Getypt afschrift van een officiële brief.
Origineel
Getypt afschrift van een officiële brief. 26 oktober 1942. Gemeente Amsterdam (Gemeentelijke Zuiderzeecommissie). Directie van de Wieringermeer (Noordoostpolderwerken), gevestigd in Zwolle. Afschrift.
G E M E E N T E A M S T E R D A M
No.806 P.W.1941. Amsterdam, 26 October 1942.
1 bijlage.
Aan de Directie van de Wieringermeer (Noordoostpolderwerken)
Postbus 56
Z W O L L E.
Onder herinnering aan de in Augustus jl. door de Gemeentelijke Zuiderzeecommissie Amsterdam met U gevoerde briefwisseling heb ik het genoegen U hierbij een nota te zenden omtrent den vermoedelijken omvang van de toekomstige scheepvaart tusschen de Zuidelijke Zuiderzeepolders en Amsterdam. De Commissie heeft gemeend, dat het nuttig was, dat zij zich reeds in dit stadium van haar arbeid hiervan rekenschap gaf, o.a. met het oog op de hiermede samenhangende haven- en handelsbelangen.
Zooals uit de nota blijkt is de omvang der scheepvaartbeweging afgeleid uit de schattingen van den te verwachten afvoer van producten van de polders en van de hoeveelheden aan te voeren materialen ten behoeve van de polderbevolking. De schatting van de productie is gebaseerd op de Uwerzijds aan de Commissie verstrekte gegevens o.a. over de samenstelling van den bodem en voorts op verschillende publicaties o.a. betreffende den Noordoostpolder. Teneinde de behoefte van de toekomstige polderbevolking te kunnen ramen was het noodig te trachten een inzicht te krijgen in de vermoedelijke grootte van deze bevolking, waartoe weder is uitgegaan van de voor de schatting van de productie-opbrengst opgestelde teeltplannen.
De Commissie stelt er prijs op in dit verband te vermelden, dat op enkele punten slechts weinig gegevens voor het maken van een betrouwbare schatting beschikbaar waren. Zoo heeft zij b.v. op bladz. 7 van de nota de voor openbare Deze brief dient als geleidebrief voor een rapport (nota) opgesteld door de Gemeentelijke Zuiderzeecommissie van Amsterdam. De kern van het document is de economische planning en toekomstvisie van de stad Amsterdam in relatie tot de Zuiderzeewerken.
De belangrijkste punten uit de brief zijn:
* Economische Prognose: De commissie tracht de toekomstige omvang van de scheepvaart tussen de nieuwe polders en Amsterdam te voorspellen. Dit is cruciaal voor de planning van Amsterdamse haven- en handelsfaciliteiten.
* Methodologie: De ramingen zijn niet willekeurig, maar gebaseerd op data over bodemgesteldheid, verwachte landbouwopbrengsten (teeltplannen) en de daaruit voortvloeiende bevolkingsomvang van de nieuwe polders. Er is een directe link tussen de agrarische productie van de polders en de noodzakelijke logistieke capaciteit van Amsterdam.
* Samenwerking: Er is sprake van gegevensuitwisseling tussen de gemeente Amsterdam en de Directie van de Wieringermeer (de Rijksdienst die de polders ontwikkelde).
* Onzekerheidsmarge: De afzender geeft eerlijk aan dat bepaalde schattingen lastig waren door een gebrek aan data op specifieke punten, wat wijst op een wetenschappelijke/planologische aanpak. De brief is gedateerd op 26 oktober 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel Nederland bezet was, gingen grote infrastructurele projecten zoals de Zuiderzeewerken door. De Noordoostpolder viel in september 1942 officieel droog.
De brief toont aan dat de gemeente Amsterdam, ondanks de oorlogsomstandigheden, zeer actief bezig was met de verre toekomst. Men realiseerde zich dat de aanleg van de Zuidelijke polders (het huidige Flevoland) de economische geografie van Nederland ingrijpend zou veranderen. Door tijdig de scheepvaartstromen te berekenen, wilde Amsterdam haar positie als belangrijkste overslagstation voor de nieuwe landbouwgronden veiligstellen. De "Directie van de Wieringermeer" in Zwolle was op dat moment het centrale orgaan dat verantwoordelijk was voor de inrichting van het 'nieuwe land'.