Officiële waarschuwingsbrief van een gemeentelijke instantie.
Origineel
Officiële waarschuwingsbrief van een gemeentelijke instantie. 19 oktober 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst Marktwezen in Amsterdam). Den Heer B. Schelvis, Albert Cuypstraat 146 II inw., Amsterdam-Zuid. Zie Mr. de Boer.
HG.
25/192/2 M.
Verzonden 21/10 - ’39
19 October 1939.
den Heer B.Schelvis,
Albert Cuypstraat 146 II inw.
Amsterdam-Zuid.
Wijk 14.
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 6 October jl.
op de markt Albert Cuypstraat heeft laten assisteeren,
terwijl U dezerzijds daartoe geen toestemming is verleend.
Ik waarschuw U hierbij, dit voortaan na te laten.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele berisping aan de heer B. Schelvis. Hem wordt verweten dat hij op de Albert Cuypmarkt hulp heeft gehad van een assistent zonder dat hij daarvoor de vereiste toestemming van de marktautoriteiten had gekregen. De brief eindigt met een officiële waarschuwing om herhaling te voorkomen.
* Vorm: De toon is afstandelijk en autoritair, kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit die tijd. De afkorting "inw." bij het adres staat voor "inwonend", wat aangeeft dat de ontvanger als onderhuurder of bij iemand anders in huis woonde.
* Administratieve sporen: De handgeschreven tekst "Verzonden 21/10 - ’39" laat zien dat de brief twee dagen na de dagtekening daadwerkelijk is verstuurd. De notitie "Zie Mr. de Boer" rechtsboven suggereert een interne verwijzing naar een juridisch adviseur of een specifieke functionaris binnen de dienst. * Tijdsbeeld: De brief dateert van oktober 1939. Hoewel de Tweede Wereldoorlog in september 1939 was uitgebroken, was Nederland op dit moment nog neutraal. De bureaucratische controle op de markthandel in Amsterdam was zeer strikt; voor bijna elke handeling (zoals het hebben van een hulpkracht) was een vergunning nodig.
* Locatie: De Albert Cuypmarkt was en is een van de belangrijkste markten van Amsterdam. Wijk 14 was een administratieve aanduiding voor dit deel van de stad (Amsterdam-Zuid/De Pijp).
* De ontvanger: De achternaam Schelvis was een veelvoorkomende naam binnen de Joodse gemeenschap in Amsterdam, waarvan velen in de markthandel werkzaam waren. In 1939 was er nog sprake van reguliere Nederlandse wetgeving, maar later onder de bezetting zouden deze marktkooplieden te maken krijgen met steeds strengere, discriminerende beperkingen en uiteindelijk deportatie. Dit document illustreert de normale administratieve gang van zaken vlak voor de inval. B. Schelvis M. Marktwezen