Archief 745
Inventaris 745-385
Pagina 245
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtelijke brief/correspondentie.

15 oktober 1942 (ontvangen/verwerkt op 20 oktober 1942).

Origineel

Ambtelijke brief/correspondentie. 15 oktober 1942 (ontvangen/verwerkt op 20 oktober 1942). 20/10/42 [paraaf]
487/583/3

A’dam, 15/10 1942

N. V. C.

Naar aanleiding van Uw
brieven dd. 10 Sept. jl. en 8
Oct. jl. bericht ik U, dat dezerzijds
tegen de vestiging van een winkel
aan de Binnen Oranjestraat
door M.C. Spaargaren bezwaren
bestaan. Spaargaren is momen-
teel marktkoopman en moet
zijn toegewezen visch onder con-
trôle op de markt verkoopen. Het
is waarschijnlijk, dat hij den winkel
wil beginnen om deze contrôle te
ontloopen, aangezien de contrôle
op de winkels veel moeilijker is
dan die op de verkoopplaatsen op
de markten. Bovendien is te ver-
wachten, dat Spaargaren, wanneer
hem vergunning voor een winkel is
verleend, verhooging van toewijzing
zal vragen om zijn winkel in
stand te kunnen houden. Bij den
huidigen geringen aanvoer van visch
kan hieraan, met het oog op
ev. consequenties, niet kunnen
worden voldaan, zoodat dan is Het document is een ambtelijk schrijven waarin negatief wordt geadviseerd over de aanvraag van ene M.C. Spaargaren om een vaste viswinkel te openen aan de Binnen Oranjestraat in Amsterdam. De schrijver voert twee hoofdarkumenten aan:

  1. Controleerbaarheid: De aanvrager is nu marktkoopman. Op de markt is de controle op de distributie en verkoop van vis (die in 1942 strikt gereguleerd was) eenvoudiger dan in een besloten winkelpand. Men verdenkt de aanvrager ervan de regels te willen ontduiken.
  2. Schaarste: Er is op dat moment een "geringen aanvoer van visch". Een vaste winkel behoeft een grotere voorraad en hogere toewijzing om rendabel te zijn dan een marktkraam. De instantie kan of wil deze extra toewijzing niet garanderen.

Het handschrift is een vlot, enigszins slordig ambtelijk cursiuvischrift uit de vroege 20e eeuw, geschreven met een vulpen op gelinieerd papier. Dit document stamt uit de kern van de Tweede Wereldoorlog (oktober 1942). Tijdens de Duitse bezetting was Nederland onderworpen aan een streng distributiestelsel. Voedsel, waaronder vis, was schaars en de handel werd strikt gecontroleerd door organen zoals de N.V.C. (mogelijk de Nederlandse Vereniging voor de Crisis-vischvoorziening of een afdeling van de Voedselvoorziening).

De Binnen Oranjestraat is een zijstraat van de Haarlemmerdijk in de Amsterdamse Jordaan, een buurt die destijds vol zat met kleine neringdoenden. De angst van de autoriteiten voor "ontloopen van de contrôle" wijst op de bloeiende zwarte handel in die periode; winkels boden achter gesloten deuren meer mogelijkheden voor illegale verkoop dan de openbare markt.

Samenvatting

Het document is een ambtelijk schrijven waarin negatief wordt geadviseerd over de aanvraag van ene M.C. Spaargaren om een vaste viswinkel te openen aan de Binnen Oranjestraat in Amsterdam. De schrijver voert twee hoofdarkumenten aan:

  1. Controleerbaarheid: De aanvrager is nu marktkoopman. Op de markt is de controle op de distributie en verkoop van vis (die in 1942 strikt gereguleerd was) eenvoudiger dan in een besloten winkelpand. Men verdenkt de aanvrager ervan de regels te willen ontduiken.
  2. Schaarste: Er is op dat moment een "geringen aanvoer van visch". Een vaste winkel behoeft een grotere voorraad en hogere toewijzing om rendabel te zijn dan een marktkraam. De instantie kan of wil deze extra toewijzing niet garanderen.

Het handschrift is een vlot, enigszins slordig ambtelijk cursiuvischrift uit de vroege 20e eeuw, geschreven met een vulpen op gelinieerd papier.

Historische Context

Dit document stamt uit de kern van de Tweede Wereldoorlog (oktober 1942). Tijdens de Duitse bezetting was Nederland onderworpen aan een streng distributiestelsel. Voedsel, waaronder vis, was schaars en de handel werd strikt gecontroleerd door organen zoals de N.V.C. (mogelijk de Nederlandse Vereniging voor de Crisis-vischvoorziening of een afdeling van de Voedselvoorziening).

De Binnen Oranjestraat is een zijstraat van de Haarlemmerdijk in de Amsterdamse Jordaan, een buurt die destijds vol zat met kleine neringdoenden. De angst van de autoriteiten voor "ontloopen van de contrôle" wijst op de bloeiende zwarte handel in die periode; winkels boden achter gesloten deuren meer mogelijkheden voor illegale verkoop dan de openbare markt.

Locaties

Amsterdam (A'dam).

Kooplieden in dit dossier 2

A. Cuypstraat Waterlooplein 14.067
T. Katestraat Waterlooplein 7.554