Verslag/Geleidebrief betreffende een strafrechtelijk onderzoek.
Origineel
Verslag/Geleidebrief betreffende een strafrechtelijk onderzoek. 21 november 1942. [Linksboven:]
straf Rooseman c.s.
i.v. verkoop garnalen
buiten de verdeeling om
[Rechtsboven:]
A’dam, 21/11 42
W.h.M.
[Hoofdtekst:]
In bijlage dezes heb ik de eer u afschriften over te leggen van resumé’s en rapporten, betrekking hebbende op het indertijd nader ingestelde onderzoek betr. den verkoop van garnalen buiten de verdeeling om door Th. Rooseman, Goedhart, (Bonnier) c.s.
Kort samengevat komt de inhoud van een en ander hierop neer, dat thans noch Goedhart, noch Bonnier zich de zaak duidelijk weet te herinneren, nog sterker Bonnier, zowel Th. als C. zouden, naar eigen bewering niet weten dat zij in begin september door 2 ambtenaren van mijn dienst (onder-veldwachter) zijn gehoord! Zij beweren dat zij deze ambtenaren nog nooit hebben gezien!
De algemeene indruk is, dat alle betrokken kooplieden de ware toedracht van de zaak trachten te verdoezelen en, doordat het nader onderzoek geruimen tijd later is ingesteld, gelegenheid hebben gehad om met elkaar ruggespraak te houden. Onze overtuiging is evenwel, dat Goedhart en C. Bonnier, die als groothandelaren compagnons zijn, de garnalen van Rooseman hebben gekocht en dat A. Goedhart en C. Bonnier deze garnalen aan het publiek hebben verkocht. Vaststaat, dat Rooseman de hoofdschuldige is, daar de Chef-afslager Stam hem nadrukkelijk had medegedeeld, (toen Rooseman bezig was de garnalen te wegen), dat Stam deze garnalen zou verveilen, zoodra het wegen had plaatsgevonden. Toen Stam evenwel terugkwam, waren de garnalen reeds verdwenen.
[Kantlijn links:]
T
Door een fout van Controleur Felthuis is C. Bonnier zijn straf misgeloopen. Het document is een ambtelijk verslag over een economisch delict tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De kern van de zaak is de onttrekking van goederen (garnalen) aan het officiële distributiesysteem.
Belangrijkste bevindingen uit de tekst:
1. Ontkenning: De verdachten (Goedhart en de gebroeders Bonnier) passen een overduidelijke strategie van ontkenning toe. Ze beweren zelfs de ambtenaren die hen eerder verhoorden nooit te hebben gezien.
2. Verdoezeling: De schrijver van het rapport stelt vast dat de vertraging in het onderzoek de verdachten de kans heeft gegeven om hun verklaringen op elkaar af te stemmen ("ruggespraak").
3. De 'Modus Operandi': Rooseman woog de garnalen, maar in plaats van te wachten op de "verveiling" (de officiële veiling door afslager Stam), liet hij de partij verdwijnen. De garnalen werden via de groothandelaren Goedhart en Bonnier direct aan het publiek verkocht, waarschijnlijk tegen woekerprijzen (zwarte handel).
4. Procedurele fout: Een interessante historische noot in de kantlijn meldt dat een van de hoofdrolspelers, C. Bonnier, zijn straf ontliep door een fout van een controleur genaamd Felthuis. Dit document stamt uit november 1942, een periode waarin de schaarste in bezet Nederland toenam en het distributiestelsel zeer streng werd gehandhaafd. De "Wirtschaftshilfe" of een gelieerde economische controledienst hield toezicht op de handel in levensmiddelen.
Garnalen en vis moesten verplicht via de officiële afslag verhandeld worden zodat de overheid controle hield over de prijzen en de verdeling onder de bevolking. De "zwarte handel" was de bezetter een doorn in het oog, niet alleen vanwege de economische ontregeling, maar ook omdat het de eigen voedselvoorziening voor het Duitse leger kon hinderen.
De term "verveilen" is specifiek voor de visserijsector en betekent het bij afslag verkopen van de vangst. Het feit dat de verdachten probeerden de "ware toedracht te verdoezelen" is typerend voor de sfeer van wantrouwen tussen de Nederlandse bevolking/kooplieden en de controlerende instanties tijdens de oorlogsjaren.