Ambtelijk verslag / Intern memo (mogelijk politie of marktwezen).
Origineel
Ambtelijk verslag / Intern memo (mogelijk politie of marktwezen). Februari 1939 (specifieke data vermeld: 28 jan., 4/2/39, 9/2/39, 10/2/39). [Bovenaan links, in stempel]
BIJ BLAD VAN:
M. No. 26/8/1 1939.
DOORGEZONDEN: 2/2
[Bovenaan rechts, handgeschreven]
Hakker a.s. Woensdag 10 uur Th. de Haas
oproepen (Div.) 685
26/8/2
10/2/39 HR.
[Linker- en middendeel hoofdtekst]
Uitolugt deelde mij mede
dat Hakker des middags
een plaats op de markt heeft
ingenomen.
Hakker deelde aan Uitolugt
mede de blikjes terug te
hebben ontvangen.
Hij maakte heel veel praatjes
en vroeg waar hij zich moest
vervoegen voor schadever-
goeding. Uitolugt is nergens op ingegaan,
heeft zonder te antwoorden het marktgeld in
ontvangst genomen en zijn werkzaamheden
bestaande uit het innen van marktgeld voortgezet.
Uitolugt heeft Hakker dus niet belet de blikjes te
verkoopen.
Renz die om 6 uur den dienst van Uitolugt
overnam, werd door Hakker toen hij dezen vroeg zijn be-
talingsbewijs te toonen eveneens met praatjes ont-
vangen (zie rapport Renz).
Renz houdt vol dat hij Hakker (op 28 Januari j.l.) absoluut niet
heeft verboden, de blikjes te verkoopen.
Hakker staat bekend als een koopman die altijd zeer brutaal optreedt.
bij het minste en geringste een grooten bek opzet.
[Marge links onderaan]
9-2-39
De Haas
[Rechterdeel hoofdtekst]
Nader rapport s.v.p.
over de volgende punten:
1e. Heeft Uitolugt den Heer Hakker
op 28 Jan. den verkoop misschien
verboden?
2e. Hoe laat is Hakker op de markt gekomen?
3e. Heeft Hakker op 28 Jan. nog van
de blikjes verkocht, of niet?
Nog niet met Hakker gesproken.
4/2 39 W. Haas.
[Onderaan links, drukwerk]
Alg. Zaken Model No. 214
10.000-10-1937-1016 Het document betreft een intern onderzoek naar een incident op de markt van eind januari 1939. De kern van de zaak is een klacht of claim van een koopman genaamd Hakker, die kennelijk schadevergoeding eist omdat hem de verkoop van "blikjes" belet zou zijn.
De verslagen van de beambten Uitolugt en Renz weerspreken dit. Uitolugt stelt dat hij simpelweg het marktgeld heeft geïnd en zijn weg is vervolgd zonder Hakker te hinderen. Renz meldt dat Hakker brutaal was toen hem om een betalingsbewijs werd gevraagd. De rapporteur (De Haas) vraagt om opheldering over specifieke details (tijdstippen en of er daadwerkelijk een verbod is opgelegd) om de beweringen van Hakker te kunnen toetsen.
Opvallend is de subjectieve typering aan het einde, waarbij Hakker wordt omschreven als een "brutale" man die snel "een grooten bek opzet". Dit duidt op een gespannen verhouding tussen de marktmeesters en deze specifieke koopman. Dit document stamt uit een periode (februari 1939) waarin de marktregulering in Nederland strikt was. Marktmeesters hielden toezicht op de betaling van standgelden en de aard van de handel.
De term "blikjes" kan duiden op conservenblikken, maar in de context van straathandel in die tijd kon het ook gaan om emalje- of tinwaar. Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse bureaucratie en de kleine conflicten tussen burgers en lokale overheden vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De verwijzing naar "Algemene Zaken Model No. 214" wijst op een gestandaardiseerde gemeentelijke verslaglegging. M. No W. Haas Marktwezen Politie