Archief 745
Inventaris 745-391
Pagina 106
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie (doorslag van een brief).

19 januari 1943. Van: Waarschijnlijk een afdeling binnen de gemeentelijke administratie (mogelijk de Marktwezen-dienst).

Origineel

Ambtelijke correspondentie (doorslag van een brief). 19 januari 1943. Waarschijnlijk een afdeling binnen de gemeentelijke administratie (mogelijk de Marktwezen-dienst). VD/HB.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

77/2/85 d M. 1. 19 Januari 1943.

Toelating als grossier
tot de Centrale Markt van
L.Schönhage.

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.8 dezer om advies ontvangen stuk no.99 L.M.1942, hebben ondergeteeken- den de eer U te berichten, dat bij een ter zake ingesteld on- derzoek het volgende is gebleken.

Gedurende een tiental jaren drijven de gebroeders L. en G.Schönhage tezamen een grossierszaak in groenten; aanvankelijk op de oude groentenmarkt aan de Marnixstraat en later in 2 pak- huizen op de Centrale Markt. Aangezien G.Schönhage het kapitaal bezat, stond de zaak op diens naam en zijn de pakhuizen op de Centrale Markt ook op diens naam verhuurd. L.Schönhage werd als firmant beschouwd en had als zoodanig ook als verkooper toe- gang tot de Centrale Markt. L.Schönhage verzorgde de inkoopen op de veilingen Roelofarendsveen en Ter Aar, doch weder op naam van zijn broer. L.Schönhage heeft dan ook op geen enkele veiling punten.

Thans doet zich het geval voor, dat G.Schönhage door den Inspecteur voor de Prijsbeheersching wegens overtreding van de Dit document is een ambtelijk advies over de status van de groentegrossier L. Schönhage. Uit de tekst blijkt dat de broers L. en G. Schönhage al tien jaar samenwerken, maar dat de zaak formeel volledig op naam van broer G. staat omdat hij het kapitaal inbracht. Dit omvat de huur van de pakhuizen op de Centrale Markt en de registratie bij veilingen.

De kern van het probleem is dat G. Schönhage in opspraak is geraakt bij de Inspecteur voor de Prijsbeheersching. Hoewel de zin halverwege wordt afgebroken, is de implicatie dat L. Schönhage nu probeert de zaak (of de toelating tot de markt) op eigen naam te krijgen, mogelijk om de bedrijfscontinuïteit te waarborgen nu zijn broer wordt vervolgd of gesanctioneerd. Het document benadrukt dat L. Schönhage weliswaar als firmant optrad, maar administratief geen "punten" (rechten/registratie) op de veilingen bezit. Het document dateert uit januari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening in bezet Nederland streng gereguleerd door de overheid. De "Centrale Markt" (de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam) was het zenuwcentrum voor de distributie van groenten en fruit.

De vermelding van de "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" is typerend voor deze tijd. Deze instantie zag toe op de naleving van de vastgestelde prijzen om de zwarte handel in schaarse levensmiddelen te bestrijden. Overtredingen konden leiden tot zware straffen, waaronder het intrekken van vergunningen. Het feit dat de wethouder om advies vraagt, duidt erop dat de beslissing over toelating tot de markt een politieke en economische gevoeligheid had in het kader van de voedseldistributie tijdens de bezetting. De oude markt aan de Marnixstraat waarover gesproken wordt, was de voorloper van de Centrale Markt en werd gesloten toen de nieuwe hallen in 1934 openden.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies over de status van de groentegrossier L. Schönhage. Uit de tekst blijkt dat de broers L. en G. Schönhage al tien jaar samenwerken, maar dat de zaak formeel volledig op naam van broer G. staat omdat hij het kapitaal inbracht. Dit omvat de huur van de pakhuizen op de Centrale Markt en de registratie bij veilingen.

De kern van het probleem is dat G. Schönhage in opspraak is geraakt bij de Inspecteur voor de Prijsbeheersching. Hoewel de zin halverwege wordt afgebroken, is de implicatie dat L. Schönhage nu probeert de zaak (of de toelating tot de markt) op eigen naam te krijgen, mogelijk om de bedrijfscontinuïteit te waarborgen nu zijn broer wordt vervolgd of gesanctioneerd. Het document benadrukt dat L. Schönhage weliswaar als firmant optrad, maar administratief geen "punten" (rechten/registratie) op de veilingen bezit.

Historische Context

Het document dateert uit januari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening in bezet Nederland streng gereguleerd door de overheid. De "Centrale Markt" (de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam) was het zenuwcentrum voor de distributie van groenten en fruit.

De vermelding van de "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" is typerend voor deze tijd. Deze instantie zag toe op de naleving van de vastgestelde prijzen om de zwarte handel in schaarse levensmiddelen te bestrijden. Overtredingen konden leiden tot zware straffen, waaronder het intrekken van vergunningen. Het feit dat de wethouder om advies vraagt, duidt erop dat de beslissing over toelating tot de markt een politieke en economische gevoeligheid had in het kader van de voedseldistributie tijdens de bezetting. De oude markt aan de Marnixstraat waarover gesproken wordt, was de voorloper van de Centrale Markt en werd gesloten toen de nieuwe hallen in 1934 openden.

Gerelateerde Documenten 1