Ambtelijke notitie of adviesbrief.
Origineel
Ambtelijke notitie of adviesbrief. 14 november 1939. [Het document begint midden in een zin/alinea]
Maatschappelijken Steun niet in aanmerking
komt, omreden hij onderhoudsplichtige bloedver-
wanten heeft, nl: zijne oudere aanvragen d.a.g.
op bovengenoemde gronden niet werden ingewilligd.
Mochten zijne beweringen juist zijn, hetgeen
mogelijk met medewerking van M.P. is na te gaan,
dan brengt m.i. de billijkheid mede, dat het besluit
van B. en W. betreffende ontheffing van marktgeld-
betaling in bepaalde gevallen op verzoeker worde
toegepast.
Amsterdam, 14 Nov. 39
[Handtekening, mogelijk G. Vermaat] De kern van dit document is een advies over een verzoek van een individu (de verzoeker) die financiële verlichting zoekt. Uit de tekst blijkt dat de verzoeker eerder is afgewezen voor reguliere 'Maatschappelijke Steun' omdat hij familieleden (bloedverwanten) heeft die wettelijk verplicht zijn hem te onderhouden (onderhoudsplicht). Omdat eerdere aanvragen op deze grond zijn afgewezen, stelt de schrijver van dit document een alternatieve route voor.
Indien de huidige beweringen van de verzoeker over zijn penibele situatie juist blijken te zijn — wat eventueel door de 'M.P.' (vermoedelijk de Maatschappelijke Politie, die indertijd huisbezoeken aflegde om de behoeftigheid te toetsen) gecontroleerd kan worden — adviseert de schrijver om uit "billijkheid" (rechtvaardigheid in een specifiek geval) een besluit van Burgemeester en Wethouders toe te passen. Dit besluit staat ontheffing van marktgeld-betaling toe in bijzondere gevallen. Dit suggereert dat de verzoeker een marktkoopman is die zijn vaste lasten niet meer kan dragen. Dit document stamt uit november 1939, een periode waarin Nederland gemobiliseerd was en de economische druk door de dreiging van de Tweede Wereldoorlog toenam. Het sociale zekerheidsstelsel was in die tijd nog sterk gebaseerd op de Armenwet, waarbij overheidssteun pas werd verleend als familieleden absoluut niet konden bijspringen.
In Amsterdam was het marktwezen een belangrijke bron van inkomsten voor de kleine middenstand, maar de verschuldigde standgelden (marktgeld) konden een zware last vormen. De overheid had de bevoegdheid om in schrijnende gevallen ontheffing te verlenen. De verwijzing naar "M.P." duidt waarschijnlijk op de Maatschappelijke Politie, een afdeling van de Amsterdamse politie die tot 1941 belast was met het onderzoeken van de sociale en financiële omstandigheden van burgers die aanspraak maakten op publieke voorzieningen of steun.