Dienstbrief/Memorandum
Origineel
Dienstbrief/Memorandum 2 november 1942 L.S.P. Scheffer (Secretaris) G E M E E N T E A M S T E R D A M
GEMEENTELIJKE Amsterdam, 2 November 1942.
ZUIDERZEE-
COMMISSIE Aan de leden der
AMSTERDAM Zuiderzeecommissie.
------
No.96.
Hierbij zend ik U een afschrift van den
brief, dien onze Commissie dd. 16 October tot
den Burgemeester richtte, alsmede van de brie-
ven, die door den Burgemeester ter begeleiding
van de nota omtrent den vermoedelijken omvang
van de toekomstige scheepvaart tusschen de
Zuidelijke Zuiderzeepolders en Amsterdam aan
den Dienst der Zuiderzeewerken en aan de Di-
rectie van de Wieringermeer werden verzonden.
Tevens gaan hierbij de naar aanleiding
van opmerkingen in de vergadering van 30 Sep-
tember jl. gewijzigde bladzijden 5/6 en 13/14
van de nota. Ik moge U verzoeken in Uw exem-
plaar de oude bladzijden door de nieuwe te ver-
vangen.
Voor de goede orde deel ik U voorts mede,
dat op andere bladzijden nog de volgende wij-
zigingen werden aangebracht:
blz.1, op 3 na de laatste regel van de inlei-
ding, wordt voor "belasting" gelezen
"belading";
blz.3, noot 4 wordt gelezen: a (kolom Wierin-
germeer) 376 hl à 70 kg; b (kolom Haarlem-
mermeer) idem 390 hl; c (kolom gezamen-
lijke zeekleigebieden) idem 350 hl.
JW De Secretaris,
L.S.P.Scheffer.
Schr.P.W.Asd.
[Stempel/Aantekening onderaan:]
Nº 102/2/1 M. 1942 4/11
[Handgeschreven:] Zuiderzee * Administratieve correcties: De brief dient hoofdzakelijk als geleidebrief voor administratieve wijzigingen in een eerder opgestelde 'nota'. Opvallend is de technische correctie op bladzijde 1, waarbij "belasting" veranderd moet worden in "belading". Dit duidt op een verschuiving van een fiscale of drukbegrip naar een logistiek/maritiem begrip (vrachtgewicht).
* Data en Gewicht: De correctie op bladzijde 3 geeft inzicht in de gehanteerde maatstaven voor landbouwproducten (hectoliters en kilo's) per regio, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen de Wieringermeer, de Haarlemmermeer en andere zeekleigebieden.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in de toen gangbare formele spelling (zoals "den brief", "vermoedelijken omvang"), kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit de vroege 20e eeuw. Dit document stamt uit november 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de Duitse bezetting gingen de werkzaamheden en de planning voor de Zuiderzeewerken (het droogleggen van de polders) gewoon door. De Noordoostpolder was in 1942 net drooggevallen.
De "Zuiderzeecommissie Amsterdam" hield zich specifiek bezig met de belangen van de stad Amsterdam in relatie tot de nieuwe landbouwgronden. De stad was zeer geïnteresseerd in de toekomstige scheepvaartverbindingen en de aanvoer van producten uit de Zuidelijke Zuiderzeepolders (de huidige Flevopolder). L.S.P. Scheffer, de ondertekenaar, was een belangrijke figuur in de Amsterdamse stadsontwikkeling en de planologie van die tijd. De nauwkeurigheid van de cijfers over scheepvaartcapaciteit was essentieel voor de planning van de Amsterdamse haveninfrastructuur.