Ysselmeer en my ter zake de noodige voorstellen te doen.
Te Uwer informatie voeg ik hierby een exemplaar van voormeld besluit, houdende tevens de samenstelling der Commissie, benevens een nota, houdende eenige voorloopige beschouwingen in zake de belangen van Amsterdam by de uitvoering van de Zuidelyke polders van het Ysselmeer.
De Regeeringscommissaris voor Amsterdam,
[Handtekening: Voûte]
De Gemeente-Secretaris,
[Handtekening: J.F. Franken]
Aan
den Directeur van
het Marktwezen.
[Linksonder:] Model G. A. 5. 25000-7-'40
[Rechtsonder, handgeschreven:] 102 * Kernboodschap: De brief is een officiële aanstelling van de Directeur van het Marktwezen als lid van een nieuwe gemeentelijke commissie. Deze commissie moet de belangen van Amsterdam behartigen en rapporteren over de aanleg van de Zuidelijke polders in het IJsselmeer (het huidige Flevoland).
* Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (zoals "hierby", "Gemeentelyke", "Ysselmeer") en een formele, ambtelijke toon.
* Administratieve sporen: De diverse handgeschreven nummers en de instructie om een "nieuw dossier te vormen" wijzen op de actieve archivering en verwerking van dit document binnen de gemeentelijke bureaucratie. De aanwezigheid van twee bijlagen (het besluit en een nota) wordt expliciet vermeld. * Historische periode: De brief dateert van april 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Bestuurlijke situatie: De ondertekenaar, Edward Voûte, wordt vermeld als "Regeeringscommissaris". Dit is cruciaal; na de Februaristaking van 1941 zetten de Duitsers de democratisch gekozen gemeenteraad en de wethouders af. Voûte werd door de bezetter aangesteld om de stad te besturen zonder tussenkomst van een raad. Hoewel hij pas later officieel de titel 'burgemeester' kreeg, trad hij hier al op als het hoogste gezag.
* Zuiderzeewerken: Ondanks de oorlog gingen de plannen voor de drooglegging van het IJsselmeer door. De "Zuidelyke polders" verwijzen naar wat later Oostelijk en Zuidelijk Flevoland zouden worden. Amsterdam had grote belangen bij deze nieuwe landaanwinning, onder meer voor voedselvoorziening, uitbreidingsmogelijkheden en handelsroutes, wat verklaart waarom de Directeur van het Marktwezen bij deze commissie werd betrokken. J.F. Franken Gemeente Amsterdam Marktwezen