Archief 745
Inventaris 745-385
Pagina 119
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Dienstbrief / Officiële correspondentie.

22 Augustus 1942.

Origineel

Dienstbrief / Officiële correspondentie. 22 Augustus 1942. [Briefhoofd]
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE

AFDEELING Verdeeling
BETREFFENDE vischverdeeling 'S-GRAVENHAGE, 22 Augustus 1942
BERICHT OP SCHRIJVEN
BIJ ANTWOORD VERMELDEN 19614 V/Pe
BIJLAGEN ......... STUKS, T.W.

[Handgeschreven aantekening linksboven]
Onbekend
bij Verdeeling.
Aan den Hoog mededeelen
dat K. geen verdeeling
voor de toekomst doet.

[Adresstempel/veld]
Den Heer Directeur van het
Marktwezen
Jan van Galenstraat 14,
AMSTERDAM.

[Administratieve markeringen midden]
No 46A/541/1 [Stempel: M. 1942] 25/8
ni. Com.
v Vischverdeeling

[Inhoud]
Hierbij deelen wij U mede, dat wij
den visscher K. Bakker, Schimmelstraat
21 hs. te Uwent, hebben opgedragen de door
hem gevangen visch af te leveren aan Uw
afslag.
In verband hiermede verzoeken wij U
den Heer W. Kuijster, Commelinstraat 119
III in de verdeellijst van den afslag op
te nemen, aangezien deze tot nu toe direct
van K. Bakker heeft betrokken.
Genoemde W. Kuijster zal een daartoe
strekkend verzoek tot U richten.

[Ondertekening]
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,

[Handtekening: J. v.d. Akker?]
Secretaris

[Voetnoot]
Bo
ADELHEIDSTRAAT 300, 'S-GRAVENHAGE — POSTGIROREKENING 245271 — TELEGRAMADRES: NEDVISCEN
TELEFOON 720080, INTERCOMM. XX. VOOR AFDEELING DISTRIBUTIE EN VISCHVERVOER 720060, TOESTEL 674
EN 722641
[Logo A] 23393 - '42 - K 983 Het document is een illustratie van de bureaucratische controle op de voedselvoorziening in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  1. Centralisatie: De "Nederlandsche Visscherijcentrale" (een door de bezetter ingesteld orgaan) dwingt een individuele visser (K. Bakker) om zijn vangst voortaan verplicht via de officiële gemeentelijke afslag in Amsterdam te verhandelen.
  2. Einde aan directe verkoop: De brief legt vast dat de directe levering aan een klant (W. Kuijster) wordt beëindigd. Deze klant moet nu worden opgenomen in de officiële "verdeellijst" van de afslag om legaal vis te kunnen blijven ontvangen via het distributiesysteem.
  3. Administratieve verwerking: De handgeschreven kanttekeningen en stempels tonen de ambtelijke weg die het document heeft afgelegd tussen de Haagse centrale en de Amsterdamse marktmeesters. De opmerking "Onbekend bij Verdeeling" wijst mogelijk op een nieuwe registratie in het systeem. Tijdens de Duitse bezetting (1940-1945) kwam de gehele Nederlandse economie onder streng overheidstoezicht te staan (dirigisme). Voor elke sector werden "Centrales" opgericht om productie, prijzen en distributie te beheersen. Dit was noodzakelijk vanwege de groeiende schaarste en de behoefte van de bezetter om de export naar Duitsland te garanderen.

De Jan van Galenstraat in Amsterdam, waar de brief naartoe is gestuurd, was de locatie van de Centrale Markthallen. Door alle handel via centrale punten (zoals de afslag) te laten lopen, kon de overheid zwarte handel tegengaan en de distributie via bonkaarten nauwkeurig controleren. De genoemde visser en klant woonden in de Kinkerbuurt (Schimmelstraat) en de Dapperbuurt (Commelinstraat), destijds volksbuurten waar de voedselvoorziening onder grote druk stond.

Samenvatting

Het document is een illustratie van de bureaucratische controle op de voedselvoorziening in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  1. Centralisatie: De "Nederlandsche Visscherijcentrale" (een door de bezetter ingesteld orgaan) dwingt een individuele visser (K. Bakker) om zijn vangst voortaan verplicht via de officiële gemeentelijke afslag in Amsterdam te verhandelen.
  2. Einde aan directe verkoop: De brief legt vast dat de directe levering aan een klant (W. Kuijster) wordt beëindigd. Deze klant moet nu worden opgenomen in de officiële "verdeellijst" van de afslag om legaal vis te kunnen blijven ontvangen via het distributiesysteem.
  3. Administratieve verwerking: De handgeschreven kanttekeningen en stempels tonen de ambtelijke weg die het document heeft afgelegd tussen de Haagse centrale en de Amsterdamse marktmeesters. De opmerking "Onbekend bij Verdeeling" wijst mogelijk op een nieuwe registratie in het systeem.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting (1940-1945) kwam de gehele Nederlandse economie onder streng overheidstoezicht te staan (dirigisme). Voor elke sector werden "Centrales" opgericht om productie, prijzen en distributie te beheersen. Dit was noodzakelijk vanwege de groeiende schaarste en de behoefte van de bezetter om de export naar Duitsland te garanderen.

De Jan van Galenstraat in Amsterdam, waar de brief naartoe is gestuurd, was de locatie van de Centrale Markthallen. Door alle handel via centrale punten (zoals de afslag) te laten lopen, kon de overheid zwarte handel tegengaan en de distributie via bonkaarten nauwkeurig controleren. De genoemde visser en klant woonden in de Kinkerbuurt (Schimmelstraat) en de Dapperbuurt (Commelinstraat), destijds volksbuurten waar de voedselvoorziening onder grote druk stond.

Locaties

's-Gravenhage.

Kooplieden in dit dossier 2

A. Cuypstraat Waterlooplein 14.067
T. Katestraat Waterlooplein 7.554