Officiële brief/correspondentie.
Origineel
Officiële brief/correspondentie. 31 oktober 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen-afdeling van de gemeente Amsterdam). Den Heer D. Wendel, 1e Jan van der Heijdenstraat 34 II, Amsterdam-Zuid. [Handgeschreven, rechtsboven:] Zev. M. de Raer.
[Handgeschreven:] Extra
KN.
25/195/2 M.
31 October 1939.
den Heer D. Wendel,
1e J.v.d. Heydenstraat 34 II,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 17.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 19 October jl.
verleen ik U hierby tot wederopzegging toestemming zich op Uw
plaats op de markt(en) Albert Cuypstraat
te laten bystaan - niet vervangen - door J. Visser, geboren 18
November 1872.
De Directeur, Deze brief is een formeel besluit waarin de heer D. Wendel toestemming krijgt om zich op zijn marktplaats aan de Albert Cuypstraat te laten bijstaan door J. Visser.
Enkele opvallende punten:
* "Tot wederopzegging": De toestemming is niet voor een vaste periode, maar blijft geldig tot de instantie besluit deze in te trekken.
* "Niet vervangen": Er wordt een expliciet onderscheid gemaakt tussen bijstand (hulp terwijl de vergunninghouder aanwezig is) en vervanging (waarbij de helper de plek overneemt). In dit geval mag J. Visser enkel helpen.
* Spelling: Er wordt gebruikgemaakt van de spelling met 'y' (hierby, bystaan, Heydenstraat), wat in die tijd nog veelvuldig voorkwam naast de 'ij'.
* Leeftijd assistent: J. Visser is op dat moment 66 of 67 jaar oud (geboren in 1872).
* Administratie: Het kenmerk "25/195/2 M." en de wijkvermelding "Wijk 17" wijzen op een strak georganiseerde gemeentelijke administratie van de Amsterdamse markten. Het document dateert van oktober 1939. Dit is een cruciale periode in de geschiedenis: de Tweede Wereldoorlog was net begonnen in Europa (september 1939), maar Nederland was op dat moment nog neutraal en niet bezet.
De Albert Cuypmarkt was toen al een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De regelgeving voor marktkooplieden was streng; men kon niet zomaar iemand anders op de kraam laten staan zonder officiële goedkeuring van de Directeur van het Marktwezen. De ontvanger van de brief, de heer Wendel, woonde in de 1e Jan van der Heijdenstraat, een straat die direct parallel loopt aan de Albert Cuypstraat, wat destijds gebruikelijk was voor marktkooplieden (wonen nabij de werkplek).