Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 308
Dossier 103
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie / memorandum betreffende een vergunningsaanvraag.

27 november 1941.

Origineel

Ambtelijke correspondentie / memorandum betreffende een vergunningsaanvraag. 27 november 1941. [Linksboven in de kantlijn:]
vergunning
A. Polak
voor ververschings-
lokaal hulpmarkt
Gaaspstraat

[Rechtsboven:]
A'dam, 27/11 1941
W. h. M.
[in rood:] 103/37/117

[Hoofdtekst:]
Hiermede heb ik de
eer u te berichten, dat de
marktkoopman A. Polak in een
bestaand lokaaltje op het terrein
der hulpmarkt Gaaspstraat een
gelegenheid heeft geopend voor
den verkoop van warme dran-
ken aan de op deze markt
staande marktkooplieden. Volgens
een mededeeling van de Politie
behoort hem hiervoor vergunning
te worden verleend.

Ik verzoek u derhalve
beleefd te willen bevorderen,
dat aan Polak voornoemd de
voor het houden van een ver-
verschingslokaal vereischte
vergunning (waaromtrent m. i. het oordeel
van den H. C. v. Politie dient te
worden ingewonnen) wordt ver-
leend.

[Onderaan rechts:]
D. D. w * Inhoud: Het document is een formeel verzoek aan een hogere instantie (waarschijnlijk binnen de gemeente Amsterdam) om de uitgifte van een vergunning voor een ververschingslokaal (koffiehuisje/kantine) te bespoedigen. De aanvrager, A. Polak, verkocht reeds warme dranken aan collega-kooplieden op de hulpmarkt aan de Gaaspstraat, maar volgens de politie was hiervoor een officiële vergunning vereist.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("Hiermede heb ik de eer u te berichten", "beleefd te willen bevorderen"). De spelling is conform de toenmalige normen (bijv. "den verkoop", "mededeeling").
* Administratieve procedure: De schrijver merkt op dat het oordeel van de "H. C. v. Politie" (Hoofdcommissaris van Politie) moet worden ingewonnen, wat wijst op een strikte bureaucratische controle op marktactiviteiten tijdens de bezetting. * Tijdsgewricht: De brief is gedateerd op 27 november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Locatie: De Gaaspstraat in Amsterdam ligt in de Rivierenbuurt. In 1941 was deze buurt, evenals de nabijgelegen Oude Pijp, een plek waar veel Joodse Amsterdammers woonden. Hulpmarkten werden vaak ingericht om de voedselvoorziening in dichtbevolkte wijken te reguleren.
* Persoonsnaam: De achternaam Polak is een veelvoorkomende Joodse naam in Amsterdam. Gezien de datum (eind 1941) vonden er in deze periode steeds meer beperkende maatregelen ("anti-Joodse verordeningen") plaats door de bezetter. Joodse marktkooplieden werden in de loop van 1941 en 1942 steeds verder gesegregeerd of uitgesloten van handel. De verplichting om voor een simpele activiteit als het schenken van warme dranken een oordeel van de Hoofdcommissaris van Politie af te wachten, past in het beeld van de toenemende controle op Joodse burgers en hun economische middelen van bestaan.

Samenvatting

  • Inhoud: Het document is een formeel verzoek aan een hogere instantie (waarschijnlijk binnen de gemeente Amsterdam) om de uitgifte van een vergunning voor een ververschingslokaal (koffiehuisje/kantine) te bespoedigen. De aanvrager, A. Polak, verkocht reeds warme dranken aan collega-kooplieden op de hulpmarkt aan de Gaaspstraat, maar volgens de politie was hiervoor een officiële vergunning vereist.
  • Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("Hiermede heb ik de eer u te berichten", "beleefd te willen bevorderen"). De spelling is conform de toenmalige normen (bijv. "den verkoop", "mededeeling").
  • Administratieve procedure: De schrijver merkt op dat het oordeel van de "H. C. v. Politie" (Hoofdcommissaris van Politie) moet worden ingewonnen, wat wijst op een strikte bureaucratische controle op marktactiviteiten tijdens de bezetting.

Historische Context

  • Tijdsgewricht: De brief is gedateerd op 27 november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
  • Locatie: De Gaaspstraat in Amsterdam ligt in de Rivierenbuurt. In 1941 was deze buurt, evenals de nabijgelegen Oude Pijp, een plek waar veel Joodse Amsterdammers woonden. Hulpmarkten werden vaak ingericht om de voedselvoorziening in dichtbevolkte wijken te reguleren.
  • Persoonsnaam: De achternaam Polak is een veelvoorkomende Joodse naam in Amsterdam. Gezien de datum (eind 1941) vonden er in deze periode steeds meer beperkende maatregelen ("anti-Joodse verordeningen") plaats door de bezetter. Joodse marktkooplieden werden in de loop van 1941 en 1942 steeds verder gesegregeerd of uitgesloten van handel. De verplichting om voor een simpele activiteit als het schenken van warme dranken een oordeel van de Hoofdcommissaris van Politie af te wachten, past in het beeld van de toenemende controle op Joodse burgers en hun economische middelen van bestaan.

Locaties

Amsterdam ("A'dam").

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →