Archiefdocument
Origineel
12 oktober 1942 (volgens administratieve aantekening). Daar thans ook de zeevisch
onder de wettelijke bepalingen
valt, en hij zijn bedrijf na
zoovele jaren in stand zou
willen houden, zoo verzoekt hij
beleefd voor toewijzing in aan-
merking te komen.
Hoogachtend
J Bias
[Administratieve aantekeningen in een ander handschrift:]
besluit
afwijzen
46a/732/1
12/10/42
[paraaf] De tekst is een formele petitie waarin de afzender verzoekt om een "toewijzing". In de context van de tijd (1942) verwijst dit zeer waarschijnlijk naar een toewijzing van bedrijfsmiddelen, zoals brandstof, materialen of een vergunning om te mogen blijven vissen of handelen. De schrijver voert aan dat de visserijsector inmiddels onder nieuwe wettelijke regelingen valt en dat hij zijn reeds lang bestaande bedrijf ("na zoovele jaren") wil voortzetten.
Het handschrift is typisch voor het midden van de 20e eeuw, waarbij de 'z' in "zeevisch" en "zoovele" nog de krullerige vorm heeft. Opvallend is het contrast tussen de beleefde toon van de aanvrager en de kille, ambtelijke afhandeling onderaan: het verzoek is kortweg met "afwijzen" beantwoord. Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (oktober 1942). Tijdens deze periode was de economie volledig "gestuurd". Voor visserijbedrijven betekende dit strikte regulering door instanties zoals het Rijksbureau voor Voedselvoorziening. Vissers hadden te maken met brandstofdistributie, vorderingen van schepen en beperkte toegang tot de zee vanwege de aanleg van de Atlantikwall. Dit document illustreert de bureaucratische realiteit voor kleine ondernemers die probeerden te overleven onder de bezettingswetgeving, waarbij aanvragen voor toewijzingen cruciaal waren voor het voortbestaan van hun bedrijf. J. Bias Rijksbureau