Handgeschreven brief op gelinieerd papier.
Origineel
Handgeschreven brief op gelinieerd papier. 5 november 1941. S. van Praag, handelaar in zoetwaren. [Bovenaan links, paarse stempel:] No 104 / 2 / 1 M.1941 10/11
[Bovenaan rechts, potlood:] p57
[Bovenaan rechts:] Amsterdam, 5 Nov. 1941.
Den WelEd. Heer Directeur
van het Marktwezen, nu Insp.
Amsterdam.
WelEd. Heer,
Daar ik enigszins hardhorend ben, verzoek
ik UEd. mij toe te staan een assistent bij mij te
nemen.
U bij voorbaat beleefd dankend voor Uw
welwillendheid, verblijf ik
Hoogachtend,
S. van Praag.
Joubertstr. 106
Amsterdam
Chocolade, nougat & suikerwerk.
[Onderaan links, in een ander handschrift genoteerd:] sollicitant Joubertstraat * Inhoud: De afzender, S. van Praag, verzoekt de directeur van het Marktwezen om toestemming om een assistent te mogen meenemen tijdens zijn werkzaamheden. De reden die hiervoor wordt opgegeven is dat de afzender "enigszins hardhorend" is, wat communicatie met klanten op een drukke markt waarschijnlijk bemoeilijkt.
* Beroep en Locatie: Van Praag identificeert zichzelf als handelaar in "Chocolade, nougat & suikerwerk". Hij is woonachtig op de Joubertstraat 106 in Amsterdam.
* Toon: De brief is geschreven in een zeer beleefde en formele stijl, typerend voor de zakelijke correspondentie van die tijd, met gebruik van titels als "WelEd. Heer" (Weledelgeboren Heer) en "UEd." (U Edelgestrenge).
* Ambtelijke toevoeging: De notitie "nu Insp." bij de adressering suggereert dat de functie van de geadresseerde of de naam van de afdeling recent was gewijzigd naar Inspectie. De krabbel onderaan ("sollicitant Joubertstraat") is waarschijnlijk een administratieve aantekening om het document snel te kunnen identificeren in het archief. Dit document stamt uit november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De locatie (Joubertstraat in de Transvaalbuurt) en de achternaam 'Van Praag' duiden er sterk op dat de afzender van Joodse afkomst was. In 1941 werden de maatregelen tegen de Joodse bevolking in Amsterdam steeds strenger; zo werden Joodse markthandelaren in deze periode steeds vaker geweerd van reguliere markten en beperkt tot specifieke markten voor de Joodse bevolking. Elk officieel verzoek, zoals het meenemen van een hulpkracht, moest via strikte ambtelijke kanalen van het Gemeentelijk Marktwezen lopen. Dergelijke documenten zijn waardevol voor het reconstrueren van het dagelijks leven en de bureaucratische hindernissen voor (Joodse) ondernemers in oorlogstijd. S. van Praag Marktwezen