Zakelijke brief (klacht over afrekening).
Origineel
Zakelijke brief (klacht over afrekening). 5 oktober 1942. Firma Jan Muys, Zeevischgroothandel en Rookerij, Spakenburg (Hoekstraat 27). Gemeentelijke Vischafslag, Amsterdam. FIRMA JAN MUYS
Zeevischgroothandel en Rookerij
SPAKENBURG
Telefoon 364 - Giro 176601
SPAKENBURG, 5 October 194.2.
Hoekstraat 27
№ 46a/748/1 M. 1942 13/10
Aan de Gem. Vischafslag,
A m s t e r d a m.
Mijne Heren,
Hedenmorgen ontvingen wij Uw afrekening van 625 kg. gestoomde
pos groot f 97,05.
Wij hadden U die pos gezonden in opdracht van de Ned.Visscherij-
centrale evenals aan de Gemeente Utrecht.
Als wij visch leveren in opdracht van de Visscherijcentrale,
dan moeten wij daarvoor de maximumprijs ontvangen.
Als wij in Utrecht visch brengen dan wordt daarvoor de maximum-
prijs uitbetaald, ongeacht de vraag die er op dat moment naar
dat artikel is.
Wij kunnen met Uw afrekening in geen geval accoord gaan en
vertrouwen erop dat de Gemeente XXXXXXX Amsterdam de rest erbij
doet daar dat de enige weg is.
In afwachting,
Hoogachtend,
Firma Jan Muys,
[Handtekening] De brief is een formeel bezwaarschrift van de Firma Jan Muys uit Spakenburg gericht aan de Gemeentelijke Visafslag in Amsterdam. De kern van het geschil is de uitbetaalde prijs voor een levering van 625 kg gestoomde pos (een kleine zoetwatervis).
De firma heeft hiervoor een bedrag van 97,05 gulden ontvangen, maar gaat hier niet mee akkoord. Hun argument is dat de levering geschiedde in opdracht van de 'Nederlandsche Visscherijcentrale'. Volgens de afzender betekent een dergelijke opdracht dat de vastgestelde maximumprijs moet worden uitbetaald, ongeacht de marktwerking (vraag en aanbod) op dat moment. Zij refereren hierbij aan hun ervaringen met de Gemeente Utrecht, waar dit blijkbaar de standaardprocedure is. De firma eist dat de Gemeente Amsterdam het verschil alsnog bijpast.
Opvallend is de typefout in de laatste alinea, waarbij over het woord "Utrecht" heen is getypt met "XXXXXXX", waarschijnlijk omdat de schrijver uit gewoonte de stad invulde die net als goed voorbeeld werd genoemd. Dit document stamt uit oktober 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De economie was in deze periode strikt gereguleerd.
De Ned. Visscherijcentrale (Nederlandsche Visscherijcentrale) was een door de bezetter ingesteld distributie- en regelingsorgaan dat toezicht hield op de visserijsector. Om inflatie en zwarte handel tegen te gaan, werden voor veel levensmiddelen, waaronder vis, maximumprijzen vastgesteld door de overheid.
Spakenburg was (en is) een belangrijk centrum voor de visserij en visverwerking. Pos werd vaak gerookt of gestoomd geconsumeerd. De discussie in de brief illustreert de frictie tussen de lokale overheden (de visafslagen van Amsterdam en Utrecht) en de centrale distributieregels in een tijd van schaarste en prijsbeheersing. Het feit dat de firma aandringt op de maximumprijs suggereert dat de afslag in Amsterdam waarschijnlijk een lagere marktprijs heeft gehanteerd dan de firma op basis van de centrale verordeningen verwachtte. Gemeente Amsterdam