Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 213
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven notitie of rapportfragment (genummerd '6').

Origineel

Handgeschreven notitie of rapportfragment (genummerd '6'). 6

veranderd. Verkoop beperkt aan [?]
Amsterdamse grossiers is veranderd
uit andere plaatsen en verder
vestiging van export. Men begon.
Reeds 400 wagons groenten
geexporteerd! Ook groenten
uit andere plaatsen naar de
veiling. Dat

Veiling vult hoofdzakelijk
groenten uit omstreken, en wel
op de thans alle tuinders
producten.

[Marginale notitie:] Int. groenten fruit, planten bloemen.

Vroeger met ± f 1.000.000,-
per jaar. Thans reeds te
ramen op f 3.000.000,- per jaar!

Fruit: vroeger kleinhandels
veiling veilde reeds producten
welke werden gezonden ook uit
Noordelijk Noord Holland.
Zuid Holland (Noordwijkerhout)
Utrecht en de Betuwe.

Voor eventueele fruitteelt
in W.M. en Z.O. polders
Amsterdam goede kansen
door outillage en door
omstandigheid dat
fruitteelt zich langzamer-
hand zal ontwikkelen
waardoor men zich direct
reeds naar Amsterdam zal
richten (plaatselijke veiling
in polder is voorlopig uitge-
gesloten). De tekst beschrijft een significante schaalvergroting en professionalisering van de Amsterdamse veilingactiviteiten. Enkele kernpunten uit de analyse:

  1. Van lokaal naar export: De focus is verschoven van verkoop aan uitsluitend Amsterdamse grossiers naar een centrale rol in de export (er wordt gesproken over 400 wagons aan groenten).
  2. Omzetstijging: De jaarlijkse omzet is gestegen van ongeveer 1 miljoen naar naar schatting 3 miljoen gulden.
  3. Regionale hub: De veiling trekt producten aan uit diverse regio's buiten de directe omstreken, zoals Noord-Holland, Zuid-Holland (Noordwijkerhout), Utrecht en de Betuwe.
  4. Toekomstverwachting (Polders): De auteur ziet grote kansen voor Amsterdam door de komst van de nieuwe polders (Wieringermeer en de Zuidoostpolder/Flevoland). Omdat lokale veilingen in die nieuwe gebieden nog niet bestaan en de fruitteelt daar langzaam op gang komt, kan Amsterdam zich door zijn goede "outillage" (uitrusting/infrastructuur) positioneren als de primaire afzetmarkt voor deze nieuwe gronden. Dit document lijkt een kladversie of een onderdeel van een economisch rapport over de positie van Amsterdam als logistiek centrum voor de landbouw. Het is geschreven in een tijd van grote infrastructurele en agrarische veranderingen in Nederland, specifiek de Zuiderzeewerken. De vermelding van de "W.M." (Wieringermeer, drooggelegd in 1930) en de "Z.O. polder" (de huidige Flevopolder, waarbij de Noordoostpolder in 1942 gereed kwam en Oostelijk Flevoland in 1957) plaatst dit document waarschijnlijk in de jaren '40 of vroege jaren '50, toen de planning voor de landbouwinrichting van deze nieuwe gebieden in volle gang was.

Samenvatting

De tekst beschrijft een significante schaalvergroting en professionalisering van de Amsterdamse veilingactiviteiten. Enkele kernpunten uit de analyse:

  1. Van lokaal naar export: De focus is verschoven van verkoop aan uitsluitend Amsterdamse grossiers naar een centrale rol in de export (er wordt gesproken over 400 wagons aan groenten).
  2. Omzetstijging: De jaarlijkse omzet is gestegen van ongeveer 1 miljoen naar naar schatting 3 miljoen gulden.
  3. Regionale hub: De veiling trekt producten aan uit diverse regio's buiten de directe omstreken, zoals Noord-Holland, Zuid-Holland (Noordwijkerhout), Utrecht en de Betuwe.
  4. Toekomstverwachting (Polders): De auteur ziet grote kansen voor Amsterdam door de komst van de nieuwe polders (Wieringermeer en de Zuidoostpolder/Flevoland). Omdat lokale veilingen in die nieuwe gebieden nog niet bestaan en de fruitteelt daar langzaam op gang komt, kan Amsterdam zich door zijn goede "outillage" (uitrusting/infrastructuur) positioneren als de primaire afzetmarkt voor deze nieuwe gronden.

Historische Context

Dit document lijkt een kladversie of een onderdeel van een economisch rapport over de positie van Amsterdam als logistiek centrum voor de landbouw. Het is geschreven in een tijd van grote infrastructurele en agrarische veranderingen in Nederland, specifiek de Zuiderzeewerken. De vermelding van de "W.M." (Wieringermeer, drooggelegd in 1930) en de "Z.O. polder" (de huidige Flevopolder, waarbij de Noordoostpolder in 1942 gereed kwam en Oostelijk Flevoland in 1957) plaatst dit document waarschijnlijk in de jaren '40 of vroege jaren '50, toen de planning voor de landbouwinrichting van deze nieuwe gebieden in volle gang was.

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →