Archiefdocument
Origineel
25 oktober 1939. [Logo met de drie kruisen van Amsterdam]
MARKTWEZEN
AMSTERDAM HG.
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 25/199/1 M.
BIJLAGE _
ONDERWERP: _
[Handgeschreven tekst rechtsboven:] Verzonden 25/10 - 39.
AMSTERDAM (W.) 25 October 1939.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN den Heer J.H.Baars,
Dusartstraat 19 III,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 22.
Aangezien U gedurende langer dan drie weken in ge-
breke is gebleven, om het marktgeld, verschuldigd voor Uw
plaats op de markt Albert Cuypstraat
te betalen, waarschuw ik U hierby, dat U alsnog vóór 29 October
a.s. aan Uw verplichting moet voldoen.
Ik wys U er met nadruk op, dat, indien U langer in
gebreke blyft, de U verleende vaste plaats, ingevolge artikel
11 van het Reglement op de Markten, met ingang van 30 October
a.s. onherroepelyk wordt ingetrokken.
Indien een geldige reden U verhindert, om aan Uw
verplichtingen te voldoen (byvoorbeeld omdat U steun geniet;
in een ziekenhuis wordt verpleegd, enz.) dient U onmiddellyk
myn dienst hiervan in kennis te stellen, omdat dan kan worden
voorkomen, dat de intrekking plaatsvindt.
De Directeur,
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633. Dit document is een officiële schriftelijke waarschuwing (aanmaning) uitgegaan van de Dienst Marktwezen van de gemeente Amsterdam. De toon is formeel, dwingend en bureaucratisch. De brief is gericht aan een marktkopman, de heer J.H. Baars, die een achterstand heeft in het betalen van zijn stageld voor de Albert Cuypmarkt.
De kern van de boodschap is een ultimatum: als de schuld niet voor 29 oktober is voldaan, wordt de vaste standplaats per 30 oktober onherroepelijk ingetrokken op basis van artikel 11 van het Reglement op de Markten. Er wordt echter ook een sociale kant getoond door aan te geven dat bij geldige redenen (zoals ziekte of het ontvangen van steun) direct contact opgenomen dient te worden om de intrekking te voorkomen.
Opvallend is de spelling die typerend is voor die periode, zoals het gebruik van de 'y' in woorden als 'hierby', 'blyft', 'onherroepelyk' en 'myn', en de verouderde naamvallen zoals 'den Heer'. De brief dateert van 25 oktober 1939. De Tweede Wereldoorlog was op dat moment net uitgebroken in Europa (september 1939), maar Nederland was nog neutraal en niet bezet. De economische situatie was echter onzeker en voor veel kleine zelfstandigen op de markt was het een moeilijke tijd. Dit verklaart de verwijzing naar het 'genieten van steun' als een mogelijke reden voor het niet kunnen voldoen aan de betalingsverplichting.
Het "Marktwezen Amsterdam" was de gemeentelijke dienst verantwoordelijk voor de organisatie en het beheer van de markten in de stad. De Albert Cuypmarkt was in 1939 al een gevestigde en belangrijke markt. De locatie van de dienst aan de Jan van Galenstraat 14 bevond zich vlakbij de in 1934 geopende Centrale Markthallen, het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. De aanduiding "Wijk 22" in het adres van de ontvanger verwijst naar een oude administratieve onderverdeling van de stad Amsterdam.